Posts tonen met het label linzen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label linzen. Alle posts tonen

17 februari 2021

Pasta met linzen, kappertjes en oregano


Mjam! Dat was een lekkere pasta. Het leek wel wat op pasta puttanesca, hoewel deze sneller was (ik heb een nogal trage versie in het repertoire zitten) en met meer vulling. Doe jezelf wel een lol en gebruik lekkere olijven. Dat zijn niet van die goedkope, pikzwarte dingen, die volgens mij bijgekleurd worden, maar bijvoorbeeld de wat duurdere Kalamata- of Taggia-olijven.

Pasta met linzen, kappertjes en oregano
recept voor 2 grote en 2 a 3 kleine mensen

1 grote ui (zo’n 150 gr), gesnipperd
3 el olijfolie
2 tenen knoflook
1 (vers) laurierblad
2 pakjes tomato fritto
zout en peper
1 el gedroogde oregano
lik sambal oelek
zo’n 100 gr lekkere zwarte olijven (wat meer mag ook wel)
1 blik linzen (240 gr uitlekgewicht)
1 klein potje kappertjes (60 gr), uitgelekt
450 gr pasta (ik gebruik wat meer dan normaal)
optioneel: wat verse basilicum, geraspte kaas

Fruit de ui in de olie gedurende een minuut of 5. Voeg dan de knoflook toe, bak nog even een minuut en voeg dan ook het laurierblad en de tomato fritto toe. Breng op smaak met zout, peper, sambal en oregano. Breng dit aan de kook en laat het zacht pruttelen. Op dat moment begin je ook aan de pasta; kook die gaar in ruim water.

Maak de saus af met de linzen, olijven en kappertjes, en warm het goed door. Meng het dan met de pasta en serveer. Voor wie het wil kan daar een geraspte kaas naar keuze bij en wat basilicum.


16 januari 2021

Armeense groene linzensoep


 
Even twee reacties van onze tafelgenoten, niet toevallig de tweeling, bij het zien / eten van deze soep:

‘Dat ga ik echt niet eten. Kijk hoe het eruit ziet!’

‘Dit is de lekkerste soep ooit!’

Nee, ze zijn niet eeneiig, voor wie het zich afvraagt… Maar ik kan u dus ook niet zeggen dat de meningen unaniem waren. Zelf vond ik de soep best okee, maar misschien niet blogwaardig. Tot ik de volgende dag het restje opwarmde, met een stukje gorgonzola erin. Nou jongens, dat was super! Deze soep moet gewoon even een dag rusten. En er mag dus iets van kaas of dikke yoghurt in; dat haalt de soep enorm op.

Het is een recept uit het kookboek Veggiestan van Sally Butcher, een kookboek voor Midden-Oosterse vegetarische recepten en dit zou een Armeense soep moeten zijn. Maar ik heb het een beetje aangepast. Als ik het recept op de letter had gevolgd zou het ook een heel dikke stoofpot zijn geworden of in ieder geval iets dat ik geen soep kan noemen.

Hoe dan ook, een topping is altijd fijn. Het originele recept gebruikt daarvoor een mengseltje van gehakte, rauwe knoflook en gehakte walnoten, maar een dikke yoghurt is ook lekker, misschien zelfs met bruin gebakken uienringen erop? Of overweeg eens Iraanse kashk – een soort dikke creme fraiche, maar dan met een typische gefermenteerde geitensmaak; het is niet voor iedereen, maar persoonlijk vind ik het lekker in zo’n soep. En zoals hierboven gezegd is een stuk gorgonzola erin erg lekker… En een stevig stuk brood erbij natuurlijk ook.


Armeense groene linzensoep
Het liefste een dag van tevoren maken
Ik gebruik maatschepjes, waarbij 1 tl = 5 ml - dat is een grote theelepel

1 grote ui, gesnipperd
3 tenen knoflook, gesnipperd
50 gr boter
300 gr groene, gedroogde linzen
1 tl korianderpoeder
1 tl komijnpoeder
1 tl paprikapoeder
1,5 liter hete groente- of tuinkruidenbouillon
zout en peper
bosje dille (onmisbaar!!)
300 gr verse spinazie, gewassen en eventueel grof gehakt (ik laat de blaadjes heel)
1 blik (400 ml) gepelde tomaten, in grove stukken gesneden

En dus eventueel de zeer aan te bevelen extra’s zoals hierboven beschreven

Fruit de ui in de boter, in een grote soeppan. Doe de rest van de ingrediënten erbij, behalve de dille, spinazie en tomaten. Breng aan de kook en laat het 40 minuten sudderen met een deksel erop. Daarna doe je ook de spinazie, dille en tomaten erbij: ik doe er op dit moment 1 handje dille in en als ik het opwarm nog eens een handje. Laat de spinazie slinken en laat het nog even doorkoken.

Ik laat het nu afkoelen om de volgende dag te eten. Voeg de volgende dag water toe waar nodig als je de soep weer opwarmt; het zal wel een beetje indikken. Vergeet vooral niet om de soep goed op smaak te brengen met zout.


9 november 2020

Indiase dhal met geroosterde masala wortels



Dhal is een Indiaas gerecht van linzen, waarbij de linzen stuk worden gekookt. Je zou kunnen zeggen dat je dan linzenpap eet, maar dat klinkt minder smakelijk en jongens, dit is zo lekker… Het is romig en pittig, zoet van de wortels en warm van de specerijen. Dat kerriepoeder is niet erg authentiek, maar het werkt wel!

Ik gebruik hier de rode linzen van Valle del Sole, die je ook in zakjes bij de AH koopt. En in plaats van wortels zou je ook pastinaken kunnen roosteren. Ik had eigenlijk ook nog wat bladspinazie door de dhal willen mengen, maar die vergat ik mee te nemen. Volgende keer maar weer… 


Indiase dhal met geroosterde masala wortels
Bron: Riverford
Veganistisch (zonder ei) of vegetarisch recept voor 2 grote en 2 a 3 kleine mensen

750 gr wortel, geschild en in schuine, dikke plakken gesneden
2 grote uien, in parten
1,5 el garam masala
olie om te bakken en te roosteren
1 rode chili, gesnipperd of gewoon 1 tl sambal oelek
3 teentjes knoflook, gesnipperd
1,5 tl zwart mosterdzaad
stuk of 5 limoenblaadjes (uit de diepvries van de toko)
2 el milde kerriepoeder
225 gr gedroogde rode linzen
500 ml kokosmelk (2 tetrapakjes van Go-Tan)
3 tomaten, grof gehakt (maar 1 blik gepelde tomaten kan ook)
Zout naar smaak

Voor erbij:
naan of rijst
verse koriander, gehakt
eventueel: gebakken eieren

Verwarm de oven voor op 200 graden op de hetelucht stand.

Leg de wortels en uien in een braadslede, of op een bakplaat. Schud ze om met wat olie en de garam masala. Je hebt een volle bakplaat, maar zorg ervoor dat alles in een enkele laag ligt. Breng op smaak met zout en rooster het dan gedurende 25 minuten. De wortel zou dan zacht moeten zijn en ze beginnen te bruinen aan de randjes. Draai ze halverwege wel even om.

Ondertussen maak je de dhal: verhit 2 el olie in een pan en doe daarbij: chili of sambal, knoflook, mosterdzaad en limoenblad.  Bak op laag vuur gedurende een minuut.

Voeg dan het kerriepoeder toe, linzen, kokosmelk en tomaten, en ook 300 ml water. Breng het aan de kook en laat het dan ook 25 minuten lang zacht pruttelen tot de linzen zacht zijn en uit elkaar vallen. Roer af en toe. Leg er geen deksel op. Voeg wel water toe wanneer het te droog dreigt te koken. Uiteindelijk moet je een soort losse pap krijgen. Breng op smaak met zout. Strooi de koriander erover wanneer je klaar bent om te serveren.

Ik bakte er ook nog eieren bij, en je moet natuurlijk iets van naan of rijst klaarzetten. Serveer de wortels op of bij de dhal.

ps. Ik heb nog een andere dhal op dit blog staan. Ook lekker!



1 december 2019

Lasagne met linzen


Afbeelding van Susana Martins via Pixabay

Een dochter keek kritisch mee naar het fotograferen. ‘Als je hier een foto van maakt, gaat niemand het eten, hoor,’ zei ze fijntjes. En bedankt, schat. Maar ik geef toe dat een linzenlasagne een visuele uitdaging is. De foto hieronder is door de dochter goedgekeurd, want zo’n close-up was nog het charmantste… Hierboven even een algemeen plaatje, hoor… Maar je begrijpt: vieze dingen blog ik niet, dus je kunt het met een gerust hart maken :)
  

Lasagne met linzen
Vegetarisch recept
gebaseerd op een recept uit de Delicious van november 2019
recept voor 2 grote en 2 a 3 kleine mensen

1 middelgrote ui, gesnipperd
2 tenen knoflook, gesnipperd
2 el olijfolie
1 tl chilivlokken
2 tl gedroogde oregano
1 blikje geconcentreerde tomatenpuree (zo’n grote van 140 gr)
2 blikken van 400 gr bruine linzen (uitgelekt is dat 2 x 240 gr)
2 blikken tomaatblokjes (2 x 400 gr)
1 takje rozemarijn, de naalden gehakt (of desnoods een ruime tl gedroogd) en wat verse tijm (mag ook gedroogd – 2 tl)
2 el sojasaus (bv gewoon van het type Kikkoman, maar ik gebruikte ketjap manis, want ik vond dat de saus wel wat zoets mocht hebben)
1 bouillonblokje naar keuze (ik gebruikte paddenstoelenbouillon), verkruimeld
optioneel: ik had nog een restje rode pesto staan en er stond rode wijn open. Daar heb ik een eetlepel (de pesto) en een sliertje (de wijn) van toegevoegd. Hoeft dus niet, maar het kan ook geen kwaad
zout
125 gr crème fraiche
1 bol mozzarella (125 gr), in kleine stukjes
25 gr Parmezaanse kaas, geraspt
250 tot 300 gr lasagnebladen (ik gebruikte 3 lagen van elk 4 lasagnebladen)

Verder nodig: een ovenvorm van ongeveer A4 formaat

Fruit de uien even in de olie, in een flinke hapjespan. Voeg dan de knoflook toe, samen met de chilivlokken en oregano. Bak nog een minuut en voeg dan de tomatenpuree toe. Bak dit ook een minuut.
Voeg dan de linzen, tomaatstukjes, 300 ml water, rozemarijn en tijm, sojasaus en het bouillonblokje toe. Als je het gebruikt kan de pesto en wijn er nu ook in. Laat dit 10 minuten pruttelen. Breng verder op smaak met zout.  

Verwarm de oven voor op 180 graden.

Roer de crème fraiche los met de mozzarella en Parmezaanse kaas. Breng op smaak met wat zout.

Maak de lasagne: begin met een laagje saus in de vorm. Leg daar 3 of 4 lasagnebladen op. Herhaal dat twee keer. Je hebt dus uiteindelijk 3 pastalagen. Eindig met saus. De laatste laag daarop is het crème fraichemengsel. Ik kreeg dat niet glad gestreken, dus ik heb het zo’n beetje in hoopjes verdeeld over de saus.

Bak het nu gedurende 45 minuten. Als je de lasagne daarna 10 minuten laat staan, wordt hij iets steviger en is het beter te snijden.



6 augustus 2018

Parelcouscous met linzen, merguez-worstjes en chorizo


Gewone couscous is eigenlijk al een soort mini-pasta, maar bij parelcouscous is de vergelijking helemaal duidelijk. Het zijn eigenlijk een soort kleine pastabolletjes, welke je goed kan gebruiken voor salades of warme gerechten, maar vanwege de herkomst kom ik toch al snel uit bij Midden-Oosterse smaken. Ik maakte het hier met linzen, koriander en pittige merguez-worstjes, en hoewel niet Midden-Oosters, de couscous smaakte ook erg goed met de plakjes chorizo die ik eerst wat had uitgebakken, waarna de pasta weer de paprika-olie van de chorizo opslurpte.

Ik gebruikte de parelcouscous van Al’Fez, welke nu in veel supermarkten te koop is. 

Parelcouscous met linzen, merguez-worstjes en chorizo
recept voor 4 personen

400 gr parelcouscous (2 pakken van Al’Fez)
1 ui, gesnipperd
150 – 200 gr chorizo (van het stuk), in plakjes
2 blikken groene of bruine linzen (uitlekgewicht ongeveer 200 gram per blik)
1 bosje verse koriander
1 a 1,5 el ras el hanout (specerijenmengsel)
1,5 l groentebouillon
Griekse yoghurt voor erbij, maar een pittige tomatensalsa ofzo zou ook goed passen
400 a 500 gr merguez worstjes
olie om te bakken

Bak eerst de chorizo iets uit in een hapjespan. Daar hoeft geen olie bij. Als je het zacht opzet, loopt er vanzelf vet uit. Voeg daarna de ui toe en fruit deze samen met de chorizo gedurende 10 minuten.

Voeg de couscous en ras el hanout toe. Schep even om en voeg daarna 500 ml bouillon toe. Laat het 10 minuten zachtjes pruttelen en roer regelmatig door, maar blijf bouillon toevoegen wanneer dat nodig is. Het is net als met risotto; houd het vochtig en aan het einde moet je een beetje inschatten wanneer er niets meer bij hoeft. Ik gebruikte uiteindelijk 1300 ml bouillon.
Proef op het einde of er nog wat ras el hanout bij moet – ik kwam uit op 1,5 eetlepel in totaal.
Voeg dan ook de uitgelekte linzen en gehakte koriander toe en laat nog even meekoken.

Bak ondertussen de merguez bruin in een koekenpan. Serveer alles met een schepje yoghurt ernaast op het bord.



25 januari 2018

Pasta met chorizo bolognese (vegetarisch of vegan)


Vroeger had ik het hier op het blog al eens voorzichtig over veganistisch eten. En ik moet er nu wel een beetje lachen, want ik zette er toen nog net geen waarschuwing bij: “pas op: vegan, maar wel lekker!” Ik had altijd het idee dat ik me moest verantwoorden. Maar inmiddels is het dieet zo mainstream geworden dat niemand er meer van opkijkt en ik al helemaal niet. Laatst kocht ik zelfs een vegan kookboek en zag thuis eigenlijk pas dat het vegan was. Ook volg ik veel vegan blogs, maar ik buig de recepten vaak wel om naar vegetarisch. Ik gebruik normale kaas, geen sojamelk maar gewone melk, etc. Ook in dit recept is de pasta met linzen weliswaar volkomen vegan, maar ik doe er lekker geraspte, oude kaas op. En ketchup…

De linzen worden met allerlei specerijen op smaak gebracht zoals je dat in chorizoworst zou aantreffen. Denk aan komijn, koriander, een snuf kaneel en natuurlijk gerookte paprikapoeder (beslist gerookt en niets anders! De AH heeft het vast, en anders een Turkse winkel wel). Daar gaat wat zoet en zuur bij en een blik tomaatstukjes. Het resultaat heeft dus behoorlijk wat smaak, wat hier aan tafel goed op waarde werd geschat. Ook de kinderen smulden ervan en ik zal dit zeker nog eens maken!

Vegan Chorizo Bolognese
Bron: Rabbit&Wolves 

nb. Ik gebruik grote theelepels van 5 ml (maatschepje)

2 blikken bruine linzen van 400 gr (uitlekgewicht 2 x 240 gr)
scheutje olijfolie
1 teen knoflook, gesnipperd
2 tl komijnpoeder
1 tl korianderpoeder
1/4 tl kaneel
1/8 tl gemalen kruidnagel (slechts een snuf dus, maar de smaak is erg bepalend!)
1/2 tl oregano
1/2 tl tijm
1 tl zout
1/4 tl zwarte gemalen peper
1 tl gerookte paprikapoeder (en beslist niet iets anders!)
1/4 tl cayenne of iets anders heets
1 el azijn
125 ml rode wijn
1 el agavesiroop, honing of iets dergelijks (of meer naar smaak)
1 blik (400 gr) tomaatstukjes
300 - 350 gr pasta

Verhit de olie in een braad- of kookpan. Doe de knoflook erin en laat dit heel kort op laag vuur bakken. Het mag niet kleuren! Doe er de linzen bij en alle specerijen. Giet de azijn erbij en schep goed door. Laat dit een paar minuten bakken en giet er dan de wijn, agavesiroop/honing en tomaten bij. Laat dit 15 minuten op laag vuur pruttelen. Kook in de tussentijd de pasta gaar. Proef tenslotte of de saus nog iets nodig heeft (zout? Wat meer zoet?) en meng het daarna met de pasta. Serveren met kaas en eventueel (curry)ketchup.




3 januari 2017

Spicy linzen- en wortelsoep met falafel


Allereerst wens ik jullie een goed en gezond 2017! En laat ik voor de vorm dan maar starten met iets gezonds…

Mijn oog valt altijd op die recepten die net even anders zijn. Falafel ín de soep? Och, waarom ook niet. En het past dus ook ontzettend goed bij elkaar. De soep is waanzinnig smaakvol. Heel warm en geurig van de specerijen. Gerookte paprika! Kaneel! Komijn! Chili! En dat in een lekker gevulde soep van wortel, linzen en tomaat. En dan zijn we nog niet klaar, want daar mag ook nog een klodder dikke yoghurt bij en wat vers korianderblad. Die falafel mag ernaast of erin. En persoonlijk had ik er ook nog een Marokkaanse pannenkoek (m’semen) en tapenades van de Marokkaanse traiteur bij. Ik was dik tevreden. :)


De falafel kan je gewoon kant-en-klaar in de supermarkt kopen, of je maakt ze zelf van gedroogde kikkererwten. Een derde optie is een kant-en-klare mix waar alleen water bij moet (waarschijnlijk moet je daarvoor uitwijken naar een toko, Turkse supermarkt, etc)

Overigens zat ik laatst in een pizzeria waar de (beslist Italiaanse) kok kwam uitleggen hoe je zo’n pizza nou eigenlijk maakt en er kwam een verhaal over de tomatensaus, waarvoor hij met een groot blik Mutti gepelde tomaten aan kwam zetten. Maar ja, vertelde hij omstandig, dat was dan wel een Italiaans merk en dat was hier vast erg moeilijk te vinden…? Nee hoor, die hebben ze gewoon bij de AH, zei ik. Tegenwoordig hoef je voor veel dingen niet meer het land te verlaten. Soms is dat jammer. Zo ging ik vroeger vaak naar Duitsland voor speciale boodschappen, maar ook dat hoeft haast niet meer. Terwijl dat nou juist zo leuk was! Daar moest ik even aan denken toen ik voor deze soep inderdaad een blik Mutti gebruikte. AH heeft sowieso een hele reeks van dit merk, waaronder ook gepelde kerstomaatjes in blik. Lijken me ook lekker, maar die heb ik nog niet geproefd.


Spicy linzen- en wortelsoep met falafel
recept voor 4-6 personen
bron: Dish – een foodmagazine uit New Zealand

nb. Ik gebruik grote theelepels van 5 ml

2 el olijfolie
1 ui, gesnipperd of in dunne, halve ringen
500 gr wortels, geschild en grof geraspt
2 tenen knoflook, gesnipperd
1 tl gerookte paprikapoeder
1 tl kurkuma
1 tl komijnpoeder
1/2 tl kaneel
1/2 tl chillivlokken
1 el sojasaus (liefst de kikkoman-soort, niet ketjap manis, maar als je niets anders hebt, kom je er wel mee weg)
80 gr rode, gedroogde linzen
1 blik tomaatstukjes (400 gr) (of een blik gepelde tomaten welke je dus fijn knijpt)
1 liter tuinkruiden- of groentebouillon
eventueel 1 el citroensap
zout en peper

Voor erbij:
falafel, kant-en-klaar of zelf gemaakt
dikke yoghurt (bv Griekse yoghurt)
verse koriander

Verhit de olie in een grote kookpan en doe de uien, knoflook en wortel erbij. Laat het met een deksel op de pan rustig zacht worden. Wanneer het te droog is kan er een scheutje water bij.
Doe daarna alle specerijen, de linzen en de sojasaus erbij. Roer dit goed om, bak nog een minuut en voeg dan ook de tomaatstukjes en bouillon toe. Breng aan de kook en laat het op laag vuur in 20 minuten gaar worden.
Breng de soep dan verder op smaak met zout en peper, eventueel citroensap en proef of er eventueel nog wat specerijen bij mogen. Het mag goed gekruid smaken. Ik deed er zelf nog wat extra chilipoeder en kaneel bij.

Bak ondertussen de falafel bruin in wat olie en serveer deze bij of in de soep. Serveer met koriander en yoghurt. Erbij iets van pitabroodjes, Turks brood, etc. En misschien knoflooksaus erbij? Dit recept met cognac en een snuf suiker is erg lekker. Voor een slank begin van 2017 de creme fraiche en mayo vervangen met dikke (Griekse) yoghurt.




4 december 2016

Gebakken bloemkool met vadouvan crumble, rozijnen salsa verde en linzen vinaigrette


Qua kleuren sprankelt dit weer niet, maar daar moet je even doorheen kijken.

Wel eens het gezucht van een vegetariër gehoord dat ze in een restaurant weer niet verder komen dan pasta met paddenstoelen of de geitenkaassalade? Nou, een recept als dit zou daar heel goed het antwoord op kunnen zijn. De liefhebber kan het zelfs heel gemakkelijk veganistisch maken: alleen de boter en kookroom moeten worden vervangen met plantaardige alternatieven. En die bloemkool is op dit moment natuurlijk ook nog eens superhip. Kloeke stukken bloemkool zijn DE vleesvervanger op dit moment.

En nee, dit is niets voor doordeweeks. Het valt duidelijk in de categorie Uitgebreid Dineren, Kerst, Kookclub Uitsloverij, etc. En ook al werken de kleuren van het gerecht niet helemaal mee en is het geen dankbaar object voor de foto, het eindresultaat heeft echt alles in zich: iets knapperigs, zuur, zoet, romig, stevig, etc… er is over nagedacht. Kijk, ik ben niet zo’n ster in opmaken, dus dat trekken jullie zelf wel even recht, he? Maar serieus, verder is dit beslist een recept om op te slaan.

O ja, en het goede nieuws is ook dat alles, behalve de salsa verde, al eerder op de dag kan worden gemaakt en bewaard. Je hebt dan uiteindelijk maar heel weinig werk aan de samenstelling.

Vadouvan is een kerriemengsel, welke je in de supermarkt in een zakje van Verstegen kan kopen. Het is van origine Indiaas, maar de soort die hier is blijven hangen is beïnvloed door de Fransen. Het is bitterder dan gewone (Madras) kerriemengsels, maar ook heel geurig (wel op een heel andere manier). Vervang het desnoods met een gewone milde kerriepoeder.


Gebakken bloemkool met vadouvan crumble, rozijnen salsa verde en linzen vinaigrette
Bron: chef Charis Wahl, van restaurant Gather in Californië, USA
recept voor 4 personen (als onderdeel van een uitgebreid menu)

Het zijn 5 losse bereidingen die aan het einde alleen maar samen worden gebracht op het bord, dus ik schreef hieronder losse recepten voor elk onderdeel:

nb. Ik gebruik grote theelepels van 5 ml!

De crumble:
40 gr havermout
60 gr blanke hazelnoten
45 gr sesamzaad
50 gr roomboter
1 el (15 ml) vadouvan (of desnoods een milde kerriepoeder)
1 opgehoopte el suiker
1 tl zout

Verwarm de oven voor op 135 graden (125 graden hetelucht). Hak de hazelnoten grof.
Smelt de boter, samen met de suiker, zout en vadouvan. Doe hier de rest van de ingrediënten bij en meng het. Spreid het uit over een met bakpapier beklede bakplaat. Bak dit 25 minuten, verhoog daarna de temperatuur naar 160 graden (150 hetelucht) en bak het nog eens 15 minuten. Haal het uit de oven en laat het afkoelen. Afgedekt bewaren tot gebruik.

De linzen vinaigrette:
2 el arachide- of zonnebloemolie
75 gr rode ui, heel fijn gesnipperd
75 gr bleekselderij, heel fijn gesnipperd
75 gr wortel, heel fijn gesnipperd
1 ½ tl vadouvan
1 grote teen knoflook, gesnipperd
4,5 el witte wijnazijn of appelciderazijn
3 el olijfolie
60 gr linzen (Pardina, Beluga of De Puy – soorten die mooi stevig blijven)
zout naar smaak

Verhit de olie in een kleine (steel)pan. Doe de uien, wortel en bleekselderij erin en ‘zweet’ de groente op heel laag vuur tot het gaar is. Het mag niet kleuren! Voeg dan de knoflook en vadouvan toe, fruit nog eens 2 minuten. Haal dan van het vuur en roer er de azijn en olie door. Zet dit apart.

Ondertussen in een andere pan de linzen gaar koken in ongeveer 20 minuten, in gezouten en ruim water. Laat de daarna heel goed uitlekken en doe ze na even afkoelen bij het groentemengsel. Breng op smaak met zout (en desnoods nog wat azijn, waar nodig). Afgedekt bewaren tot gebruik.

De bloemkoolpuree:
2 el arachide- of zonnebloemolie
75 gr gewone ui, in halve ringen
1 grote teen knoflook, gesnipperd
120 gr aardappels, geschild en in kleine stukjes
375 gr bloemkool, in stukjes gesneden (zie onder bij gebakken bloemkool, je kunt eventueel de afsnijdsels gebruiken wanneer je een zeer grote bloemkool hebt)
125 ml groentebouillon (van een half bouillonblokje)
125 ml kookroom
Snuf witte peper en zout naar smaak

Fruit de ui in de olie op zeer laag vuur tot het helemaal gaar is. Niet laten kleuren! Voeg de knoflook toe en fruit nog 1 minuut. Voeg daarna de aardappels, bloemkool, kookroom en bouillon toe. Breng het aan de kook en laat het gaar koken.
Breng op smaak met witte peper en zout. Pureer alles met een staafmixer of blender tot het helemaal fijn gemalen is. Druk dit ook nog eens door een zeef. Zet het apart tot later gebruik.

Gebakken bloemkool:
1 niet te kleine bloemkool
Arachide- of zonnebloemolie

Je kunt 2 kanten op: of je maakt grote bloemkoolroosjes en snijd deze doormidden, of je snijd de bloemkool in dikke plakken van 2 cm. Bij de laatste optie maak je dus kloeke plakken en je houdt er veel afval aan over – hoewel je van de afsnijdsels prima soep kan maken. Of je gebruikt het voor de puree hierboven. Bij de bloemkoolrozen gebruik je het meeste van de bloemkool. En ik denk dat roosjes mooier presenteren bij een klein opgemaakt bord. Als je plakken maakt zal je waarschijnlijk 2 bloemkolen nodig hebben. Je hebt in ieder geval zo’n 700 tot 800 gram nodig voor het gerecht.
Doe een laag olie (zeker 1 cm) in een stevige (gietijzeren) koekenpan, verhit het, en bak de bloemkool er in porties goudbruin in. Leg ze apart, bestrooi met zout en bewaar tot gebruik.

De salsa verde:
4 el dragon, gehakt
4 el peterselie, gehakt
2 el sjalotten, zeer fijn gehakt
1 tl witte wijn azijn
125 ml olijfolie
zout naar smaak
100 gr donkere rozijnen, een uur geweekt in heet water

Alles samenvoegen. Niet te lang van tevoren bereiden!

Opmaak / finale bereiding:
Eventueel nog nodig: wat extra vadouvan om op het bord te strooien

De vinaigrette, crumble en salsa verde serveer je op kamertemperatuur.
Verwarm de bloemkoolpuree in een pan. Verwarm de gebakken bloemkool door deze tien minuten op een hete bakplaat te leggen in een oven van zo’n 175 graden.
Spreid een schep puree op een bord uit. Leg er wat gebakken bloemkool op. Schep de linzenvinaigrette en crumble eromheen. Schep wat salsa verde op de bloemkool. Bestuif het eventueel hier en daar met extra vadouvan.




12 februari 2016

Indiase dhal met spinazie, papadums en een gebakken ei


Een nieuwe favoriet, hoewel de kinderen mopperden over de spinazie die niet vermomd, en dus in zijn naakte realiteit, op hun bord lag te ‘shinen’. Nou goed, daar valt nog wel een mouw aan te passen in de toekomst, maar de dhal zelf was erg lekker, en wordt alleen maar lekkerder met allerlei hapjes erbij. Ik was zelf dus wél erg tevreden met de spinazie, de papadums en het gebakken eitje. Doe daar ook nog wat chutney bij (ik had een paar maanden geleden een erg lekkere kruisbessenchutney gekocht op een oogstmarkt van een volkstuin, maar de chutneys van Geeta's zijn ook erg lekker) en je bord is compleet.

Dhal is eigenlijk bijna een soort erwtensoep, maar dan Indiaas en van linzen gemaakt. Het is ook behoorlijk stevig. In de pan kan het nog vrij soepig zijn, maar als je even wacht dikt het al in. Toen ik het voor de foto opschepte deed ik de dhal in een kom, maar na de foto kon het ook zo op een bord geschept worden, en was de kom niet eens meer nodig.

Papadums zijn het Indiase equivalent van kroepoek, maar dan gemaakt van linzenmeel. Je maakt ze heel makkelijk zelf. Haal zo’n doosje ongebakken papadums; AH heeft die van Patak’s vast wel staan. Nu kan je ze frituren, maar ze gaan net zo goed in de magnetron, wat natuurlijk een stuk slanker is. Op de doos van Patak’s staat het ook beschreven, maar je moet de plakken dus heel dun aan één kant insmeren met wat neutrale olie (bijvoorbeeld zonnebloem- of arachideolie) en 1 plak per keer ‘zappen’ in de magnetron, tussen 2 velletjes bakpapier. Het gaat heel snel en zo’n pak ‘bak’ je binnen een paar minuten.

Het recept hieronder is gebaseerd op een recept uit Jamie’s laatste boek (Superfoods), maar ik vond de dhal van Anjum Anand interessanter, dus die heb ik omgeruild.


Indiase dhal met spinazie, papadums en een gebakken ei
recept voor 3 personen, of 2 grote en 2 a 3 kleine mensen
nb. ik gebruik grote theelepels van 5 ml

voor de dhal:
250 gr rode linzen
3 el olie of ghee (maar het liefste ghee)
1 el komijnzaadjes
1 kleine ui, gesnipperd
beetje gehakte rode peper of wat sambal oelek naar smaak
2 cm verse gember, gehakt
3 tenen knoflook, heel fijn gesnipperd
300 gr tomaatstukjes uit blik
¾ tl kurkuma
1 tl garam masala
1½ tl korianderpoeder
zout en peper
handje verse, gehakte koriander

Doe de linzen, samen met 750 ml water, in een pan en breng aan de kook. Haal er eventueel schuim af tijdens het koken. Dek de pan af met een deksel en laat het 35 tot 40 minuten zachtjes pruttelen op het laagste vuur, terwijl je af en toe roert. Voeg water toe wanneer het te droog dreigt te worden. De linzen zullen uit elkaar vallen en het lijkt daarna op een dikke pap. Roer stevig door om de linzen verder te breken en zet het daarna opzij. Je kunt dit desnoods eerder voorbereiden en pas later verder gebruiken.

Ondertussen de olie of ghee verhitten in een braadpan of hapjespan. Voeg de komijnzaadjes toe en bak dit 20-30 seconden. Voeg de ui, chili of sambal, en gember toe. Bak dit 4 a 5 minuten totdat het bruin begint te kleuren en voeg dan ook de knoflook en tomaatstukjes toe. Roer goed door.

Voeg de specerijen en 100 ml water toe. Breng op smaak met zout en laat het 15-20 minuten zacht pruttelen. Het mengsel zal droger worden en de olie zal weer vrijkomen. Voeg dan de linzen toe en meng het goed. Voeg water toe waar nodig. Voeg de koriander toe wanneer je klaar bent om te serveren.

Regel ondertussen ook de andere lekkernijen:
600 gr (wilde) spinazie, kort geroerbakt en op smaak gebracht met wat zout
2 papadums per persoon (zie bereiding boven)
1 gebakken ei per persoon
chutneys



2 november 2015

Pilaf deel 5 - Egyptische koshari van Ottolenghi




Met khichdi begon dit hele verhaal dus ooit. Ik vond het altijd zo mooi hoe de Indiase khichdi, Egyptische koshari (of kosheri) en Britse kedgeree verwant zijn, hoewel ze, als je ze onder de loep neemt, niet meer zoveel met elkaar te maken hebben. Zo is de Britse kedgeree een rijstgerecht met gerookte vis, gekookte eieren en kerriepoeder. Britse kolonisten namen het in de tweede helft van de 19e eeuw mee uit India en introduceerden het thuis als ontbijtgerecht, waar de exotische schotel direct populair werd. Maar het recept is op de terugweg wel een beetje zoek geraakt, want in India is khichdi (nb. ongeveer hetzelfde uitgesproken als ‘kedgeree’) een ‘comfort food’, bijna pap, gemaakt met linzen en weinig specerijen. Je geeft het aan je kinderen wanneer ze hun eerste vaste voedsel krijgen, of aan zieken die licht moeten eten. Het is tempelvoedsel, of je eet het tijdens het regenseizoen of festivals. Er zijn simpele recepten te vinden, maar ook heel erg uitgebreide, en er zijn nattere en drogere varianten van khichdi te vinden. Kortom, je kunt er alle kanten mee op. Vooral in Gujarat (in het Noordwesten van India) is het nog steeds populair. Men eet het daar ook wel met kadhi, een soort soep van yoghurt en specerijen, licht gebonden met kikkererwtenmeel. Verder is khichdi een erg oud recept. Het gaat terug tot wel halverwege de 14e eeuw, op welk moment het al werd genoemd in een reisverhaal van Ibn Battuta¹. 

bron: holycowvegan.net / khichdi

Het Egyptische gerecht stamt ook uit India. Het werd in het midden van de 19e eeuw meegenomen door Indiërs, op een moment dat het een drukte van belang was in Egypte. De aanleg van het Suezkanaal zorgde voor de aanwas van een diverse groep immigranten. Deze lagere klasse had vooral toegang tot produkten als rijst, linzen, macaroni (vast een duit in het zakje van de ruimschoots aanwezige Italianen), kikkererwten, tomaten, uien, knoflook en olie. Als je dat bij elkaar gooit in een pan kom je uit bij koshari... Zo simpel zat het waarschijnlijk wel in elkaar. Het werd eerst alleen buiten op straat verkocht, maar toen het populair werd, werd het ook aangeboden door restaurants. Nog steeds is koshari bijzonder populair en bepaalde restaurants hebben zich erin gespecialiseerd. Het enige wat ze aanbieden is dus koshari, koshari en koshari. Het gerecht is in principe vegetarisch of veganistisch en wordt niet gegeten met vlees of vis, hoewel een setje köfte (gehaktballetjes) er niet bij misstaat... Ook platbrood wordt nog wel getolereerd.

mijn eigen kedgeree (link hieronder)

Het recept voor kedgeree (nou ja, een variant daarop) heb ik al eens geblogd, de khichdi (recept in de link) staat naar mijn idee wel erg ver af van onze Westerse smaak, dus volgt hieronder de koshari. En welk ander recept kon ik kiezen dan die van Ottolenghi, die het bij onze buren (en daarna in andere landen) zo hip wist te maken?

En? Was het wat? Ja! Comfort food! Ik wantrouwde dit recept het meeste van alle pilafs, waarom weet ik niet… Maar het is een gul, warm gerecht. Warm door de kaneel en net wat pittig door de rode peper (en ik was daar erg zuinig mee). Maar nadat laatst de vegetarische paella (komt nog...) wel erg uitgekleed bleek, gebruikte ik hier toch kippenbouillon en een gebakken eitje erop, want alleen rijst en saus leek me wat karig. Ook de kinderen vonden dat een goed idee. Ze aten alles keurig op.

Koshari van Ottolenghi
recept voor 3 personen, of 2 grote en 2 of 3 kleine mensen
bron: Ottolenghi - The Cookbook

Voor de tomatensaus:
4 el olijfolie
2 tenen knoflook, gesnipperd
2 rode chilipepers, gesnipperd, zonder zaadlijsten (of naar smaak! Ik gebruik gewoon 1 theelepel sambal oelek vanwege de kinderen…)
8 rijpe tomaten, ontveld en in stukjes (of 2 blikken tomaatstukjes van 400 ml – waarschijnlijk ook lekkerder)
370 ml water (ik vond dit veel te veel – kijk maar even hoe dun je het wilt maken. De dikte van ketchup is goed)
4 el (appelcider)azijn
3 tl zout
2 tl komijnpoeder
20 gr vers korianderblad, grof gehakt

Voor de rijst:
200 tot 250 gr gedroogde (groene) linzen (de Puy linzen bv zijn mooi stevig). Snelle versie? Pak een blik linzen en voeg dat aan het einde toe
200 gr basmati rijst
40 gr roomboter
50 gr vermicelli (korte stukjes)
400 ml kippenbouillon of water
½ tl nootmuskaat
1 ½ tl kaneel
1 ½ zout
½ tl zwarte peper

Voor de topping:
4 el olijfolie
2 grote (witte) uien, gehalveerd en dun gesneden

Begin met de saus: verhit de olie en fruit de rode peper en knoflook kort (2 minuten) op laag vuur, want anders verbrandt de knoflook. Voeg dan de andere ingrediënten, behalve de koriander, toe. Laat de saus 20 minuten pruttelen. Voeg er dan de koriander aan toe en zet het apart. Je kunt het straks koud of warm bij de rijst serveren.

Voor de koshari: spoel de linzen schoon. Breng een pan met ruim water aan de kook en kook hierin de linzen voor ongeveer 25 minuten. Ze moeten gaar zijn, maar niet papperig, dus proef iets eerder of ze al goed zijn. Laat ze uitlekken en houd ze apart.

Spoel de rijst goed af om het zetmeel eraf te spoelen. Smelt de boter in een pan. Voeg de rauwe vermicelli eraan toe en bak ze tot ze goudbruin worden. Voeg de uitgelekte rijst toe en roer zodat alles bedekt is met boter. Voeg de rest van de ingrediënten toe (maar niet de linzen) en breng het aan de kook. Laat het 12 minuten pruttelen met het deksel op de pan. Zet daarna het vuur uit en laat de pan nog eens 5 minuten staan. Als je pan niet goed afsluit, moet je een theedoek tussen deksel en pan leggen en deze boven het deksel vastknopen.

Ondertussen de uien bruin bakken in de olie. Het is het lekkerste om hier uitgebreid te tijd voor te nemen: hoe lager de hitte, hoe zoeter de uien worden. Witte uien zijn overigens ook zoeter dan gewone gele uien.

Voeg de linzen en het meeste van de uien bij de rijst en schep door. Leg het restant van de uien er bovenop. Serveer met de saus.


¹ Ibn Buttata – waarom zijn er altijd zoveel leuke lijntjes als je gaat graven in geschiedenis? De heer Ibn Buttata was een Marokkaanse ontdekkingsreiziger (1304 – 1368 of 1369). Zijn volledige naam luidde Abdullah Mohammed ibn Abdullah ibn Mohammed ibn Ibrahim al-Lawati ibn Battuta. In 1325 vertrok deze Berber vanuit Tanger, richting Mekka om de Hadj te volbrengen. Daarna keerde hij echter niet terug naar huis, maar hij bleef reizen, langs vele landen in Azië (waaronder dus India), het Midden-Oosten, Afrika, China, etc… Na 25 jaar kwam hij uiteindelijk weer terug in Tanger. Zijn verhalen werden opgetekend in een boek genaamd Rihla (Reizen). Over khichdi schreef hij dus ook in dit boek ('munj' zijn de linzen): de munj (Moong) wordt gekookt met rijst, afgemaakt met boter en gegeten. Dit noemen ze Kishri, en ze eten het elke dag als ontbijt.


23 oktober 2015

Pilaf deel 2 - Iraanse polo



Iedereen kent wel het verhaal dat Eskimo’s¹ meer dan 20 benamingen voor sneeuw² hebben en het lijkt mij ook heel aannemelijk. Wanneer je er de hele dag in zit maakt het nogal uit of het vers gevallen sneeuw is, poedersneeuw, harde sneeuw, smeltende sneeuw, etc. Ik moest daar aan denken toen ik bezig was met deze recepten, want het kwam mij voor dat ze een dergelijk fenomeen ook in Iran hebben, maar dan met rijst. Want je hebt er niet alleen het gewone woord voor rijst (berenj), maar ook een speciaal woord voor rijst die is voorgekookt en daarna gestoomd (chelo), rijst die in een afgemeten hoeveelheid vocht is gegaard (kateh), rijst die samen met rauwe toevoegingen zoals bonen wordt gekookt (damy), de krokante rijstlaag aan de onderkant van de pan (tahdig) en dan natuurlijk ook nog polo, oftewel pilaf… en met die polo ontsluit je ook weer een wereld aan rijstgerechten. Maar dat is teveel voor een blogartikel… Daar kan je gerust een heel blog aan wijden. Want rijst koken is ‘serious business’ in Iran. Ik las ergens de zin: ‘Persians breath rice’. En de standaard ligt nog hoog ook: rijst hoort luchtig te zijn, alle korrels moeten droog en los van elkaar zijn en plakkende rijst is een zonde. En dat is best een lastige opgave. Plakrijst is simpel, maar een perfect droge korrel? Hm... hoe doe je dat eigenlijk? Het geheim is vooral het langdurige stomen en weinig vocht.

In het kort de Iraanse methode om rijst te koken:

Kateh – de simpelste. Rijst wordt, met de toevoeging van een beetje gesmolten boter of olie, gekookt in een afgemeten hoeveelheid water tot het vocht geabsorbeerd is. Er wordt op het laagste vuur gekookt en het neemt wel 30 tot 40 minuten in beslag. Overigens is deze rijst nou net niet droog. Het kan nog wat plakkerig blijven, of hoe meer water je toevoegt, hoe plakkiger de rijst zal koken.

Chelo of chelow – Rijst wordt gespoeld, geweekt en voorgekookt. Na het afgieten wordt de rijst verder gaar gestoomd met nog maar weinig extra vocht. Ook hier duurt het stomen minstens 40 minuten. Door de toevoeging van olie en saffraan op de bodem van de pan zal je een goudgele, knapperige rijstkorst krijgen. Deze tahdig (letterlijk ‘bodem van de pan’) wordt zeer gewaardeerd.

Polo, polow of pulao – feitelijk hetzelfde als chelo, maar bij het stomen worden er laagjes groente, vis of vlees toegevoegd. Voila, de pilaf is geboren…


stukje tahdig

Die tahdig kan je trouwens ook met een yoghurt/eimengsel op gang helpen, of je legt plakjes aardappel of platbrood op de bodem. Voor wie geïnteresseerd is, zal ik aan het einde van dit blog enkele Iraanse/Engelstalige blogs noemen. Die leiden je vanzelf naar de hogere school van de tahdig. Dan kan je mooi zelf bepalen wat je er nou van vindt. Want de mooie, droge rijst is zeker het wachten waard, maar de tahdig? Tja... ik weet het niet. De krakende rijst geeft een leuke extra dimensie aan je pilaf, maar alleen dat zou voor mij niet de drie kwartier koken waard zijn. Maar goed, je krijgt het er gratis bij, dus misschien ga ik het als Hollandse nog wel waarderen.

Morasa Polo / bron: shohreh75.blogspot

Maar ondertussen moest ik nog een polorecept uitzoeken. Dat duurde even, want er is veel te vinden. Zo kwam ik de ‘bogoli polo’ tegen; een pilaf met tuinbonen en dille, liefst met kip erbij, gestoofd met gedroogde limoenen en specerijen, en dan een schep dikke yoghurt ernaast... 


bron: sbs.com.au - Baghali (bogoli) polo

Er is ook ‘shirin polo’ met kip, waar ook nog eens een paar scheppen suiker door gaan. Of de ‘morasa polo’, wat een uitbundige pilaf is met kip, zuurbessen, noten, rozijnen, citrusschil en saffraan. Die zuurbessen zijn wel een dingetje trouwens. De zure, rode besjes (ze doen vaag denken aan wat zure minicranberry’s) heten zereshk (of ‘barberries’ in het Engels) en je komt ze in veel recepten tegen. Bijvoorbeeld in ‘zereshk polo’, wat een simpele pilaf is van gewone witte rijst, met rijst die geel gekleurd is met saffraan, wat vervolgens versierd wordt met de bessen.




Maar nee, uiteindelijk werd het een pilaf zonder vlees. Omdat al die pilafs al van oudsher meestal met vlees worden gemaakt, en ik wilde toch ook iets vegetarisch maken. Veganistisch werd het zelfs. Een hele rijke polo met De Puy linzen, medjool dadels en gele rozijnen. Met een subtiel beetje kaneel en komijn. Dit recept moest het blogrecept zijn voor Perzische rijst, niet minder dan de wieg van de pilaf. Polo, de moeder aller pilafs. Nou, qua bereidingstijd staat deze polo inderdaad bovenaan de lijst! Trek er gerust anderhalf uur voor uit. Maar dat is wel standaard in Iraans koken. Ik schreef al eerder over een Iraanse soep en een zoetzure stoofpot. Ik had daarin het volgende te melden over de Iraanse keuken:

Eén van de kenmerken van de Perzische keuken is de belachelijk grote hoeveelheid verse kruiden die ze gebruiken. Bóssen dille, koriander, peterselie en munt heb je nodig. En die worden allemaal fijngehakt. Soep is de ziel van de Perzische keuken (ik heb begrepen dat het woord voor keuken letterlijk vertaald ‘de kamer waar soep wordt gemaakt’ betekent). Maar van stoofpotten houden ze ook. En rijst, rijst, rijst. Misschien heb je wel eens gehoord van die rijst met de knapperig gebakken korst onderin de pan (tah-dig). De trots van de kok, en bewijs dat je kunt koken.

De smaken zijn mild. Er komt geen rood pepertje aan te pas in deze keuken. Wel lang gesudderde gerechten, met een beetje zoet, een hint van zuur. Linzen, noten, dadels, vlees, yoghurt, aubergine, spinazie en bergen kruiden; daar moet ik nu aan denken als ik wat ingrediënten zou moeten noemen.

En tijd. Daar moet je ook genoeg van hebben. De Perzische keuken gaat heeeel langzaam. Het suddert, pruttelt of bakt langzaam korstjes. Rijst koken bijvoorbeeld is bepaald niet iets dat je in 8 minuten doet met een pakje Lassie. Daar ben je zomaar twee uur mee verder als je het goed wilt doen. Of een kipje verpakt in een laag van gehakt? Niet echt een klusje dat je even na het werk aanpakt.

Ook deze polo sluit daarbij aan. De smaken zijn niet heftig en het is zelfs vrij zoet. De specerijen zijn subtiel en je kunt er nog makkelijk van alles bij eten. Voor de Hollander die gewend is aan zware Indonesische smaken is het even wennen. Overigens was de Perzische polo dan wel het startpunt voor alle andere pilafs in de wereld, het is toch niet het meest origineelste recept. In Centraal Azië hebben ze zich meer aan het oerrecept gehouden, maar hét voorbeeld daarvan, de Oezbeekse plov, volgt in het volgende blog!


Adas Polo – Iraanse pilav met linzen, dadels en rozijnen
veganistisch recept voor 4 personen
Nb. Ik gebruik theelepels van 5 ml / dit recept neemt anderhalf uur in beslag!

0,1 gr saffraandraadjes
1 tl suiker
400 gr basmatirijst
200 gr linzen (de soort De Puy blijft mooi stevig)
zout
1 middelgrote ui, in kwarten en daarna in dunne plakjes
½ tl kurkuma

150 gr dadels (liefst zachte medjools, niet de kleinere, harde soort)
100 gr rozijnen
1 tl kaneel
½ tl komijn
olie om te bakken

De saffraan verpulverde ik in de vijzel met behulp van een theelepel suiker. Desnoods kan je het ook met behulp van wat suiker (of zout!) met een mes heel fijn snijden. De korrels helpen dan om de saffraan fijn te krijgen. Daarna week je de saffraan in 4 a 5 eetlepels warm water. Zet dit apart.

Spoel de rijst uitvoerig in een vergiet onder stromend water tot het spoelwater bijna helder is. Het zal eerst melkachtig wit zijn van het zetmeel. Laat de rijst daarna 30 minuten weken in lauw water waar ook een eetlepel zout in is opgelost.


Ondertussen een pan gezouten water aan de kook brengen. Voeg de linzen toe wanneer het water kookt en kook ze 15 minuten. Giet ze daarna af in een vergiet, laat ze iets koelen onder koud water en zet het apart.

Laat de ui op niet te hoog vuur in wat olie fruiten tot het kleur krijgt. Voeg de kurkuma, kaneel, komijn, dadels, rozijnen en linzen toe, schep nog even door en zet het dan ook apart.


Breng weer ruim water aan de kook, doe de rijst erin en kook het precies 6 minuten. Giet de rijst af.

Neem een stevige pan met dikke bodem en een goed sluitend deksel (ik gebruikte mijn gietijzeren creuset) en bedek de bodem met een dun laagje olie. Voeg daar 2 eetlepels van het saffraanwater aan toe. Schep er voorzichtig een laagje rijst op. Maak dan een laagje van het linzen/dadelmengsel en daarna weer een laagje rijst. Wissel het zo af en bouw een bergje ervan in het midden van de pan. Steek met de steel van een pollepel 3 of 4 gaten in de rijst, tot aan de bodem van de pan, om de rijst te helpen met het stomen. Giet er daarna het restant van het saffraanwater op, plus 2 eetlepels olie. Doe het deksel op de pan en zet het tien minuten op middelhoog vuur. Leg daarna een theedoek (of keukenpapier) tussen pan en deksel (om alle stoom binnen de pan te houden) en knoop de doek omhoog boven het deksel, zodat je veilig door kunt koken en er niets in brand zal vliegen... Zet het vuur laag en laat het zo nog 40 minuten verder stomen op het vuur. Haal het deksel er niet meer af! Ook niet na die 40 minuten: zet de pan eerst een momentje in een laagje koud water in de gootsteen om de tahdig los te maken van de bodem. Pas daarna kan je de rijst mengen en uit de pan scheppen. Als je het overschept op een schaal, dan steek je er daarna de krokante tahdig laag eruit. Serveer die in stukken bij de polo.

Iets van ingemaakt zuur past er goed bij, net als een schep koude, dikke yoghurt. Meneer is gewend aan pittige rijst. Hij at de dag erna het restant op met een Indiase uienchutney... Het kan allemaal.


¹ Eskimo’s heten geen Eskimo’s, maar Inuit of Yupik (Alaska). Het is een mythe dat het woord Eskimo een belediging zou zijn, maar het is ook geen zelfgekozen naam.
² Op zich is het waar dat de Inuit of Yupik ruim 20 woorden voor sneeuw hebben, maar die hebben wij ook wel (hoewel de Engelsen er nog beter in zijn. Het Engels bevat sowieso veel meer woorden dan het Nederlands): sneeuw, ijs, ijzel, hagel, poedersneeuw, stuifsneeuw, sneeuwvlokken, sneeuwbui, etc. Meer informatie vind je in deze wikipedia linkOndertussen kunnen we wel vaststellen dat wij niet meerdere woorden hebben voor rijst...

Wie meer wil lezen over de Perzische/Iraanse keuken kan bij deze Engelstalige blogs terecht:



27 september 2014

Kruidige linzenpilav met satesaus


Even een blog zonder commentaar. Moe is moe en gaat hierna weer in de zon zitten. Moet ook wel eens kunnen.
Maar de rijst met satesaus en daarbij iets van (vegetarische) gehaktballetjes is wel een aanrader:

Kruidige linzenpilav met satesaus
recept voor 3 personen of 2 met kinderen

1 grote ui, gesnipperd
2 tenen knoflook, gesnipperd
1 tl kurkuma
scheut olijfolie
250 gr (witte) rijst
400 ml groentebouillon
½ tl kaneel, 1 tl korianderpoeder, 1 volle tl komijnpoeder
150 gr gedroogde (Puy) linzen (voor erg vermoeide moeders: koop gewoon een blik linzen)
liefst nog een hand gehakte verse koriander

Fruit de ui en knoflook op laag vuur in een kleine 10 minuten zacht in een scheutje olie. Doe daar de kurkuma bij en daarna ook de rijst en de bouillon. Breng het aan de kook, en laat het daarna op het laagste vuur en met het deksel op de pan in ongeveer 15-20 minuten gaar worden. De bouillon moet dan volledig zijn opgenomen. Voeg desnoods nog een scheutje water toe wanneer het te droog wordt.
Kook ondertussen ook de linzen gaar in een andere pan (daar heb je ook zo'n 20-25 minuten voor nodig).
Voeg daarna de specerijen en gare linzen toe aan de rijst. Roer er tenslotte de koriander doorheen en serveer.


De satesaus van Bill Granger:

250 ml kokosmelk
rode currypasta naar smaak (Bill raadt een eetlepel aan, maar dan moet de brandweer uitrukken voor de kinderen; het ligt ook erg aan het merk trouwens. Een bescheiden theelepeltje is bij ons wel voldoende)
100 gr pinda’s
1 el bruine basterdsuiker
2 el ketjap manis
1 el limoensap

Maal de pinda's in een keukenmachine behoorlijk fijn. Niet te lang laten draaien, want dan zit je met pindakaas. Verwarm de helft van de kokosmelk totdat het bijna kookt. Roer de currypasta erdoor tot er geen klontjes meer inzitten en roer dan de rest van de ingrediënten erdoor. Laat dit op laag vuur indikken tot het de gewenste dikte heeft. 10 minuten moet je daar zeker voor uittrekken. Maar het blijft een vrij dunne saus. Het wordt niet die typische Hollandse ‘pindakaassaus’ waar een lepel rechtop in kan blijven staan.

Serveer daarbij bijvoorbeeld vegetarische balletjes of kleine hamburgetjes – op de foto staan de snackballetjes van de Vegetarische Slager (diepvries).