20 augustus 2014

Probleempje

bron: thehonesttoddler.com

Ze vergeten nog 'tripping over toys that toddler placed behind your feet'.

19 augustus 2014

Hamburgers met hummus en uien-harissa relish


De definitie van het begrip ‘flexitariër’ is zelf ook vrij flexibel: zo ben je volgens www.flexitarier.nl al in dit hokje te plaatsen als je per ongeluk een dag in de week geen vlees of vis eet. Dus wie op zaterdag snel een eitje of frietje bakt om van dat vervelende koken af te zijn, mag zich al trots op de borst kloppen. Goed bezig hè? Vandaar dat de site ook tevreden stelt dat maar liefst 86% van de Nederlanders gedeeltelijk vegetarisch eet. Tja, dat lijkt me wat kort door de bocht. Zo is een grote groep Hollanders flexitarisch bezig zonder zich daar ook maar bewust van te zijn. En zolang de kookbladen nog uitgaan van de omnivoor als grootste groep, zal het wel meevallen met de goede bedoelingen van het Nederlandse volk. Vooral de Allerhande vind ik elke keer weer magertjes: soms ontbreekt het geheel aan vega recepten of je moet het doen met een schoteltje gewokte groenten. Doe nou eens iets meer, jongens... En nee, dan heb ik het niet over die eenmalige 100% vega excuusuitgave.

Op andere websites zijn ze iets kritischer. Voor hen ben je een flexitariër wanneer je overwegend vegetarisch eet, en slechts af en toe vlees nuttigt. Misschien zelfs alleen wanneer het zo uitkomt met etentjes buitenshuis. Wanneer je schoonmoeder varkenshaas met roomsaus serveert, dan eet de flexitariër dat braaf op. Ook al zouden ze zelf niet meer zo snel een varkenshaas kopen.

Ook het gebruik van weinig vlees past in dat rijtje, waarbij vlees wordt gebruikt als smaakmaker in plaats van hoofdbestanddeel. Bijvoorbeeld door een lasagne voor 4 personen op te leuken met een onsje gerookt spek.


(Biologisch) vlees als accent of traktatie: ik blijf ervan overtuigd dat wanneer meer mensen er zo tegenaan zouden kijken, de wereld er al heel anders uit zou zien. Vegetarisme is heel nobel en veganisme is een eerbiedwaardig principe, maar wat mij betreft doet bewust eten ook al veel voor de wereld. Neem nou die hamburger hieronder. Er is werkelijk geen enkele reden meer te bedenken waarom je daar geen vleesloos alternatief voor zou gebruiken, nu er briljante vervangers voor te koop zijn.

Bovenaan de lijst staat nog steeds de Tivall Burger Deluxe (AH verkoopt ze), hoewel die wel wat klein zijn. Goede smaak, goede structuur. Beslist mijn favoriet. Ook de hamburger van De Vegetarische Slager (in steeds meer supermarkten te koop, in de diepvries) heeft een geweldige structuur, maar zou iets minder gekruid mogen zijn (proef ik nou ontzettend veel nootmuskaat?). En je kunt ook prima zelf een stapel vega hamburgers maken, die je ook goed kunt invriezen, maar dat komt hier later nog wel eens voorbij.

Jawel, de hamburger van 100% rundvlees is ook lekker, maar je moet ergens beginnen met een betere wereld en dat wordt steeds makkelijker. Die hamburger is gewoon goed te vervangen. Ik ga zelf in ieder geval steeds meer om. Ik ben dus zo’n tevreden flexitariër, die grotendeels vegetarisch eet, maar de spekjes (nog?) niet kan laten staan.

Hamburgers met hummus en uien-harissa relish
Goed, een hamburger. Een recept is het amper: snijd een paar hamburgerbroodjes doormidden, bak enkele hamburgers gaar. Voordat je de hamburger op het broodje legt, schep je er eerst een flink lepel hummus op. Dan de hamburger en tenslotte een relish van ui en harissa. Niemand die het dan nog over de McDonalds heeft, hoor.

Uien-harissa relish
voor 5 a 6 broodjes:

olie of boter
3 uien, in halve ringen
1 el bruine basterdsuiker
1 rode gegrilde paprika uit pot, in reepjes
harissa naar smaak

Fruit de uien in wat boter of olie, en laat ze daarbij licht kleuren.  Voeg daarna de suiker, paprika en harissa toe. Laat dit nog eens een minuut meebakken. Voeg eventueel een beetje water toe wanneer het te droog is. 

Harissa is een saus van rode pepers en bevat vaak ook tomaten, knoflook en specerijen als komijn en korianderpoeder. Het is niet loeiheet, maar wel lekker aromatisch.



16 augustus 2014

Khoresht fesenjan – (vegan) Perzische stoofpot met granaatappel en walnoot


De Iraanse buurvrouw had haar bedenkingen toen ik op de eerste tropische zomerdag van het jaar een winterse fesenjan ging maken en bij haar nog even de laatste tips kwam losweken. (nb. dat was 18 juli; ik heb het recept dus nog even opgeschort voor jullie, maar laat het nou net gaan regenen dit weekend. Komt dat even mooi uit.)
“Eh, dat eten wij in de winter, hoor” zei ze, “Het is winterkost. En het ziet er trouwens heel onsmakelijk uit. Bruin en nat.”
Juist. Was het dan wel lekker? Ja, dat wel. Maar ze liet het door haar moeder maken, want de buuf is meer een kandidaat voor ‘Perzisch in 15 minuten’. Een tip had ze wel: haar moeder deed niet moeilijk over de granaatappelsiroop, want je had hier in Nederland weinig keuze, het is duur en je kunt het prima vervangen met appelstroop en een scheutje azijn. De bedoeling is namelijk dat het zoetzuur smaakt.

Dat van die stroop klopt wel. Bij ‘mijn’ Turk vond ik met moeite 1 soort, terwijl zoete en zure varianten bestaan. Toevallig was dit de goede, want hij was behoorlijk zuur. Anders had ik er wat azijn aan moeten toevoegen.

Fesenjan is een makkelijke Perzische stoofpot, welke tegenwoordig veel met kip wordt gemaakt. Maar feitelijk kan je elke soort vlees of groente gebruiken. Het gaat namelijk om de saus wat een mengsel is van de granaatappelsiroop en gemalen walnoten. Dat laat je samen 2 uur langzaam koken, waardoor de noten hun olie loslaten en de saus mooi diepbruin wordt. Het vlees laat je er daarna in garen. Maar je kunt het ook veganistisch maken met blokjes zoete aardappel, pompoen, aubergine, etc. Ik maakte een combi van kip en zoete aardappel.

De smaak lijkt veel op ons Limburgse zoervleis, maar dan met walnoten erbij. Het zoetzure is alleen iets waar je, net als bij het zoervleis, misschien aan moet wennen. De siroop is ook echt meer zuur dan zoet. Het is inderdaad vast prima na te maken met appelstroop en een flinke scheut gewone azijn.

Khoresht fesenjan – (vega) Perzische stoofpot met granaatappel en walnoot
Kan veganistisch worden gemaakt met pompoen, zoete aardappel, etc
Recept voor 4 personen

250 gram gepelde walnoten
500 ml water
175 ml zure granaatappelstroop/siroop (of ‘pomegranate molasses’, ‘grenadine molasses’) –of vervang dit met appelstroop en wat azijn (zie boven)
1/2 tl kurkuma
1 tl zout
1/2 tl kaneel
800 gr kip(filet), in stukjes - of vervang dit (gedeeltelijk) met een stevige groente, zoals pompoen
eventueel granaatappelpitjes om te garneren of verse, gehakte koriander
gemalen peper
eventueel honing of azijn om de smaak aan te passen; hangt ervan af hoe de smaak is van de granaatappelsiroop

Vermaal de walnoten in een keukenmachine tot behoorlijk fijn. Het wordt niet een droog meelachtig poeder, zoals bij amandelen. Het is natter. Maar maal het niet te lang, want dan vermaal je het tot een soort ‘pindakaas’ wanneer de olie los laat.

Meng het walnotenmeel met de 500 ml koud water.

Verhit een stoofpan en giet hierin de granaatappelstroop, zout en kurkuma. Zodra de stroop begint te koken voeg je ook het walnoten/watermengsel toe. Laat dit 5 minuten rustig doorkoken en draai het vuur dan helemaal laag zodat het slechts zachtjes suddert. Laat het zo twee uur zonder deksel staan. Voeg elk half uur een scheut water toe, omdat de saus anders teveel indikt en snel zal aanbranden. Roer het ook regelmatig door, om aanbranden te voorkomen. Je zult wel zien dat de saus steeds bruiner wordt. Als er veel olie uit de noten komt, kan je dat eraf scheppen,maar bijmij viel dat wel mee en ik heb het zo gelaten.

Na twee uur de kaneel toevoegen en proeven wat het verder nodig heeft: zout, azijn, meer stroop, of juist honing (of bruine suiker)? Maak het zo zuur of zoet als je wilt.

Voeg daarna de groente of kip toe en laat dit in de saus garen. De zoete aardappel en kip hebben ongeveer 45 tot 60 minuten nodig in een sudderende saus. Houd de dikte nog steeds in de gaten en voeg waar nodig weer water toe. Roer regelmatig.

Serveer het bij rijst en garneer met granaatappelpitjes of verse koriander. Ik vond een schep Turkse (of Griekse yoghurt) erbij lekker om de smaak iets te verzachten.

Oordeel van het smaakpanel: juist. Kleine Chef at alles met smaak op, Dochter Zus moesten we wakker maken voor het eten en die heeft eerst luidkeels haar ellende verkondigd voordat ze alleen kale rijst ging eten. En Dochter Zo had een keelontsteking en hield het bij antibiotica. O ja, en Meneer zette, ter voorbereiding van een kampeeruitje op Jan Mayen, een zak met hutspot op tafel, die gedroogd was, maar zich ontpopte tot een smeuïge stamppot na 10 minuten in heet water geweld te hebben. Daarna was het een wanstaltige hap; mogelijk het vieste dat ik ooit at. Ik heb medelijden met kampeerders die daar 20 stuks van in hun rugzak hebben zitten.

NB. Er zijn ook snellere recepten van fesenjan, bijvoorbeeld hier en hier, maar ik geloof wel dat langzaam sudderen het beste uit deze stoofpot haalt.