17 september 2019

Escalivada met ‘oliebolletjes’ van paddenstoel en kaas



Escalivada is een Spaans gerecht, waarbij groente worden geroosterd, waardoor ze een rokerig smaakje krijgen. De naam komt uit het Catalaans waar ‘escalivar’ ‘koken in as’ betekent en vroeger werd het inderdaad in een uitgebrand, maar nog heet houtvuurtje gemaakt. Je gebruikt in ieder geval aubergine en paprika, maar uien en tomaat kunnen er ook bij.

Tegenwoordig kan je daarvoor een bijna uitgebrande BBQ voor gebruiken, maar dat heb je ook niet altijd bij de hand, dus ik heb de groente gegrild in een gietijzeren grillpan. De aubergine zou je zelfs kunnen branden op een gasvlam op het fornuis. Ik heb daar eerder in dit blog over geschreven.

Je kunt er van alles mee; je eet het warm als groente-bijgerecht of als salade en in Spanje wordt het ook met een bepaald platbrood (coca) gegeten, als een soort pizza. In dit recept frituurde ik hartige 'oliebolletjes' bij, welke waren gevuld met kaas en paddenstoelen. Brood past er goed bij. Een rustiek gerecht dat toch ook erg goed als chic hoofdgerecht door kan gaan. Ook als voorgerecht past het goed, maar maak er dan kleinere balletjes erbij, zodat je er toch nog steeds een stuk of drie per bord kan serveren.

Escalivada met ‘oliebolletjes’ van paddenstoel en kaas
bron: aangepast naar een recept van Peter Gordon
nb. Ik gebruik theelepels van 5 ml (maatschepjes)
vegetarisch recept voor 4 personen als onderdeel van een menu – geef hier brood bij of maak meer van de escalivada

Voor de balletjes:
170 g bloem
1 tl zout
1 tl bakpoeder
1 tl suiker
1 krappe el gemalen korianderzaad
350 gr dikke Griekse yoghurt
2 el (=30 ml) olijfolie
4 el (=60 ml) water
1 ei (M of L)
3 tenen knoflook, gesnipperd
2 lente-uitjes, in fijne ringetjes
2 handen basilicum, gehakt
150 gr paddenstoelen (bv shiitake of kastanjechampignons), in dunne plakjes, erg grote paddenstoelen ook gehalveerd
200 gr van een stevige kaas met smaak, bv Goudse oude kaas, grof geraspt

Voor de escalivada:
2 grote, gewone rode paprika’s of 3 puntpaprika’s (de eerste zijn wat vleziger!)
2 grote tomaten
1 aubergine, ingeprikt tegen het ontploffen!
250 gr rode ui, in ringen van een halve cm
6 lente-uitjes, heel
4 tenen knoflook, gesnipperd
citroenrasp van een halve citroen
2 el citroensap
4 el goede olijfolie
1 hand basilicumblad, grof gescheurd
zout en peper naar smaak

Voor erbij:
Rucola

De escalivada is goed van tevoren te maken. Zelfs een dag van tevoren maken is een optie.
Ik gebruikte een gietijzeren grillpan en verhitte die tot gloeiend heet. Maak de groente schoon: de paprika alleen doormidden snijden en zaadlijsten eruit halen, de aubergine en tomaten houd je heel. Smeer ze in met wat olie en rooster ze in de pan tot ze zacht zijn. Ze moeten daarbij wel wat zwarte plekken en roosterplekken krijgen, want je pelt ze straks toch. Het vel moet dus ook echt van die ‘blaren’ krijgen. Let er bij de aubergine op dat deze ook goed gaar is. Eventueel gebruik je de roostermethode boven een gasvlam, zoals ik die in deze link beschrijf. Zet de groente daarna weg om af te koelen.

Ga verder met de grillpan en rooster nu de plakken ui en hele lente-uitjes tot deze ook mooie roosterstrepen hebben en gaar zijn.

Haal het vel van de tomaten, paprika’s en aubergine. Snijd de paprika in doormidden, de aubergine in repen (knijp deze desnoods een beetje uit als dat nodig is), en de tomaat in grote stukken. Snijd de uien in flinke stukken en de lente-ui doormidden. Doe alles samen in een kom.

Meng de knoflook, citroenrasp en -sap en olijfolie en voeg dat toe aan de kom, samen met de basilicum. Breng op smaak met zout en peper. Zet dit nu afgedekt weg, eventueel in de koelkast, maar dien het op kamertemperatuur op (of eventueel warm als je wilt).

Dan de balletjes:
Meng de droge en natte ingrediënten in aparte kommen en meng daarna alles door elkaar, inclusief de lente-ui, basilicum, kaas en paddenstoelen. Laat dit tien minuten staan.  Verhit in die tijd een frituurpan met olie tot 180 graden.

Bak nu kleine balletjes van een flink opgehoopte eetlepel beslag en bak deze bruin in zo’n vier minuten. Draai ze halverwege. Laat ze uitdruipen op keukentemperatuur. Houd ze eventueel warm in een lauwe oven van 100 graden.

Serveer de escalivada tenslotte met de balletjes en strooi er wat rucola overheen.




8 september 2019

Pasta met harissa, zwarte olijven en kappertjes + zelfgemaakte harissa



De lekkerste harissa? Ja, dat is toch die van Al’fez. Maar het is zo’n verdomd klein potje… En naar verhouding dan toch wel prijzig. Dat kan de zuinige Hollander toch wel namaken? Je moet alleen even in de gaten houden wat de saus van Al’fez nou zo bijzonder maakt en als ik mij niet vergis is dat het anijspoeder. En echt waar, dit recept hieronder komt heel aardig in de buurt.


Ik zal het zeker vaker maken, want je kunt zo’n recept natuurlijk ook goed aanpassen. Zo is een normale harissa redelijk heet vanwege de chili die erin zit, maar ik had mijn versie wat tammer gemaakt, zodat ik het royaal door de pasta hieronder kon scheppen. Het halve schaaltje dat ik overhield kwam de dag erna op tafel met toastjes; blijkt dat je dat spul ook heel goed hoog opgestapeld op een cracker kan doen! Lekker hoor…


Het recept voor de pasta is van Ottolenghi, maar ik heb het iets aangepast.

Zelfgemaakte harissa
voor ongeveer 300 ml

voor de specerijen kan je uitgaan van zaadjes, welke je even kort roostert in een hete, droge koekenpan, om ze daarna tot poeder te vijzelen. Maar als je kant-en-klaar poeder gebruikt, kom je er ook wel. Ik ga hieronder maar even uit van poeder.

1 rode (punt)paprika (ongeveer 100 gr)
1 tl gemalen koriander
1 tl gemalen komijn
1 tl gemalen anijszaad
2 el olijfolie
100 gr rode ui, gesnipperd
3 tenen knoflook, gehakt
gedroogde chilivlokjes naar smaak (bv 1 tl)
1 dubbel blikje tomatenpuree (zo’n grote van 140 gr)
2 el vers citroensap
1/2 tl zout
snuf suiker

Blender alle ingrediënten, samen met een scheut water, tot het helemaal fijn is. Doe dit mengsel in een koekenpan met een scheutje olie. Verhit het en laat zachtjes pruttelen tot het een dikke puree is geworden. Je kan het een paar dagen bewaren of vries het gewoon in kleinere porties in.

Pasta met harissa, zwarte olijven en kappertjes
Bron: met aanpassingen naar een recept van Ottolenghi uit zijn boek ‘Simple’

2 el olijfolie
2 uien, in dunne, halve ringen (200 gr)
3 el van de zelfgemaakte harissa (hoewel dat ook afhangt van hoe heet je het hebt gemaakt!) of gebruik zoals Ottolenghi ‘rozenharissa’ (kijk maar even hoe heet die is; 3 eetlepels is erg veel)
400 gr kerstomaatjes, gehalveerd
75 gr ontpitte, zwarte olijven, gehalveerd
25 gr kappertjes
350 gr pasta
handvol peterselie of basilicum, gehakt
zout

serveren met een schep Griekse yoghurt (dat doet Ottolenghi) of geraspte Parmezaanse kaas (dat doe ik)

Doe de olie in een hapjes- of koekenpan waar je een deksel bij hebt en verhit deze. Fruit de ui op niet te hoog vuur tot deze zacht en bruin is. Voeg de harissa, tomaatjes, olijven, kappertjes en zout toe en bak dit gedurende 3 a 4 minuten, terwijl je af en toe roert. Voeg dan 200 ml water toe. Breng weer aan de kook en temper dan het vuur. Laat het 10 minuten zachtjes pruttelen met het deksel erop. Haal het deksel er dan af en laat het nog eens 4 a 5 minuten pruttelen. Meng er wat basilicum of peterselie doorheen.

Kook ondertussen de pasta gaar, giet deze af en voeg toe aan de tomatensaus. Je wilt de saus niet langer koken dan boven staat, omdat de tomaten dan te gaar worden, dus zorg dat je de kooktijden op elkaar afstemt.

Nou ja, en dan op het bord doet Ottolenghi er wat yoghurt en peterselie op, maar met kaas is het ook erg lekker.



1 september 2019

Pasta Enchilada



De eerste keer dat ik dit maakte heb ik een foto gemaakt, maar wel gewoon van mijn eigen bord. Wat ik daarna ging opeten dus. Nou jongens… wat zal ik zeggen… Het is echt wel lekker en van het type ‘comfort food’, maar voor een foodblog moet dit even iets worden aangekleed. Gezellig kommetje, zo’n servet die eruit ziet alsof je er de kom mee hebt opgetild, maar wat ik natuurlijk gewoon zo gedrapeerd heb, beetje groen erop als afleiding… Afleiding? Jawel, want zo uit de pan is het geen aantrekkelijk gerecht. Maar ja, maar ja… wel lekker verwarmend, met specerijen en dus met die knipoog naar enchiladas, waarbij de tortilla’s voor de variatie eens zijn vervangen met pasta. Dus, aangezien jullie oog ook iets wil, geef ik jullie hierbij een gepimpte foto.

Pasta Enchilada
Vegetarisch recept voor 2 grote en 2 a 3 kleine mensen

1 grote, rode paprika, in kleine stukjes
1 tl gemalen komijn
1 tl chilipoeder
1/2 tl paprikapoeder
zout en peper naar smaak
350 gr pasta
1 blik zwarte bonen, uitlekgewicht 240 gram
125 gr (vegetarische) geraspte kaas naar keuze (ik gebruik gewone, oude Goudse)
en verder ook de enchilada saus van het recept hieronder

Maak eerst de enchiladasaus die hieronder staat. Deze saus is ook heel goed te gebruiken als saus over enchiladas etc, dus ik beschrijf hem even apart. Als de saus klaar is, voeg je de paprikastukjes en specerijen eraan toe. Nb. de paprika kan je eventueel van tevoren even wat zachter bakken, maar het hoeft niet perse. Laat het verder gaar pruttelen terwijl je verder gaat met de pasta. Kook die pasta dus gaar en giet het af. Voeg dan de bonen aan de saus toe om door te warmen. Tenslotte alles samen voegen met de kaas.

Enchilada saus:
Voor ongeveer 500 ml saus
Nb. Ik gebruik maatschepjes waarbij een theelepel 5 ml is en 1 eetlepel is 15 ml

2 el olijfolie
2 el bloem
1 tl chilipoeder
1 tl gemalen komijn
1 miniblikje geconcentreerde tomatenpuree (70 gr)
350 ml groentebouillon (van een half blokje)
1 teen knoflook, gesnipperd
1/2 tl oregano
een snuf kaneel (een mespunt, niet meer! Wel een belangrijk ingrediënt!)
1 tl wijnazijn
zwarte peper

Deze saus maak je erg snel, dus zorg dat je alles klaar hebt staan: verhit de olie in een kleine kookpan/steelpan. Doe dan de bloem erbij (niet bezuinigen op de olie; bloem en olie moeten evenveel zijn) en laat dit in een minuut iets garen. Doe dan de chilipoeder + komijnpoeder erbij en roer de tomatenpuree erdoor. Voeg dan langzaam de bouillon toe en roer met een garde tot je een gladde saus krijgt. Voeg tenslotte de knoflook, kaneel en oregano toe. Breng het aan de kook en laat dan op laag vuur pruttelen. De saus zou nu snel dikker moeten worden. Wanneer je iets van ketchupdikte hebt bereikt voeg je de azijn toe. Proef dan; moet er nog zout bij? Mocht je het voor tortilla's gebruiken, dan haal je het nu van het vuur af, voor dit recept ga je weer als hierboven staat verder.



25 augustus 2019

Chinese noedels met chiu chow



Dit was weer een gevalletje waarbij Meneer en ik zaten te smullen, maar de kinderen mopperden over de chili-olie. En daar hebben ze wel een punt. Je moet wel van pittig (of loeiheet) houden, maar ik raad je echt aan om een pot chiu chow aan te schaffen, want het is erg lekker spul - het is een Chinese chili-olie met knoflook, sojasaus en sesamolie. Op de foto zie je die van Lee Kum Kee en dat is mogelijk ook bij de gewone supermarkt te koop.




Het andere ongewone ingrediënt was sojabonensaus. Dat is een zoute saus met daarin gefermenteerde (hele) sojaboontjes. Ik kocht de pot hierboven bij de toko.



En tenslotte had ik er zelf rode snijbiet in, welke op het balkon groeit. Het is een mooie soort met de naam ‘rhubarb chard' (rabarber snijbiet). Maar je kunt ook wilde spinazie, normale spinazie, Chinese kool of paksoi gebruiken.

Chinese noedels
Recept voor 2 grote en 2 a 3 tegenstribbelende, kleine mensen

300 gr (brede) noedels (gewone mie is goed)
10 teentjes knoflook (dat mogen er ook minder zijn, maar je eet ze erbij als knapperige knoflook), gesnipperd
1 middelgrote ui, in slanke ‘partjes’
6 stengels lente-ui, in ringetjes
250 gr snijbiet, paksoi of (wilde) spinazie, gesneden (meer kan ook hoor!)
4 el neutrale olie

Saus:
1 el Chinese zwarte rijstazijn (desnoods te vervangen met gewone azijn)
4 el sojasaus van het type Kikkoman (eentje met minder zout kan geen kwaad)
1 el chili-olie (chiu chow – zie boven)
2 el sojabonensaus – zie boven
2 el sesamolie

eventueel nog wat sesamzaadjes

We beginnen met de gebakken knoflook. Denk aan de bekende gefruite uitjes die je kant-en-klaar koopt en dat gaan we dus maken, maar dan met knoflook. Snipper de knoflook en verhit de 4 eetlepels olie in een kleine pan. Wanneer de olie heet is, doe je de knoflook in de pan. Blijf hier vooral even bijstaan. De knoflook verbrandt snel en dat is dus niet de bedoeling. Wacht tot de stukjes bruin beginnen te worden en haal dan de pan van het vuur. Ze bruinen verder in de hete olie. Als ze mooi goudbruin zijn, schep je ze uit de pan en houd het apart. De olie kan je nu verder gebruiken voor de rest van het recept!

Verhit wat van de olie in een grote hapjespan en roerbak hierin op hoog vuur de lente-ui en gewone ui. Wanneer de ui zacht genoeg is, voeg je de gesneden snijbiet toe en laat dat slinken.

Ondertussen de noedels gaarkoken. Maak de saus door alles door elkaar te roeren.

Tenslotte voeg je de noedels en saus toe aan de groente en schep dit door. Serveren met de gebakken knoflook er overheen en voor wie het aandurft ook nog een theelepeltje chiu chow.



20 augustus 2019

Salade 'balletje pinda' (met noedels en pindadressing)



Na enkele uren in de auto te hebben gezeten kwamen we tijdens de hittegolf terug van vakantie. Buiten de auto (mét airco) schommelde de temperatuur weer rond de veertig graden en zuchtend zette ik mij aan de taak van auto leeghalen en ijsjes uitdelen. En dan moest er ook nog eten op tafel komen. Ik stelde een vloeibaar avondmaal voor, maar men wenste zowaar echt eten, graag met groenvoer. Ik sleepte me naar de Plus supermarkt en daar, in het kant-en-klaarvak wat verder nogal onbekend terrein is, werd ik geroepen door een salade die ‘balletje pinda’ heette. Nou, ik werd prettig verrast; het was een lekkere salade en de rest van de familie zat uit mijn plastic bak te snoepen, terwijl ze zelf ook kant-en-klare lekkernijen hadden, hoor. Maar ja, de culinaire snob in mij vond dat ik deze salade zelf ook kon maken en vast beter, want met minder ingrediënten. En voilà:


Salade balletje pinda
Voor 4 personen

400 gr gemengde groente, zoals gesneden andijvie, Chinese kool en radicchio (nee, geen sla)
½ komkommer, in plakjes
200 gr wortel, in julienne
400 gr kant-en-klare vegetarische (groente)balletjes of gewone gehaktballetjes
200 gr noedels (van die woknoedels zijn prima)
1 kleine el gemalen kurkuma (om de noedels geel te kleuren)
4 eieren, hard gekookt, in partjes
50 gr gefruite uitjes
25 gr sesamzaad
25 gr geroosterde kokos

Pindadressing (voor 175 ml – Meneer vond het te weinig en wilde meer dressing. Wie daar ook van houdt maakt de helft meer):
60 ml water
75 gr pindakaas
2 el ketjap manis (=30 ml)
1 klein teentje knoflook, heel fijn gehakt
1 tl azijn
½ tl gemalen koriander

De salade wordt volledig gekoeld geserveerd, dus je moet even wat voorbereiden: alle groente snijden, de balletjes even opbakken in wat olie, eieren koken en in partjes snijden, en de noedels koken. Dat laatste doe je in 1,5 liter water met 1 krappe eetlepel kurkuma in het kookwater – daar worden de noedels mooi geel van. Na het koken afspoelen met koud water en koud wegzetten. Even een tip; spoel de pan en gootsteen direct goed af, want de kurkuma vlekt enorm. Plakken de noedels aan elkaar na het bewaren? Voeg met je handen wat water toe aan de noedels en trek ze weer uit elkaar.

Doe de gefruite uitjes, kokosnoot en sesamzaad in een pan en verhit dit kort en tot het lekker ruikt. Haal het daarna uit de pan en houd apart.

Voor de dressing meng je alles simpelweg samen. Bewaar alles in de koelkast tot je gaat eten. Serveer de noedels met daarop een pluk groenvoer, een gekookt ei, een paar balletjes, de dressing en wat van de gefruite uitjes.



14 augustus 2019

Salade met paprika, snijboon en zwarte knoflook, en een ricottataartje


Ik schreef een paar maanden geleden al over zwarte knoflook. Ik omschreef het toen als:

De knoflook is zoals je hem nog nooit hebt gezien: de teentjes zijn gitzwart en zacht. Dat komt doordat ze hem enkele weken lang op een lage temperatuur verhitten, waarbij de knoflook langzaam verkleurt. De smaak deed mij denken aan appelstroop of dadels, met een hele lichte, hartige knoflooksmaak.



Ik maakte er toen een knoflookboter mee, die ik mengde met pasta. Maar daar zat ook eekhoorntjesbrood bij en dat heeft een vrij sterke smaak. De makers noemen de knoflook zelf een ‘smaakbommetje’, maar daar ben ik het niet mee eens. Het is een leuk product, maar je moet hem wel in z’n eentje laten ‘shinen’. Bij deze salade hieronder besloot ik gewoon de hele bol grof te snipperen voor de dressing. En dat zet zoden aan de dijk; lekker veel knoflook, die niet meer echt naar knoflook smaakt, maar wel een aangenaam zoete knoflooksmaakje heeft. En het oogt ook apart. ‘Apart’ als in leuk, hoor. Weer eens iets anders in je salade.

Ernaast kwam nog een puntje van een koud ricottataartje.

Salade met paprika, snijboon en zwarte knoflook

4 grote paprika’s, rood, geel en/of oranje
500 gr snijbonen, schoongemaakt en in schuine, grote stukken gesneden
250 gr champignons, gehalveerd
1 zak rucola
1 handvol gehakte basilicum
zout

dressing:
1 bol zwarte knoflook (o.a. bij de AH te koop, maar niet overal!)
4 el olie + 4 el azijn
zout

De paprika’s heb ik in stukken gegrild in de grillpan, maar je kunt ze ook roosteren en dan het velletje eraf trekken. Het eerste is sneller en levert stevigere paprika’s op. Maar roosteren is ook wel erg lekker… Dat roosteren doe je als volgt:
Leg de paprika’s in hun geheel op een bakplaat en op aluminiumfolie (dat scheelt straks schoonmaakwerk). Blaker de paprika’s onder een grill in de oven tot ze zwarte plekken hebben en de schil wat loslaat (regelmatig kwartslag draaien), doe ze daarna in een bak of kom (met een deksel erop) en laat even rusten, en trek er na 10 minuten de schil af. Spoel ze niet af, maar veeg alle zaadjes eraf. Je kunt ze bestrooien met wat zout.

De snijbonen kook je gaar en koel ze kort af onder koud water. De champignons bak je in wat olie enigszins bruin. Laat alles afkoelen. Meng alles losjes in een schaal.

Voor de dressing doe je de olie en azijn bij elkaar. Pel de teentjes knoflook en hak ze grof. Doe dat bij de dressing. Klop het even door elkaar en verdeel over de salade. Direct serveren.


Ricottataartje
voor een (spring)vorm van 18 cm

4 grote eieren (L) of 5 middelgrote (M)
250 gr ricotta
75 gr parmezaan, geraspt
1 tl gedroogde tijm of 2 tl vers
zout en peper naar smaak

Verwarm de oven voor op 180 graden (170 graden hetelucht).

Alle ingrediënten simpelweg mengen. Bekleed een springvorm met bakpapier (als je het even onder de kraan houdt en samen knijpt tot een prop, kan je het daarna heel makkelijk in de vorm plooien). Smeer het bakpapier ook nog in met een beetje olie en giet het beslag erin. Bak dit gedurende 20 minuten of tot het stevig is. Laat het afkoelen.



11 augustus 2019

Pasta met geroosterde broccoli en tahini



Hé, alweer een pasta met broccoli en tahin? Wat origineel… Toch is deze toch echt totaal anders. Het vorige recept ging over Chinese noedels en deze is Italiaans met tomatensaus, geroosterde broccoli, hazelnoten en tahini. Die tahin-dressing is een klassieker. Je maakt het met citroensap en knoflook.

Pasta met geroosterde broccoli en tahini
veganistisch recept voor 2 grote en 2 a 3 kleine mensen

350 gr pasta naar keuze, maar iets waar de saus in kan lopen is lekker
500 ml passata (gezeefde tomaten)
5 grote tenen knoflook, heel
olijfolie
800 – 900 gr broccoli, in (grote) roosjes
100 gr blanke hazelnoten

Tahini dressing:
100 gr tahin (sesampasta) – Ik gebruikte die van Al’fez
75 ml vers citroensap
Zout en peper naar smaak

Het is de bedoeling dat je de knoflook poft, maar dat duurt even. Als je dat doet, zou ik direct een hele bol nemen. Er is ook een andere route en dat is konfijten, wat sneller gaat:

Recept voor de gepofte knoflook:
Verwarm de oven voor op 150 graden (130 graden hetelucht). Haal de teentjes van de knoflook een beetje los en leg de hele bol op een stuk aluminiumfolie. Pellen hoeft niet. Doe er een scheutje olijfolie en iets zout bij. Vouw het pakketje losjes dicht. Knijp de bovenkant samen zodat het helemaal gesloten is. Leg het in de oven en pof het in 60 minuten gaar. Laat de teentjes daarna iets afkoelen en knijp de pulp uit de schilletjes.

Of… gekonfijte knoflook:
Doe 100 ml olijfolie in een kookpannetje, samen met de gepelde, maar ongesneden, knoflook. De knoflook moet onder de olie staan. Verhit dit zachtjes gedurende 10 minuten of tot de knoflook zacht is en lichtbruin van kleur. Haal de knoflook eruit en bewaar de olie. Je kunt de olie verder gebruiken om in te bakken etc. Bewaar de olie in de koelkast en maak het binnen een week op.

En als je echt geen geduld of zin hebt, dan neem je gewoon twee tenen knoflook: eentje om kort te fruiten voor de tomatensaus en een kleine teen rauw en gesnipperd voor de dressing.

Hoe dan ook, ik ga maar even uit van 4 gepofte tenen knoflook: doe die in een kleine pan, laat even kort fruiten en schenk de gezeefde tomaten erbij. Breng op smaak met zout en peper. Als je het hebt staan kan er eventueel een sliertje wijn bij of een scheutje balsamico, maar het hoeft niet per se. Laat dit even pruttelen met een deksel erop.

Ondertussen de hazelnoten roosteren in de oven: verwarm die voor op 180 graden (170 graden hetelucht) en leg ze er 10 minuten in, op een bakplaat. Dan alles eruit halen en oven verder opwarmen naar 220 graden (200 graden hetelucht) voor de broccoli. Leg deze ook op een bakplaat , besprenkel met wat olie en rooster ze in ongeveer een kwartier enigszins bruin en gaar.

Tenslotte de dressing: gewoon alles mengen. Je zult zien dat de tahini heel dik wordt zodra het citroensap erbij gaat, maar je kunt gewoon water toevoegen tot het een schenkbare (dikke) dressing is.

Meng de pasta met de tomatensaus, serveer de broccoli erop en daarover de tahindressing.



9 augustus 2019

Limoncello pannenkoekjes met fruitsalade en meringue



Ik zag ergens een foto van een fruitsalade met stukjes meringue erdoor en dat leek me zo lekker dat ik direct aan de slag ging. Die meringues kan je natuurlijk kopen, maar de kant-en-klare schuimpjes lijken in niets op het origineel. Ze bestaan meestal volledig uit suiker, terwijl je ze zelf maakt met opgeklopt eiwit en suiker. En dat geeft toch een heel andere smaak.


Door de fruitsalade ging een suikerstroopje met de limoncello van Pallini. Samen met de schuimpjes erg feestelijk en zomers! Ik besloot er pannenkoekjes bij te bakken: dikkerdjes met ricotta en ook weer wat limoncello. En zo maak je dat:

Fruitsalade met limoncello en meringue
Voor de meringues moet je even op dit blog kijken voor de bereidingswijze. Ik gebruikte nu 3 eiwitten en deed het geklopte schuim in een diepvrieszak. Als je een hoekje eraf knipt, spuit je heel makkelijk nopjes op een bakplaat (met bakpapier eronder!) Je kunt natuurlijk ook gewoon een platte plak maken en die breken na het bakken. Nopjes moet je zeker een uur tot anderhalf uur bakken. De overgebleven eierdooiers gebruikte ik in het pannenkoekenbeslag waar ze 1 ei vervangen.
Bewaar de meringues luchtdicht tot je ze nodig hebt! Doe ze ook pas bij het fruit als je klaar bent om te serveren. Ik serveerde ze er zelf los bij, want ze zullen snel zachter worden als ze nat worden.

Voor het fruit kan je natuurlijk alle kanten uit. Ik had twee handen aardbeien, een halve meloentje, twee handen kersen, twee handen druiven en twee pruimen. Ananas of perzik is ook lekker trouwens!

Voor de limoncellosiroop doe je het volgende. Neem gelijke delen water (of citroensap!) + suiker + limoncello. Ik ging uit van 50 ml water en 50 gr suiker + 50 ml limoncello. Doe dit samen in een pannetje en kook het zachtjes tot het gehalveerd is. Laat het afkoelen en schenk over het fruit.


Limoncello pannenkoekjes
Voldoende voor een flinke stapel… Ik heb ze niet geteld, maar wij hielden hier nog wat van over voor het ontbijt!


400 gr bloem
1,5 zakje bakpoeder
100 gr suiker
eventueel een zakje vanillesuiker
zout
4 grote eieren (L) of 5 middelgrote (M)
500 ml melk
2 kuipjes ricotta (=2 x 250 gr)
100 ml limoncello

Simpel:  alles door elkaar mengen en met wat olie of boter dikke pannenkoekjes maken. Ik maak ze zo groot dat er drie in een pan passen. Je kunt ze warmhouden in een lauwe oven, maar ze passen op kamertemperatuur ook goed bij de salade.



6 augustus 2019

Frambozenrum



Goed genoeg voor het doopfeest van een koninklijke baby’, stond er bij dit recept in een oud kookboekje uit 1948. Het boekje was een uitgave van een handwerkwinkeltje, genaamd The Black Whale, in Québec, Canada, met daarin recepten die ‘waren doorgegeven van moeder op dochter’. In het hoofdstuk Celebrations wordt het interessant: ze maken wijn van paardenbloemen, rabarbersap, dennenbier (!) en homemade ginger beer. En dus ook deze ‘raspberry rum’, die 'slechts bij zeer bijzondere gelegenheden werd geserveerd'. Ze mengden hiervoor frambozensap met suiker en rum om zo een likeur te maken. En het is inderdaad een hemels drankje. Ik maak hem wel wat minder zoet.

Het recept gebruikte een witte rum, maar ik heb hier eigenlijk alleen bruine rum staan. Dat gaat ook prima en levert wat mij betreft een nog interessanter drankje op. Nu blogde ik eerder al eens over het merk Ron Abuelo, maar toen goot ik hun heerlijke, chique 12 jaar oude rum door de vissoep, terwijl je zo'n rum eigenlijk gewoon puur zou moeten drinken. Dit keer had ik hun rum van 7 jaar oud staan en die is qua prijs wat vriendelijker om mee te experimenteren. Hij is ook wat scherper en kan wel wat frambozensap aan. Ron Abuelo is niet verkrijgbaar bij de Gall&Gall, maar wel online of bij de kleinere slijterij. Vooral die 12 jaar oude rum is zijn geld waard!

Frambozenrum

250 gr frambozen (niet in het seizoen? Uit de diepvries is ook prima)
150 ml water
150 gr suiker
175 ml (bruine) rum

Doe de frambozen en 150 ml water in een pannetje en breng het aan de kook. Laat het fruit stuk koken en haal het dan van het vuur. Het hoeft niet langer te koken dan nodig is. Haal het door een zeef en vang het sap op. Meng de suiker door het hete sap en laat de suiker smelten. Laat het afkoelen en meng dan de rum erdoor. Je hebt twee delen gezoet sap met één deel bruine rum nodig. Bij mij was dat dus 350 ml sap en 175 ml rum.



4 augustus 2019

Chinese noedels uit Xi’an (met tahin!)



Feitelijk gewoon noedels met groente en een woksaus, maar in die saus zit opvallend genoeg tahin (sesampasta). En dat is niet het eerste waar ik aan denk bij de Chinese keuken. Maar het is gemakkelijk te verklaren. Xi’an was tijdens de Tangdynastie (dat waren de jaren 618-907) de hoofdstad van China. Het was in die tijd de eerste stad ter wereld die meer dan 1 miljoen inwoners had en die waren bij lange na niet allemaal Chinees. Xi’an lag langs de zijderoute en stond zo in verbinding met Europa en vele Centraal-Aziatische gebieden. Er woonden destijds duizenden buitenlandse kooplieden in de stad en die namen natuurlijk hun gewoontes mee. Tegenwoordig kennen we de stad vooral van het beroemde terracottaleger.

Wanneer er een eetlepel Chinese zwarte rijstazijn nodig is wil ik nog wel eens voorstellen om deze te vervangen met gewone (balsamico)azijn. Maar het is hier zo’n belangrijk ingrediënt dat je er niet onderuit komt. Je koopt het bij de toko:


Noedels uit Xi’an
veganistisch recept voor 2 grote en 2 a 3 kleine mensen

Voor de saus meng je de volgende ingrediënten door elkaar:

2 opgehoopte el tahinpasta (sesampasta – Ik gebruikte die van Al’fez, die vrij uitgesproken van smaak is)
2 el sojasaus (zoals Kikkoman)
4 kleine tenen knoflook, gesnipperd
2 el bruine suiker
6 el (ongezoete) Chinese, zwarte rijstazijn (zie boven)
1 el chiliolie (desnoods te vervangen met iets anders heets)


Voor de specerijen meng je het volgende door elkaar en verhit dit in een droge koekenpan tot het geurig is. Roer het dan door de saus:

een snuf chilivlokken
1 el 5 spices (of gelijke delen (alles gemalen) Szechuanpeper, venkelzaad, kaneel, steranijs en kruidnagel)
1 tl gemalen komijn
2 tl sesamzaadjes

Verder nodig:
350 gr noedels (mie)
ongeveer 750 gr broccoli, in kleine (gehalveerde) roosjes en de stronk kan best geschild worden en dan in kleine blokjes gesneden! Trouwens, andere groente kan natuurlijk ook. Het origineel ging zelfs uit van vlees.
wat olie om te bakken

Goed, staat de saus met specerijen klaar? Begin dan met de broccoli; kook die even in water bijna gaar (paar minuten – maak het niet te zacht!) Verhit een wok of hapjespan, giet de broccoli af en bak het op hoog vuur even op in wat olie in de wok of hapjespan.

Ondertussen de noedels gaar koken en dan toevoegen aan de broccoli. Aan het einde voeg je ook de saus toe, schep door en serveer. Laat het niet meer bakken, want anders verbrandt de suiker in de saus.



27 juli 2019

Pecannoten met kerrie



We zijn net terug van vakantie, dus hierbij eerst even een klein receptje van pecannoten met kerrie die ik mee had genomen op reis. En ze waren echt fantastisch! Deze noten hebben geen toegevoegde suiker en zijn dus vooral zoutig. Erg lekker bij de borrel.

Pecannoten met kerrie

200 gr pecannoten
1 el roomboter (15 gr)
een krappe theelepel kerriepoeder
1/2 tl zout

Verwarm de oven voor op 160 graden (of 150 graden hetelucht).
Smelt de boter met de kerrie en zout in een steelpan. Laat het zout oplossen, haal dan van het vuur en schep de noten erdoor. Spreid de noten uit op een bakplaat met bakpapier en bak ze gedurende 15 minuten. Ze worden bij het afkoelen weer knapperig.


Misschien ook interessant zijn deze oude blogs:


Cashewnoten met sojasaus


Gezoete noten met specerijen (met kerrie, komijn en kruidnagel) 


Pittige noten met rozemarijn (met chili en rozemarijn)


Ubuntu’s amandelen met lavendel




13 juli 2019

Pasta met ricotta-pestosaus en sperziebonen



Ik had een gele courgette liggen, en hij lag er ook al veel te lang, dus dit recept is voort gekomen uit die ene wachtende courgette. Qua kleur was hij prachtig, en je zou hem net zo goed kunnen vervangen met een gele paprika, maar een gewone groene courgette mag ook, hoor.

Dankzij de kleur konden de kinderen hem wel erg goed herkennen en dat leverde het nodige commentaar op, maar de parmezaangalettes maakten veel goed. Laat ik daar dan maar even mee beginnen. Je hebt 1 ingrediënt nodig, namelijk…. Parmezaan. Rasp een hoopje parmezaan en verhit een goede anti-aanbakpan. (heb ik al ‘anti-aanbak’ gezegd? En ook geen oude pan; die bakken alsnog aan.) Verdeel nu wat kaas in de pan, alsof het kleine pannenkoekjes moeten worden. Gewoon een laagje erin strooien in de vorm van een koekje. Je hebt niet gek veel nodig. Bak dit aan de ene kant bruin, en draai dan met een vork ofzo om. Ze zijn zacht zolang ze warm zijn, maar als ze afkoelen worden ze knapperig. Je kunt dit prima van tevoren maken.

Pasta met ricotta-pestosaus en sperziebonen
Recept voor 4 personen

1 (gele) courgette, gehalveerd en dan in plakjes
400 gr kerstomaatjes (mag aan de tak, maar los kan ook)
beetje olijfolie
350 gr spaghetti
500 gr sperziebonen, schoongemaakt (diepvries of vers)
250 gr ricotta
150 gr groene pesto
sap van een ½ citroen
zout
parmezaangalettes (zie boven)

De tomaten en courgette worden in de oven geroosterd. Zet deze aan op 200 graden op de heteluchtstand. Verdeel de courgette over een halve bakplaat, op bakpapier. De tomaten komen straks op de andere helft, maar worden pas later op de bakplaat gelegd. Besprenkel beide soorten met een beetje olie en wat zout en houd de tomaten dus even apart.

Breng een grote pan met gezouten water aan de kook. Zowel de bonen als de pasta moeten er straks in passen.

Pas als alles klaar staat, begin je met de courgette – schuif deze in de hete oven en rooster het gedurende 15 minuten. Verse sperziebonen mogen nu ook de pan in. Als je diepvriesboontjes gebruikt kunnen ze gelijk met de pasta het water in.
Na vijf minuten leg je de tomaten bij de courgette (de tomaten worden dus tien minuten lang geroosterd) en doe je de pasta bij de bonen in de pan (ook dus ongeveer 10 minuten – of pas dat aan als je pasta langer of korter nodig heeft).

Ondertussen roer je de ricotta om met de pesto, citroensap en wat zout.

Giet de gare pasta af, vang een kopje water uit de pan op en roer de ricotta door de pasta en sperziebonen. Verdun het iets met het kookwater.
Haal de groente uit de oven. Schep de courgette door de pasta. De tomaten blijven mooier als je ze er op tafel bij serveert. Ook op tafel pas de galettes op het bord erbij geven.



7 juli 2019

Gember gelato


Op vrijdag wordt er door één van de kinderen gekookt en ze mogen dus ook zelf iets uitkiezen. Daar komen soms leuke dingen uit voort. Deze gembergelato bijvoorbeeld werd door een dochter bedacht. De Italiaanse gelato is anders dan ons roomijs. Waar wij ons ijs binden met eierdooiers (zoals bij vla), gebruiken zij maizena. Dat is lichter en geschikter voor zomerse desserts.

Ik gebruik zelf een ijsmachine, maar men beweert dat dit ook zonder ijsmachine lukt; Icecream Nation heeft hier een uitgebreid (Engelstalig) blog over geschreven.

Gember gelato

700 ml volle melk
125 gr ingemaakte gemberbolletjes op siroop, gesnipperd
175 ml gembersiroop uit de pot
1 zakje vanillesuiker of een dopje vanille-extract
4 afgestreken el maizena (25 gr in totaal)
snufje zout

Meng 200 ml van de melk met de maizena en roer goed zodat er geen klontjes inzitten.

Meng de resterende 500 ml melk met de gembersiroop, zout en vanillesuiker of -extract. Breng het aan de kook. Voeg dan het maïzenamengsel toe. Laat dit al roerend enkele minuten zachtjes koken om de maizena gaar te laten worden. Het mengsel zal wat dikker worden, maar niet zo dik als vla - meer een soort dikkige melk. Voeg de gesnipperde gember toe.

Haal het van het fornuis en laat het afkoelen. Koel het daarna in de koelkast zo koud mogelijk voordat je het in een ijsmachine tot ijs draait. 



30 juni 2019

Een soort Tunesische salade Niçoise



Hoe moet je dit nou noemen? Het origineel waar ik het ooit vandaan haalde had het over Tunesische salade Niçoise; dus zeg maar een salade uit Nice, maar ook uit Tunesië. Hoe dan ook, de harissa door de tonijnsalade is een erg goed idee, zeker als je dat omringt met allerlei lekkers. 
De harissa van Al'fez (oa te koop bij de AH) is toch echt het lekkerste. Niet de goedkoopste trouwens...!


Een soort Tunesische salade Niçoise
Ik ben even niet te precies met hoeveelheden – doe maar wat …

- 1 zak rucola
- hardgekookt eieren, gehalveerd
- aardappelsalade (ik had hier op de foto simpelweg aardappels gekookt en omgeschept met een vinaigrette met harissa (dus: 2 delen olie, 1 deel azijn en harissa + zout naar smaak), maar je kunt ook een kant-en-klare aardappelsalade halen)
- kerstomaatjes
- komkommer, in plakjes
- misschien wat koude, witte bonen
- rode ui, in halve, dunne ringen
- zwarte olijven en kappertjes
- tonijn met harissa van het recept hieronder
- dressing van ingemaakte citroen, recept hieronder

Nb. Maar wat ik ook wel eens gebruik: gekookte en afgekoelde sperziebonen, plakken gegrilde courgette, aubergine of paprika, dunne asperges uit een pot, en op de foto zie je ook de lekkere half gedroogde tomaten van Sacla (pomodori al forno):




Tonijn met harissa:
1 blikje tonijn op water, uitgelekt
3 el mayonaise
2 tl harissa
beetje gehakte, verse peterselie
sap van ½ citroen
zout naar smaak

Simpel: alles mengen en koud wegzetten.

Dressing van ingemaakte citroen

125 ml olijfolie
de gesnipperde schil van een 1/4 ingemaakte citroen (niet in huis? Geen zin in nieuwe dingen? Doe maar gewoon wat meer citroensap of de rasp van een biologische citroen)
1 teen knoflook, gesnipperd
Sap van een halve citroen
½ tl komijnpoeder
1 el honing
zout en peper naar smaak

Ook simpel: gewoon alles mengen

Nou ja, en dan dus een schaal opmaken. Verdeel alles in groepjes op een grote schaal; de rucola gaat eronder. Verdeel de dressing er tenslotte over.




23 juni 2019

Kerstomaatjes met sojasaus en sesamolie

Bron foto: Nachrichten_muc via Pixabay

Even een heel kort saladerecept van Mark Bittman, maar goede dingen hoeven niet moeilijk te zijn. De aardigheid van deze tomatensalade zit in de opstapeling van 
(=hartige smaak). De tomaten worden echt verrijkt door de sojasaus en sesamolie. Dat doe je als volgt:

Halveer 400 gram lekkere, zoete kerstomaatjes en meng ze met 1 el sojasaus (van het type Kikkoman, dus geen ketjap manis, he?), 1 el sesamolie en nog een handje gehakte basilicum óf koriander.




15 juni 2019

Wraps met prei en pecorino



Of deze wraps lekker zijn? Nou, laat ik het zo zeggen: toen de oudste dochter laatst bij een vriendinnetje ging spelen, wilde ze daar ook wel graag blijven eten. Wat de pot bij de vriendin schafte wisten ze daar nog niet, dus bij het afscheid (met de moeder van de vriendin erbij) moest ze toch nog even weten wat wij zelf aten. De wraps met prei dus. En ik zag haar al denken: ‘Hoe ga ik dit netjes oplossen…?’ Kort gezegd, ze koos eieren voor haar geld en kwam thuis eten. Die wraps wilde ze niet missen.

De prei wordt op laag vuur lang gestoofd. Daar wordt het poezelzacht en zoet van. Ik rasp er pecorino door, wat een erg specifieke smaak heeft, maar bij gebrek daaraan zou ik uitwijken naar gruyère of een ander pittig kaasje met een sterke smaak. Desnoods met parmezaan, maar dat is toch echt iets anders dan pecorino. Verder een paar rozijnen voor het zoete effect en voor de liefhebber wat zwarte olijven, die je er makkelijk per wrap bij kan doen.


Wraps met prei en pecorino
recept voor 2 grote en 2 a 3 kleine mensen

scheutje olie of klontje roomboter
900 gr schoongemaakte prei (=4 grote preien – dat is een hele baal, maar het slinkt toch behoorlijk)
1 el verse tijmblaadjes of ½ el gedroogd
een handvol rozijnen
100 gr pecorino, geraspt
75 gr zwarte olijven, gehalveerd
4 tot 6 grote tortilla’s of 6 tot 8 middelgrote

Verhit de olie of boter in een grote hapjespan waar een deksel op kan en voeg de prei met aanhangend water (van het wassen) toe. Doe de tijm erbij. Verhit het even goed door en stoof het daarna met een deksel erop en op laag vuur  gedurende 40 minuten.
Haal dan de deksel eraf en laat het vocht verdampen op hoger vuur. Schep de rozijnen erdoor zodat die het laatste vocht opslurpen. Haal van het vuur en meng de kaas erdoor.

Verhit de oven voor op 200 graden (of 180 graden hetelucht).

Vet een ovenschaal licht in en vul de wraps: je kunt ze heel dik vullen, zodat je meer prei dan wrap eet en dan heb je genoeg aan 4 grote wraps, of je maakt dunnere exemplaren. De olijven verdeel ik nu pas over de vulling van een paar wraps (omdat niet iedereen ze wil). Rol ze op en leg ze in de schaal. Ik doe nog wat olie op mijn handen en smeer daarmee alle wraps licht in, zodat ze straks wat knapperig worden. Zet ze 20 minuten in de oven om goed door te warmen.

Ze zijn erg lekker met een romig sausje - mayonaise of zo'n kerrie-ananassaus van Calve bijvoorbeeld. Nou vooruit, (durf ik dit toe te geven?) Joppiesaus is er ook lekker bij... 



9 juni 2019

Ricotta- en spinazieballetjes in tomatensaus



Het lijkt heel wat, maar je zet dit echt zó in elkaar. Het is vrij gemakkelijk om te maken en lekker zomers. Je kunt er pasta of brood bij eten, maar een groene salade misstaat ook niet.

Ricotta- en spinazieballetjes in tomatensaus
Vegetarisch recept voor 2 grote en 2 a 3 kleine mensen
Gebaseerd op een recept van Not Quite Nigella

voor de balletjes:
250 gr ricotta
2 eieren (M of L)
1 kleine (rode) ui, gesnipperd
100 gr geraspte, oude kaas
150 gr bladspinazie uit de diepvries (dus 1/3 pak), ontdooid en uitgeknepen
75 gr bloem
1/2 tl bakpoeder

Voor de tomatensaus:
scheutje olijfolie
1 kleine (rode) ui, gesnipperd
3 tenen knoflook, gesnipperd
2 x 500 ml passata (gezeefde tomaten)
1 ruime tl sambal oelek                            
zout naar smaak
200 gr doperwten (diepvries) of de rest van het pak spinazie (ook uitgeknepen)

Eventueel erbij: 
wat verse bieslook of basilicum om erover te strooien
300-400 gr pasta, maar je kunt er ook brood bij eten


Begin met de tomatensaus: fruit de uisnippers op laag vuur in wat olijfolie tot ze zacht zijn. Bak in de laatste minuut de knoflook mee. Laat deze beslist niet bruin worden. Voeg de passata toe, samen met een beetje sambal oelek en zout naar smaak. Had je nog wat rode wijn open staan? Een sliertje erbij mag, maar hoeft niet. Laat dit nu zachtjes pruttelen (eventueel met deksel erop, want het spettert!) en ga verder met de rest.

Verhit de oven voor op 200 graden (of 180 graden hetelucht). Pak er een ovenschaal met hoge zijkanten bij, in ieder geval van het formaat A4.

Meng alles voor de ricottaballetjes door elkaar.

Giet de tomatensaus in de ovenschaal. Ik gebruik dan twee eetlepels om ‘quenelles’ te vormen van het ricottamengsel of maak gewoon hoopjes. Leg deze in de saus. Bak het dan 35 tot 40 minuten of tot het lekker bubbelt en gaar is. Ik kwam uit op 16 quenelles; grotere exemplaren hebben mogelijk wat langer nodig.

Kook ondertussen de pasta gaar.

Bestrooi na het bakken met wat verse kruiden, zoals bieslook of basilicum. Serveer met de pasta (of brood).


2 juni 2019

Rendangballetjes van gehakt (kan ook vegetarisch!)



Dus. Ik heb ruim 800 recepten op dit blog gezet, maar draadjesvlees is een dingetje hier. Dat wordt nooit iets anders dan schoenzool… Jawel, ik weet heus wel hoe het moet, u hoeft níet hieronder te reageren, en ik volg heus alle regels op, maar ergens gaat er iets mis. Ik weet het ook niet. Mijn enige troost is dat wij hier grotendeels vegetarisch eten, dus mijn onkunde valt niet erg op. Toch hebben wij nog een zwak voor gehaktballetjes. Die komen soms nog op tafel. En laten we nou ook een zwak hebben voor rendang. En voilà, om met Cas Spijkers te spreken, dan krijg je dus dit.

Kleine noot voor de vegetarier: ik maak dit dus ook wel eens vegetarisch, waarbij ik kant-en-klare balletjes (bv de Vegetarische Balletjes van de Lidl) in de saus serveer. Ik gebruik dan 400 gram balletjes en houd wat meer saus over voor de rijst die ik erbij eet. Ook lekker bijvoorbeeld met gewokte paksoi met wat ketjap manis en sambal erdoor!

Rendangballetjes van gehakt
Voor zo’n 36 ‘pingpongballetjes’

Tip: verse laos bewaar ik in de diepvries. Ik koop een verse laoswortel, snijd dat in plakjes van een centimeter en leg dat in een bakje in de vriezer. Je kunt zo gemakkelijk verse laos op voorraad houden.

Voor de balletjes:
1 kg (runder)gehakt
1 groot ei (L)
handvol paneermeel
2 tl kerrie
2 tl komijn
1 tl gember
2 tl zout en voldoende peper
likje sambal
wat olie of boter om in te bakken

Voor de boemboe:
1 grote ui, gesnipperd
1 teen knoflook, gesnipperd
2 tl sambal oelek
1 tl laospoeder of een stukje vers (bv uit de diepvries, zie boven)
1 tl kurkuma
1 el verse gember

Verder nodig:
1 stengel citroengras of een paar verse (of diepvries) limoenblaadjes
1 a 2 el geconcentreerde tomatenpuree
100 gr santen
350 ml bouillon (1/2 blokje groente- of kippenbouillon)
eventueel een beetje maïzena
Zout

Maak het gehakt aan met de rest van de ingrediënten. Maak er balletjes van en bak ze gaar en bruin in wat olie of boter en houd ze daarna apart.

Stamp voor de boemboe alles samen in een vijzel.

Haal het meeste vet uit de pan en voeg de boemboe toe aan de lege pan (of voor de vega optie: verhit wat olie in de pan). Fruit de boemboe enkele minuten en voeg dan de tomatenpuree toe. Bak deze eventjes mee en doe dan ook de stengel citroengras, santen en bouillon erbij. Voeg tenslotte de balletjes ook weer toe. Laat de saus nu wat verder inkoken tot de gewenste dikte. Rendang is eigenlijk vrij droog, maar ik wil graag nog wat saus overhouden. Waar nodig kan je de saus wat sneller dikker laten worden door er wat met water aangemaakte maïzena aan te voegen. Proef ook of het nog wat zout nodig heeft.


29 mei 2019

Kaasbroodjes


Je ziet wel eens recepten waarin men een snel kaasbroodje maakt, maar dan wordt er gewoon een plak kaas in bladerdeeg gevouwen. Maar zo makkelijk kom je niet van me af. Nee, als je zelf zo’n lekker vers gebakken broodje met zachte kaasvulling wil maken, dan moet je eerder beginnen. Je maakt een gebonden kaassaus, welke je laat opstijven in de koelkast. Daarna snijd je het in repen en dat is dus de vulling van je broodje.

Wij hadden er sla bij als een soort excuus.

Nb. Op de foto zie je broodjes van bladerdeeg, maar ook van ‘hartige taartdeeg’, wat eerder een soort brooddeeg is. Dat brooddeeg is een stuk minder vet en dat vind ik lekkerder.

Kaasbroodjes
Recept voor 10 tot 12 stuks
Bron: Allerhande september 2017

50 g roomboter
50 g bloem
300 ml groentebouillon (van een half tablet)
150 gr geraspte, (vegetarische) oude kaas + iets extra om over het deeg te strooien
3 tl pittige mosterd
10 tot 12 plakjes bladerdeeg (de vierkantjes uit de diepvries – Hartige taartdeeg kan ook!)
1 ei, losgeklopt met een beetje water

Verder nodig: een cakeblik en bakpapier

Maak eerst de roux: smelt de boter in een steelpan op middelhoog vuur. Voeg de bloem toe. Verwarm dit gedurende een minuut zodat de bloem iets kan garen. Voeg de bouillon in twee keer toe en roer met een garde tot je een gladde saus krijgt. Het zal snel binden. Voeg daarna de kaas en de mosterd toe en roer het door elkaar. Laat de kaas smelten en haal het dan van het vuur. Als het goed is heb je nu een dikke saus. Bekleed het cakeblik met bakpapier en schep de saus erin. Laat 1 uur afkoelen in de koelkast.

Verwarm de oven voor op 200 graden (of 180 graden hetelucht). Ontdooi het bladerdeeg op het bakpapier. De kaassaus is nu stijf geworden en je kunt het in plakken snijden. Verdeel de plak in 10 of 12 gelijke staafjes. Ik vind dat 10 stuks vrij grote stukken oplevert en het past maar net in een vierkantje deeg. Twaalf stuks is wat handiger om mee te werken. Maar ja, dan heb je een iets minder gevuld broodje. Keuzes, keuzes, keuzes… Hoe dan ook, leg op elk bladerdeegplakje een staafje kaas, kwast de randen in met wat losgeklopt ei en vouw het dicht. Druk ze ook met een vork nog goed dicht, want anders loopt de kaassaus er uit bij het bakken. Bestrijk de bovenkant van de broodjes ook met wat ei en kerf ze aan de bovenkant ook in met een scherp mes, zodat de stoom straks kan ontsnappen (anders scheuren ze alsnog). Bestrooi ze met wat extra geraspte kaas. Bak ze in de oven in ongeveer 25 minuten bruin en gaar.