25 januari 2013

Winterbarbecue




Deze foto is helemaal niet van de laatste winterbarbecue! Ik heb het nog wel geprobeerd om foto’s te maken, maar stuk voor stuk waren ze niet om aan te zien. Het was namelijk kerst (ja, ik loop achter met bloggen...) en het huis zat vol. Onze gasten weten natuurlijk wel hoe het hier in elkaar steekt, maar vonden het toch een beetje raar dat ik eerst foto’s van hun eten moest maken en het legde een lichte druk op mijn artistieke gevoel. En dan liggen die bbq-spiezen er toch een beetje ‘totaal niet gestyled’ bij. Sorry. U moet het er even mee doen. Maar een winterbarbecue kan ik van harte aanbevelen. Zorg wel voor goed licht bij de barbecue, want vorig jaar stond ik met een zaklamp in mijn ene hand en een tang in de andere han de spiezen om te draaien. Dat komt de grill-kwaliteit niet ten goede… Het verschil tussen gaar en verkoold was weer pijnlijk duidelijk.

Wat aten wij wel deze Tweede Kerstdag bij de barbecue?

Buccaneer Pork – varkenshaas met specerijen, rum en verse ananas
Breng 150 ml water aan de kook en voeg hieraan toe: 1 afgestreken el zout, 1 flinke el bruine suiker (35 gr), en 2 tl specerijenmix van kaneel, piment, iets kruidnagelpoeder, gemberpoeder, zwarte peper, korianderpoeder, foelie (oftewel een snufje van alles). Roer tot de suiker is opgelost en laat dan afkoelen. Voeg hier verder aan toe: 1 laurierblad, 4 gehalveerde tenen knoflook, 125 ml rum en 700 gr varkenshaas in blokjes. Laat dit een nacht marineren.
Rijg het aan spiezen, samen met blokjes verse ananas, voor op de barbecue.
Lekker met zoete chilisaus.

Bbq-spiezen met kalkoen (of kip), gedroogde pruimen en spek
Snijd kalkoen- of kipfilet in blokjes en marineer dit een nacht of dag in een mengsel van gelijke delen hoisinsaus en olie: wrijf er het vlees mee in; het hoeft er niet in te baden.
Rijg het daarna aan een spies met dikke, gedroogde pruimen, die zijn omwikkeld met een plakje ontbijtspek.

Souvlaki
Snijd 700 gram varkenshaas in blokjes. Marineer dit in een mengsel van 1 geraspte ui, 3 tenen gesnipperde knoflook, 60 ml olijfolie, iets zout en ruimschoots (gedroogde) oregano. Rijg het daarna aan spiezen voor de barbecue.








18 januari 2013

Mosselen in pittige tomatensaus


U moet weten dat ik dit stukje nu twaalf keer heb geschrapt en opnieuw ben begonnen, want ik kan blijkbaar alleen maar onaardige dingen zeggen over de mossel, vanwege een onterechte haat-liefdeverhouding. Ik laat het er daarom maar bij en geef u hierbij het beste recept dat ik ken voor een mosselpan. Het is iets pittig door de chili, ansjovis en knoflook, maar gul zoals alleen comfort food dat kan zijn. De saus is daarbij ideaal om rustieke hompen bruin brood door te sleuren. Een fantastische maaltijd voor één keer per jaar, want vaker tolereer ik hem niet. Alles met mate, he?

Het recept stond ooit in de Volkskrant en is van Marcus Huibers. Het is nu nergens meer te vinden op het internet, maar ik geef u graag even de tekst van mijn uitgeknipte en gekoesterde exemplaar.

Mosselen in pittige tomatensaus
Recept voor 2 personen

een flinke tak rozemarijn
1 rood pepertje ( of ev een flinke theelepel sambal oelek vindt Eerst Koken)
6 tenen knoflook
olijfolie
½ blikje ansjovisfilets, in stukjes
1 pak gezeefde tomaten van Heinz
1 pak tomato frito van Heinz
1 glas medium dry sherry
peper, zout
2 kg mosselen, uiteraard gespoeld en uitgezocht

Hak de naaldjes van de rozemarijn, de knoflook  en het pepertje fijn.  Verhit een scheut olie in een soep- of mosselpan en voeg de rozemarijn, knoflook, het pepertje en ook de ansjovisstukjes toe. De ansjovis moet na een aantal minuten zacht bakken uit elkaar vallen. Voeg de tomatensauzen, sherry, peper en zout toe en laat het even indikken. (Het spat vreselijk, dus houd het deksel erbij).

Draai dan het vuur hoog en wanneer de vloeistof goed kookt, voeg je de mosselen toe. Leg het deksel op de pan en laat dit enkele minuten koken. Als de mosselen open staan, zijn ze klaar. Serveer ze met lekker knapperig brood.

Wie geen emplooi heeft voor de andere helft van de ansjovis; je kunt de filets fijnprakken en door een stuk zachte roomboter mengen om ansjovisboter te maken, voor op brood. Het is aan mij niet besteed, maar de tweeling en Meneer waren er erg van gecharmeerd.
 
Oordeel van het smaakpanel: Kleine Chef keurt het uiteraard geen blik waardig, die weet wel beter dan rare slurfjes in schelpjes te gaan eten, maar voor de dames kan ik niet snel genoeg schelpen openmaken. Ze waren er zelf ook vrij handig in trouwens. Met de saus kan je ook heel leuk verven op tafel.

 

 

11 januari 2013

Vega champignonballetjes


In de categorie Je Moet Er Wat Voor Over Hebben, oftewel ‘vegetarisch’ en ‘beetje veel werk’, geef ik u het champignonballetje. Ja, het is makkelijker om een kipfilet in de pan te vleien, maar als u nu nog steeds leest, heeft u vast ook een goede reden om iets minder vlees te eten en dan moet er maar wat meer werk tegenover staan.

Ik ben een groot liefhebber van balletjes, ben niet snel tevreden, maar deze balletjes mogen nog wel eens terugkomen. Het is niets voor doordeweeks trouwens. En je moet een keukenmachine hebben. Of engelengeduld en een goed, groot mes.

Champignonballetjes
Ik meen dat ik er 30 pingpongballetjes van kon draaien. Het was meer dan genoeg voor ons vijven en ’s avonds heb ik de overgebleven koude balletjes met zoete chilisaus opgegeten bij een Harry Potter film. Koud deden ze een prima imitatie van rundergehakt, maar warm hadden ze ook wel wat weg van gewoon vlees.


600 gr champignons
300 gr wit brood
20 gr platte peterselie, gehakt
3 tenen knoflook, gesnipperd
100 gr feta, fijn verkruimeld
100 gr Goudse belegen, geraspt
50 gr parmezaan, geraspt
1 flinke sjalot, gesnipperd
zout, peper
2 eieren (L)

Nog niet geprobeerd, maar wat er eventueel bij kan: fijngemaakte ansjovis, gehakte walnoot of  gedroogde paddenstoelen (als je die heel fijn hakt, zou ik ze niet eens wellen. Er zit voldoende vocht in de ballen).

Maak de champignons schoon en hak ze tot flinters in de keukenmachine. Behoorlijk fijn dus. Doe ze in een vergiet en knijp er zoveel mogelijk vocht uit. Het is vast niet veel, maar alle beetjes helpen.

Maal het brood (als de korsten zacht zijn maal ik die gewoon mee, haal het er anders even af) ook fijn tot kruimels. Meng nu alles met de handen door elkaar tot een niet te stevig deeg. Je moet er wel balletjes van kunnen vormen. Zo niet, voeg nog iets broodkruimels toe. Rol dan kleine balletjes ter grootte van een pingpongbal. Leg ze nog minimaal 30 minuten in de koelkast om iets op te stijven en bak ze daarna in wat boter of olie bruin. Ze blijven iets kwetsbaar tot ze gebakken zijn, dus voorzichtig draaien met bijvoorbeeld twee lepels.

Oordeel van het smaakpanel: het werd wisselend ontvangen, maar dochter Zo (enfant terrible aan tafel op dit moment) at ze met smaak koud uit de koelkast op toen ze halverwege de avond nog even beneden kwam kijken (jaja, we hebben Harry Potter toen even uitgezet).



3 januari 2013

Jamie's Bustrengo (polenta-appeltaart)



Dit is misschien wel een aardig recept om met iets oudere kinderen te maken. Veel meer dan alles bij elkaar gooien is het namelijk niet. Het is geen cake, want het bevat geen rijsmiddel en het resultaat is dus ook behoorlijk compact, maar het is goed gevuld en het fruit maakt het niet te massief. Als dessert is het goed geslaagd en lauwwarm beslist het lekkerst. 100% gegarandeerd 'niet verfijnd'; dit is gewoon normaal eten zonder fratsen.

Jamie’s Bustrengo
recept voor een taartvorm met doorsnede van 28 cm
voldoende voor 8 personen of als dessert red je het ook wel met 10 eters

een klontje boter voor het invetten
100 gr polenta
200 gr bloem
100 gr fijngemalen kruim van oud witbrood
100 gr kristalsuiker
5 dl (volle) melk
3 eieren (L)
100 gr vloeibare honing
50 ml olijfolie
100 gr gedroogde vijgen in reepjes (ik vergiste me en nam in de winkel dadels mee. Ging ook prima)
100 gr rozijnen of krenten
500 gr stevige handappels, geschild en zonder klokhuis (500 gr is schoongemaakt gewicht)
½ tl kaneel
geraspte schil van 2 citroenen en 2 sinaasappels
1 tl zout

Het originele recept doet het niet, maar ik weekte de rozijnen in wat warm water.

Snijd de appels in blokjes. Het recept vroeg om vrij grote blokjes, maar ik zou ze de volgende keer niet groter dan 1 cm maken.

Verwarm de oven voor op 180 graden (160 graden hetelucht). Vet een springvorm van 28 cm in.

Meng de polenta, bloem, broodkruim en suiker in een kom. Meng in een andere kom de natte ingrediënten: melk, eieren, honing en olie. Doe daarna de kom met natte ingrediënten bij de droge en meng dit goed.

Voeg de resterende ingrediënten toe, roer door en schep het in de vorm. Bak de taart in ongeveer 50 minuten gaar. Als je er een satéprikker insteekt, moet die er weer schoon uitkomen.

Ik gebruikte een 26 cm vorm en moest mijn taart wel 75 minuten laten staan. Mogelijk zijn die 50 minuten wat optimistisch.

Voor het serveren kan je er nog wat extra suiker over strooien. Lekker met slagroom, crème fraiche en een glaasje dessertwijn.

Oordeel van het smaakpanel: dochter Zus komt het weer bij me inleveren, maar Kleine Chef en dochter Zo komen terug voor meer. Meneer kwam ook zoeken in de keuken voor meer porties na een toch al niet te karig avondmaal.