Posts tonen met het label hoofdgerecht aziatisch. Alle posts tonen
Posts tonen met het label hoofdgerecht aziatisch. Alle posts tonen

30 april 2021

Slawraps met kimchirijst en zoetzure korianderchutney


Het eten van (harde) taco’s is u wel bekend; dat is altijd een puinhoop. Zachte wraps kunnen trouwens ook verraderlijk lastig zijn. En dat geeft allemaal niets; we zijn onder elkaar, we hoeven ons niet te generen voor al dat druipende eten. Ik eet zelf de laatste tijd graag sla-pakketjes; zoiets als een wrap, maar dan in een slablad gerold. Nou, dat doe je ook beter binnenshuis: als je een zacht blad van kropsla neemt, dan is dat te slap om goed vast te houden. De vulling loopt er aan alle kanten uit, alsof je een tompouce te lomp afhapt. Maar als je knapperige ijsbergsla neemt, dan scheurt het blad bij de eerste hap. Druk het plat en de vulling loopt er door de scheuren uit. En dan die schattige kleine little gem-kropjes: heel leuk, maar na het derde slablaadje krijg je geen blaadjes meer van het vaste kropje afgepulkt. Jawel, ik weet het; je kunt grotere problemen hebben. Maar ik wilde mijn gestuntel toch even meegeven met dit verder goede recept. Doe er maar mee wat jullie goed lijkt:

Slawraps met kimchirijst en zoetzure korianderchutney
recept voor 2 grote en 2 a 3 kleine kinderen
bron: een interpretatie van een Delicious recept

Zet dit van tevoren klaar:
400 gr (zilvervlies)rijst koken en afkoelen (zo snel mogelijk in de koelkast zetten; lauwe rijst bederft heel snel)
Maak een omelet van 5 eieren, klop het niet schuimig; gebruik wat zout en scheutje melk. Snijd het omelet in reepjes

Dit kan je ook alvast maken: de koriander chutney (zo noem ik het maar; het is soort dressing-achtig papje. Het is niet veel, maar het is erg sterk van smaak, dus je gebruikt er kleine lepeltjes van)
Blender het volgende  tot een dikke saus:
50 gr koriander (1 bosje van de Turkse winkel) + extra voor serveren
sap van 1 limoen of ½ citroen
3 el witte (rijst)azijn (ik gebruik gewoon witte wijnazijn van Tromp&Rueb)
1 tl suiker
daarna toevoegen: 4 el pinda’s, mag eventueel iets worden gehakt

Dan de wraps zelf:
scheut (zonnebloem)olie
200 gr gerookt ontbijtspek, in reepjes (desnoods vegetarische spekjes)
4 cm gember, gehakt
4 el bonen-knoflooksaus (of gewone bonensaus + wat gehakte knoflook erbij; zie link in dit recept voor het merk dat ik gebruik)
sambal oelek naar smaak
blikje/pakje kimchi (van minimaal 160 gr, mag zeker wel meer zijn), eventueel gesneden
1 a 2 kroppen sla in losse bladeren
naar wens nog wat zoete chilisaus

Verhit de olie in een hapjespan en bak het spek en de gember samen uit. Doe de bonenpasta erbij en bak het een minuutje. Voeg dan ook de rijst en kimchi toe en warm het door. Tenslotte verwarm je de omeletreepjes erin. (nb. rijst die eerst is afgekoeld blijft steviger. Maar als je wilt kun je natuurlijk de zojuist gekookte rijst direct toevoegen, zonder hem te koelen).

Vul dan aan tafel de slablaadjes met een lepel rijst, lepeltje saus en wat koriander erover. Daar mag eventueel wat zoete chilisaus bij.

 


19 april 2021

Noedels met aubergine, paprika en zwarte bonensaus


In een poging om de kinderen weer eens iets anders te laten eten dan de eeuwige broccoli, bloemkool of sperziebonen (toch wel de top 3 favoriete groente bij ze) maakte ik noedels met zwarte bonensaus, waarvan ik hoopte dat de saus donker genoeg zou zijn om die reepjes aubergine te verhullen. Nou, het resultaat was redelijk; slechts 1 kind zat alle aubergine eruit te vissen. Maar het was wel een erg smakelijk gerecht, dus wie weet hebben jullie er ook wat aan.

Ik gebruikte hier een potje bonensaus van Lee Kum Kee en dat is gewoon bij de AH te koop. Je kunt ook een andere pot van de toko gebruiken, maar snijd er dan ook wat verse knoflook bij, want dat zit al in de saus van Lee Kum Kee. Let trouwens even op bij het toevoegen aan je gerecht: de saus is behoorlijk zout, dus je moet niet meer gebruiken dan nodig is. Je voegt namelijk ook nog sojasaus toe en dat is ook bremzout. Nog eens extra zout toevoegen is daarom ook echt niet nodig!

Noedels met aubergine, paprika en zwarte bonensaus
Veganistisch recept voor 2 grote en 2 a 3 kleine mensen

1 flinke aubergine (liefst dunne exemplaren, maar die zie je hier weinig). Ik ging uit van 300 gr, in smalle reepjes
350 – 400 gr noedels (ik gebruikte gewone mie)
4 el sesamolie (erg essentieel voor de smaak!)
1 flinke ui in halve ringen
gemalen zwarte peper naar smaak
2 a 3 el zwarte bonen-knoflooksaus (zie opmerking boven)
sambal oelek of iets anders heets naar smaak
100 gr rode paprika (1 paprika), in reepjes
sojasaus naar smaak (ketjap manis of de zoute variant, zoals Kikkoman; maakt niet zo uit)
1 goed opgehoopte el maïzena, vermengd met een scheutje koud water
lente-ui in ringetjes om te serveren

Verhit de sesamolie in een hapjespan en fruit de ui hier gedurende een minuut of 5 in. Voeg dan de paprika toe en bak deze tot het enigszins gaar is. Nb. dunne puntpaprika kan gelijk de pan in met de aubergine. Dikkere paprika zou ik dus ietsjes langer bakken. Hoe dan ook, na de paprika kan ook de aubergine de pan in. Leg er een deksel op en laat het even bakken (een minuut of 6 tot 8). Schep het af en toe even om.

Voeg daarna de bonenpasta en sambal toe, laat het kort meebakken en voeg dan 250 ml water en de sojasaus toe. Breng het aan de kook en laat het daarna op laag vuur pruttelen. Kook nu ook de noedels gaar. Ondertussen voeg je de aangemaakte maizena toe aan de saus en laat de saus al roerend wat dikker worden. Breng ook op smaak met wat zwarte peper.
Als de noedels klaar zijn, giet je ze af en voeg ze toe aan de saus.

Serveer de noedels met wat ringetjes lente-ui. Ik maakte er ook een omelet bij, maar dan is het natuurlijk niet meer veganistisch. Sambal ernaast is ook fijn.



5 maart 2021

Thaise rode curry met zoete aardappel en sperziebonen


Ik probeer tegenwoordig toch wel om hoofdzakelijk over vegetarische recepten te bloggen, met een uitzondering hier en daar, maar ik kan in een Thaise curry als deze niet om die ene eetlepel vissaus heen. Dat geeft zo’n specifieke smaak, dat is eigenlijk niet te vervangen met iets anders zonder afbreuk te doen aan de originele smaak. Wie het wil doet er een zoute sojasaus, zoals Kikkoman in, maar het is toch echt niet hetzelfde. Nb. wanneer je dat wel doet heb je een veganistische curry op het bord liggen.

Ik vond deze curry erg lekker met die zoete aardappel, die het net even wat meer ‘body’ geeft dan gewone groene groentes.

Wat betreft de limoenblaadjes; ik heb er al vaak over gesproken. Ik koop een hele zak blaadjes bij de toko en bewaar deze in de vriezer (misschien verkoopt de toko het ook wel bevroren). Dat is veel beter dan een gedroogd blaadje en het tilt je gerecht echt boven een standaardreceptje uit.

Thaise rode curry met zoete aardappel en sperziebonen
recept voor 4 personen

1 a 2 el olie
2 grote sjalotten of 1 ui, gesnipperd
2 a 3 tenen knoflook, gesnipperd
1 el verse gember, fijngehakt
2 of 3 el rode currypasta (ik gebruik 1 verpakking van Fairtrade van 70 gr)
2 x 250 ml OF een blik van 400 ml kokosmelk (Go-tan is mijn favoriete supermarktmerk)
10 limoenblaadjes (of desnoods 2 stengels citroengras - gekneusd in dat geval)
ongeveer 400 ml groentebouillon van 1 blokje voor 1 liter (of iets meer als je een blik kokosmelk gebruikt)
ongeveer 400 gr zoete aardappel
400 gr (gebroken) bevroren sperziebonen (als je verse bonen gebruikt moeten ze iets langer koken)
1 el vissaus of desnoods zoute sojasaus
sap van een limoen of halve citroen
1 el suiker
eventueel verse koriander voor het serveren

Snijd de groente in niet te grote blokjes en/of roosjes. Dobbelsteentjes is mooi. Voor de sperziebonen gebruik ik gebroken boontjes uit de vriezer.

Fruit de ui gedurende 5 minuten in wat olie in een grote hapjespan. Voeg daarna de knoflook en gember toe en bak nog eens 2 minuten op laag vuur. Roer de currypasta erdoor.
Voeg dan de rest toe, behalve het limoensap, de vissaus en suiker. Breng aan de kook en laat de groente gaar pruttelen in zo’n 15 minuten. Breng tenslotte op smaak met de limoensap, de vissaus en suiker.

Serveer met rijst en eventueel met verse koriander. De limoenblaadjes (of de citroenstengels) moeten er even worden uitgevist; die eet je niet op.


18 november 2020

Jjajangmyeon (Koreaanse noedels met zwarte bonensaus) met kimchi-pannenkoek


Overdrijven is ook een vak. Onze zoon, die voorheen op dit blog door het leven ging als Kleine Chef, maar inmiddels bijna twaalf is, kauwde laatst bij het eten van de jjanjang op een blokje pastinaak, terwijl hij dacht dat het aardappel was. Nou, Meneer en ik dachten eerst dat hij stikte en nu toch eens werd afgestraft omdat hij altijd zo snel eet. Meneer stond al klaar om de Heimlichmanoeuvre toe te passen. Het was al jaren niet meer nodig geweest, nadat een dochter probeerde een gekookt ei in zijn geheel door te slikken, maar ja, het blijven kinderen, he...? Gelukkig viel de schade mee. Al snel herpakte Kleine Chef zich en jammerde dat dit 'echt het goorste was wat hij ooit had gegeten'. Het sloeg op de pastinaak, niet op de saus, maar sindsdien staat dit gerecht bij ons bekend als "Ja janken".

Goed, geen pastinaak dan meer. Jammer, maar helaas. Maar nog wel jjajang! Want ik kwam erachter dat een hapje jjajang de volgende dag nog lekkerder is. Dus dat doe ik nu: van tevoren koken en de volgende dag bak ik er dan alleen nog die kimchi-pannenkoek bij.

Wat moet je dan wel qua groente? Nou, je kunt er eigenlijk van alles in kwijt. Het origineel maak je met wat buikspek en groentes, die dus mogen variëren, en aangezien ik het spek al heb weggelaten, mag je qua groente van mij doen wat je wil. Maar ik zou het houden bij wat knolgroentes of wortel en een koolsoort. Ik heb nu vrede bereikt aan tafel met de drie-eenheid wortel, aardappel en spitskool. 

Oh ja, wat betreft de naam: Jjajangbap is met rijst, Jjajangmyeon is met noedels, en het kan dus allebei prima.

De saus is gitzwart en dat komt door de Koreaanse zwarte bonenpasta. Die kocht ik in de grote Aziatische supermarkt hier in de stad, maar ik kan me voorstellen dat niet elke toko dit heeft. Kan je het vervangen met een Chinese zwarte bonensaus? Nou, misschien wel. Ik heb de Koreaanse en Chinese bonenpasta niet naast elkaar geproefd, maar ik ken ze wel allebei en ik meen dat er niet gek veel verschil in zit… De Koreaanse is misschien minder zout, maar dat kan natuurlijk ook aan het merk liggen. Ik gebruik deze van het merk Wang:


Jjajangmyeon (Koreaanse noedels met zwarte bonensaus)
Veganistisch recept voor 2 grote en 2 a 3 kleine mensen

1 grote ui, in parten
750 gr groente naar keuze (3 of 4 soorten is prima):
  - champignons, gehalveerd of in vieren 
  - spitskool of Chinese kool, in brede repen of stukjes gesneden 
  - courgette in blokjes
  - pastinaak of gewone wortel in blokjes 
  - geschilde, vaste aardappel, in kleine blokjes
olie om te bakken
130 gr Chunjang (Koreaanse zwarte bonenpasta)
2 tenen knoflook, gesnipperd
2 cm verse gember, gesnipperd
1 el suiker
scheutje sesamolie
2 iets opgehoopte el maïzena
350 gr (dikke) noedels of rijst
Voor erbij: komkommer in julienne gesneden en eventueel kimchi-pannenkoek (recept hieronder).


Wat betreft de groente: snijd de groente niet groter dan dobbelsteentjes, anders wordt het te hompig. Ook niet kleiner, want dan wordt het zo frummelig.

Gebruik een grote wok of hapjespan waar een deksel op past: als je champignons gebruikt bak je die eerst bruin in wat olie, voeg daarna de ui en groente toe. Mogelijk moet daar dan weer wat olie bij. Bak de groente op vrij hoog vuur tot ze bruin beginnen te worden. Voeg op het laatst de knoflook en gember toe en bak het een minuut mee.

Maak dan wat ruimte in het midden van de pan en schep daar de bonenpasta in. Bak het een minuut mee en meng de pasta dan door de groente.  Voeg 500 ml water en de suiker toe en meng door elkaar. De groente zou nu redelijk goed onder water moeten staan. Leg er een deksel op en laat het zo’n tien minuten zacht koken. Proef de groente; als die gaar is, dan maak je een maïzenapapje van de maïzena en een scheutje water en voeg dat toe aan de saus. Laat de saus binden. Aan het einde voeg je een scheutje sesamolie toe aan de pan. (Ik had laatst geen sesamolie meer in de kast staan en ik deed er wat sesamzaad in. Niet authentiek, maar het werkte eigenlijk ook wel.)

Ondertussen kook je de rijst of noedels gaar. Serveer de saus op de noedels of rijst. Leg er wat komkommer op. En deze pannenkoek is er ook erg fijn bij:

Kimchi-pannenkoek:
recept voor 1 pannenkoek

ongeveer 200 gr kimchi, in kleine stukjes gesneden en met het vocht uit de verpakking erbij
½ tl suiker
100 gr bloem
125 ml water
plantaardige olie (niet te zuinig)

Dit is echt heel makkelijk: maak een beslagje van de bloem en het water en meng de rest erdoorheen. Nee, daar heb je geen ei voor nodig!

Verhit wat olie in een koekenpan en bak daarin 1 pannenkoek. Omdraaien als de onderkant bruin is en dan verder bakken. Snijd hem dan in punten en serveer bij de jjajang.



9 november 2020

Indiase dhal met geroosterde masala wortels



Dhal is een Indiaas gerecht van linzen, waarbij de linzen stuk worden gekookt. Je zou kunnen zeggen dat je dan linzenpap eet, maar dat klinkt minder smakelijk en jongens, dit is zo lekker… Het is romig en pittig, zoet van de wortels en warm van de specerijen. Dat kerriepoeder is niet erg authentiek, maar het werkt wel!

Ik gebruik hier de rode linzen van Valle del Sole, die je ook in zakjes bij de AH koopt. En in plaats van wortels zou je ook pastinaken kunnen roosteren. Ik had eigenlijk ook nog wat bladspinazie door de dhal willen mengen, maar die vergat ik mee te nemen. Volgende keer maar weer… 


Indiase dhal met geroosterde masala wortels
Bron: Riverford
Veganistisch (zonder ei) of vegetarisch recept voor 2 grote en 2 a 3 kleine mensen

750 gr wortel, geschild en in schuine, dikke plakken gesneden
2 grote uien, in parten
1,5 el garam masala
olie om te bakken en te roosteren
1 rode chili, gesnipperd of gewoon 1 tl sambal oelek
3 teentjes knoflook, gesnipperd
1,5 tl zwart mosterdzaad
stuk of 5 limoenblaadjes (uit de diepvries van de toko)
2 el milde kerriepoeder
225 gr gedroogde rode linzen
500 ml kokosmelk (2 tetrapakjes van Go-Tan)
3 tomaten, grof gehakt (maar 1 blik gepelde tomaten kan ook)
Zout naar smaak

Voor erbij:
naan of rijst
verse koriander, gehakt
eventueel: gebakken eieren

Verwarm de oven voor op 200 graden op de hetelucht stand.

Leg de wortels en uien in een braadslede, of op een bakplaat. Schud ze om met wat olie en de garam masala. Je hebt een volle bakplaat, maar zorg ervoor dat alles in een enkele laag ligt. Breng op smaak met zout en rooster het dan gedurende 25 minuten. De wortel zou dan zacht moeten zijn en ze beginnen te bruinen aan de randjes. Draai ze halverwege wel even om.

Ondertussen maak je de dhal: verhit 2 el olie in een pan en doe daarbij: chili of sambal, knoflook, mosterdzaad en limoenblad.  Bak op laag vuur gedurende een minuut.

Voeg dan het kerriepoeder toe, linzen, kokosmelk en tomaten, en ook 300 ml water. Breng het aan de kook en laat het dan ook 25 minuten lang zacht pruttelen tot de linzen zacht zijn en uit elkaar vallen. Roer af en toe. Leg er geen deksel op. Voeg wel water toe wanneer het te droog dreigt te koken. Uiteindelijk moet je een soort losse pap krijgen. Breng op smaak met zout. Strooi de koriander erover wanneer je klaar bent om te serveren.

Ik bakte er ook nog eieren bij, en je moet natuurlijk iets van naan of rijst klaarzetten. Serveer de wortels op of bij de dhal.

ps. Ik heb nog een andere dhal op dit blog staan. Ook lekker!



16 februari 2020

Rijst met wortel en spitskool met kikkererwten uit Tamil Nadu



Er zijn al meerdere recepten op dit blog verschenen omdat ik collega’s in het buitenland het vuur aan de schenen legde: wat is je favoriete recept?? Graag iets uit je eigen land. Daar doen ze mij erg veel plezier mee, omdat ik vaak stuit op dingen die ik niet zelf zou hebben gevonden. Dit keer kwam ik uit bij een collega die zijn wortels heeft in Tamil Nadu, de Zuid-Oostelijke deelstaat in India, die als hoofdstad Chennai heeft (bij ons bekender als Madras).

gerechten uit Tamil Nadu

De collega vertelde mij over ‘idiyappam’ ook wel ‘stringhoppers’ genoemd (zie link voor een filmpje waarin ze gemaakt worden) en het gaat dan om een soort ‘spaghetti’ of noedels van rijstmeel. Het wordt gegeten als ontbijt. Maar ja, die dingen worden gemaakt met een soort pers, waar je het deeg doorheen drukt, maar dat hebben we hier allemaal niet… De string hoppers moesten dus even worden overgeslagen. Maar toen ik verder zocht naar recepten uit dit deel van India werd 1 ding me wel duidelijk: wat wij hier als Indiaas bestempelen is niet hetzelfde als de keuken uit het Zuid-Oosten. India is natuurlijk een enorm land met grote verschillen, ook in de keukens, maar bijna alles wat ik zag was mij compleet onbekend. Om nog maar niet te spreken van de groentesoorten die men gebruikte; ze zien je al aankomen bij de AH… Toch wilde ik wel iets nieuws maken en ik kwam uiteindelijk uit bij twee simpele recepten, allebei uit het Zuiden: rijst met geraspte wortel en gebakken spitskool met kikkererwten:

Rijst met wortel
vegetarisch/veganistisch recept voor 2 grote en 2 a 3 kleine mensen

300 gr ongekookte (zilvervlies)rijst
chilivlokjes naar smaak
3 el pinda’s
1,5 el gedroogde kokos
1,5 tl gemalen koriander
1 grote ui, gesnipperd
1 of 2 groene chili’s
1 tl mosterdzaad
1 tl komijnzaad
een paar curryblaadjes of limoenblaadjes (curryblaadjes zijn hier haast niet te verkrijgen; zie hier mijn betoog over limoenblaadjes) 
250 tot 300 gr geraspte wortel
1/2 tl kurkuma
zout
olie
eventueel verse koriander

Kook de rijst gaar en laat deze daarna goed droog stomen. Zet hem dan apart.

Verhit wat olie in een wok of hapjespan en doe hierin de pinda’s, kokos, korianderpoeder en chilivlokjes. Laat dit even kort bakken en iets bruin worden. Haal het dan uit de pan en houd het apart.

Ga verder in dezelfde pan: verhit er weer een beetje olie in en doe er nu het mosterdzaad, komijnzaad en de curry- of limoenblaadjes in. Laat dit even heel kort bakken en doe dan direct de ui en groene chili erbij. Laat dit 2 a 3 minuten bakken. Doe de kurkuma en geraspte wortel erbij en bak nog eens 2 a 3 minuten. Voeg tenslotte de rijst toe en zout naar smaak en warm het goed door. Aan het einde meng je de gebakken pinda’s/kokos erdoor.
De limoenblaadjes eet je niet op, dus die kan je er op het bord uithalen.

Spitskool met kikkererwten
vegetarisch/veganistisch recept voor 2 grote en 2 a 3 kleine mensen

1 el olie
½ tl mosterdzaad
700 gr met spitskool, in kwarten en dan in fijne reepjes
½ tl kurkuma
optioneel: een goede snuf asafoetida (hier meer over dit kruid
4 el gedroogde kokos
optioneel: 1 a 2 groene chili’s
½ tl komijnzaad
1 blik kikkererwten a 400 ml
zout

Verhit de olie in een grote hapjespan of wok. Laat het mosterdzaad tien seconden bakken. Doe de spitskool er dan bij, samen met de kurkuma en eventueel de asafoetida. Leg er een deksel op en laat het tien minuten rustig garen. Daar mag best een kopje water bij, anders bakt het maar aan. Voeg daarna de kokos, komijn en groene chili toe en meng het erdoor, samen met de kikkererwten. Laat het deksel eraf en bak de groente droog. Breng op smaak met zout.

Eventueel serveren met een mango chutney. Wij aten er ook wat ‘pickled garlic’ bij. Dat is ook een soort chutney, maar dan met stukjes knoflook en vrij pittig.



12 januari 2020

Zha Jiang Mian (noedels uit Beijing)



Dit hoort eigenlijk met varkensvlees te worden gemaakt en dat zal ongetwijfeld heel veel diepte geven aan de smaak van dit gerecht, maar ja… Ik vertrouw hier op de kracht van de sojabonen- en hoisinsaus en die is ook erg lekker, hoor! Zha Jiang Mian is een echte ‘signature dish’ van Beijing. Het zijn noedels met een zoutige saus, waarop allerlei rauwe groente wordt geserveerd.

Die sojabonensaus uit het recept moet je waarschijnlijk in de toko gaan zoeken. Het is een zoute saus met daarin gefermenteerde (hele) sojaboontjes. Ik gebruikte deze pot hieronder en die kan je eventueel ook in dit recept (zie link) gebruiken. Het origineel ging uit van een pot met een gladde puree, maar dat kon ik niet vinden.

Bovenop die zoutige noedels met saus komen dus allerlei rauwe groentes. Je kunt allerlei kanten uit. Hieronder gebruikte ik taugé, verse sojaboontjes (edamame), komkommer en radijs. Maar je kunt ook ragfijne (Chinese) kool gebruiken, fijne reepjes wortel, selderij of wat dan ook wat een beetje knapperig is.

Zha Jiang Mian (noedels uit Beijing)
recept voor 2 grote en 2 a 3 kleine mensen

voor de saus:
4 el sojabonensaus (zie foto boven)
1 el hoisinsaus (onmisbaar!)
1 el Shaoxing rijstwijn of eventueel droge sherry
150 ml water
2 el olie
optioneel: 1 steranijs
2 stengels lente-ui, gehakt – houd het groene en witte gedeelte apart. Ze worden allebei gebruikt
1 el verse gember, gehakt
500 gr kastanjechampignons, in kleine stukjes gehakt (gesnipperd)

Verder nodig:
150 gr taugé
150 gr verse sojaboontjes (edamame) – AH verkoopt ze gedopt en geblancheerd in de koeling
1 grote komkommer, in julienne
6 radijsjes, in plakjes
400 gr noedels (mie) naar keuze

Meng de sojabonensaus, hoisin, wijn of sherry, en water in een kom.
Bak de champignons in de olie in een hapjespan of wok tot ze enigszins bruin zijn. Heb geduld; je moet eerst het water eruit bakken en daarna zullen ze pas bruin bakken. Het is dan qua volume ook gehalveerd.
Voeg er dan aan toe: steranijs (als je dat gebruikt – ze houden hier aan tafel niet zo van de smaak, dus ik liet het weg), het groen van de lente-ui en de gember. Bak dit even en voeg daarna de saus toe. Breng aan de kook en laat het op middelhoog vuur iets inkoken tot de gewenste dikte (5 minuten).
Ondertussen de noedels gaar koken.
Voeg aan het einde het wit van de lente-ui toe aan de saus.
De taugé kan even heel kort geblancheerd worden, maar je kunt het ook rauw eten.
Meng de noedels met de saus. Serveer de noedels met de rauwe groente er los bij.



5 december 2019

Roerbak met tofu en zwarte bonensaus





Afgelopen week kreeg ik een nieuw boek onder ogen en ik wist al bij de eerste bladzijde dat ik de juiste doelgroep was. Ik citeer even uit het voorwoord:

Tofu wordt soms echt verkeerd begrepen. Je hoort vaak onzekere en negatieve opmerkingen over tofu. Zoals ‘het is wel oké, maar het smaakt nergens naar’, ‘ik houd niet van de textuur’ of ‘ik weet nooit wat ik ermee moet doen’. Als dit klinkt als iets dat jij zou zeggen of denken dan heb je het juiste boek in handen. Tofu is op zoveel manieren klaar te maken. Als je er niet van houdt, durf ik te zeggen dat je het nooit op de juiste manier hebt gegeten, maar dat je het echt nog eens moet proberen. 

Kijk, dat gaat dus over mij, he? Ik wil namelijk best geloven dat tofu lekker is, maar het is nooit echt een groot succes in mijn keuken. Als ik het uit een professionele keuken eet, dan is het eigenlijk altijd prima: dat is dan meestal stevige tofu en het is gefrituurd of goed gebakken; alleen dan krijgt het die sponsachtige structuur die wel wat op een omelet lijkt. Je transformeert zo die gladde structuur tot sponsje voor saus en dat vind ik dus wel lekker. Dat weet ik nu, want ik heb dat boekje gelezen… Groene Tofu heet het en het bevat dus recepten met allerlei verschillende soorten tofu. Wist je bijvoorbeeld dat er een soort gebakken tofuvellen bestaan (inari-age), die je kunt opensnijden en vullen als een pitabroodje? Die ga ik binnenkort in de toko eens opzoeken. Kijk, dat ziet er zo uit:
  

Het boekje is verdeeld in ontbijtrecepten, snacks & bijgerechten, hoofdgerechten en zoetigheid, waarbij het deel met de hoofdgerechten uiteraard de grootste groep is. Binnen die groep vallen veel verschillende soorten recepten en houdt de auteur het zeker niet alleen bij Aziatische gerechten. Tofu past blijkbaar ook in chili (con tofu), een ovenschotel a la Nicoise, preisoep met zachte tofu, ratatouille, en Jamaicaanse tofu. Toch moet ik zeggen dat mijn voorkeur uitgaat naar de curry’s en andere Aziatische bereidingen. Wat mij betreft is tofu wel gemaakt voor pittige marinades.
De recepten zijn erg gemakkelijk en sommige gerechten mogen wel wat meer ingrediënten hebben, maar dat is misschien mijn voorkeur voor wat complexere smaken. Ik ga in ieder geval snel eens de ingemaakte tofu maken, waarbij het wordt ingelegd met sojasaus, azijn, shiitakes, ui en knoflook. Lijkt me erg lekker!

Misschien een kerstcadeautje voor een vegetariër? Het boekje is o.a. bij Bol.com te koop voor €14,95

Groene tofu
Auteur: Amelia Wasiliev
ISBN: 9789462263413
Uitgever: Citrus

Via deze link kan je het boek ook inkijken op de website.




Enfin, ik maakte uit dit boek de 'roerbak met tofu en zwarte bonensaus' (foto hierboven). Echt ontzettend simpel, maar de tofu kwam goed uit de pan. Je schudt de blokjes tofu om met maïzena en als je dat bakt, dan krijg je een lekker krokant korstje.

Het recept gebruikte een bundeltje lente-uitjes, maar die was ik vergeten te halen. Ik nam daarom ui en wat sperziebonen voor de kleur, maar ach, je kunt natuurlijk alle kanten op qua groente.

Je maakt een heel erg simpele woksaus van twee ingrediënten, maar daar zit wel heel veel smaak in: knoflook, zout, zoet en pittig. Toch kan je met hetzelfde gemak allerlei andere lekkere woksauzen zelf maken. Daar heb je dus geen potjes of zakjes voor nodig, he? Ik heb bijvoorbeeld ook een recept voor een saus met onder andere vissaus en hoisin, of iets pittigs – met sesamolie, chiliolie en sojabonensaus, of zelfs iets met pindakaas en sojasaus. Dat kan hier net zo goed en het is maar net waar je zin in hebt.


Roerbak met tofu en zwarte bonensaus
Veganistisch recept voor 2 grote + 2 a 3 kleine mensen
Bron: het boek Groene Tofu – Amelia Wasiliev – ik heb het alleen opgeschaald qua hoeveelheid en de lente-ui vervangen

300 gr paprika, in brede repen
300 gr wortel, in lange repen of schuin weggesneden, dunne plakjes
2 middelgrote uien, in partjes
2 handen met sperziebonen (uit de diepvries; die kun je zo meebakken)
1 blok stevige tofu van 500 gr
4 el maïzena (35 gr)
zout, peper (niet te veel, de saus is ook erg zout!)
100 gr zwarte bonensaus (ik gebruikte de ‘zwarte bonen knoflooksaus’ van Lee Kum Kee)
2 el zoete chilisaus
olie om te bakken
eventueel rijst voor erbij

De tofu moet uitlekken en worden geperst: leg het blok op een bord of snijplank. Leg daar een ander bord of plank bovenop en zet er iets zwaars op. Twee blikken bijvoorbeeld. Laat dit zo een kwartier staan, giet het vocht eraf en snijd het dan in blokjes.
Doe de maïzena in een kom en breng op smaak met zout en peper. Wat chilivlokjes zouden misschien ook niet misstaan. Schep de blokjes tofu hier doorheen zodat alles met een laagje maïzena is bedekt. Doe dit op het laatst, want anders plakt de maizena alle blokjes weer aan elkaar.

Ik gebruikte twee pannen; een grote koekenpan voor de tofu en een grote hapjespan (of wok) voor de groente. Bak de groente dus gaar in de hapjespan in wat olie. Ik doe er in het begin gewoon even een deksel op, anders bakt het te droog. Ik gaar het dus eerst een beetje en daarna bak ik het alsnog enigszins bruin zonder deksel.

Bak ondertussen in wat olie (2 a 3 eetlepels olie) de tofu bruin in de koekenpan. Desnoods kan je ook de tofu eerst bakken, dan apart houden, en doorgaan met de groente in dezelfde pan.
Bak het in ieder geval op redelijk hoog vuur.

Ondertussen kook je eventueel de rijst. Ook maak je de saus: roer de bonensaus en chilisaus door elkaar en verdun dit met een scheutje water. Proef even: je kunt het nog wat zachter en zoeter van smaak maken met wat meer chilisaus als je wilt.

Voeg tenslotte de groente, saus en tofu bij elkaar en serveer. 



6 oktober 2019

Matar Paneer – curry met erwten en paneer



Over Indiase klassiekers gesproken! Deze moest echt nog op mijn lijstje met Indiase curry’s. Dit is de bekende curry met kaasblokjes (paneer) en erwten. Je maakt dit heel simpel veganistisch door de paneer te vervangen met blokjes aardappel. Die kan gebakken zijn of gewoon gekookt. En dan heet het 'aloo matar'.

Matar Paneer – curry met erwten en paneer
Vegetarisch recept voor 2 grote en 2 a 3 kleine mensen
1 tl = 5 ml / 1 el = 15 ml – ik gebruik maatschepjes

150 gr ui, grof gesnipperd
3 cm gember (zo’n 20 gr)
3 teentjes knoflook
1 ruime tl komijnzaad (en niet gemalen komijn)
20 cashewnoten (dat bindt de saus)
1 el (zonnebloem)olie of ghee
½ tl kurkuma
500 ml passata (gezeefde tomaten)
1 iets opgehoogde el korianderpoeder
1,5 tl gemalen komijn
2 tl garam masala
1/2 tl chilipoeder of meer naar smaak
1/2 tl gemalen kardemom
snuf zwarte peper
zout naar smaak
½ tl suiker
optioneel: een ½ el kasuri methi (=gedroogd fenegiekblad)
optioneel: kneepje citroensap
ongeveer 400 g paneer, in blokjes (Indiase kaas)
400 gr erwten (uit de diepvries, niet uit een pot!)
250 ml water

Doe de uien, gember, knoflook, komijnzaad en cashewnoten in een keukenmachine of blender en maal het fijn tot een puree.
Verhit de olie in een braad- of hapjespan en bak de uienpuree tot deze bruin begint te worden. Voeg kurkuma toe en bak tot het mengsel droger wordt. Voeg de gezeefde tomaten toe en bak het nog 3 a 4 minuten.

Voeg alle resterende specerijen toe. Bak verder tot het mengsel weer dikker wordt. Voeg dan de erwten toe en het water. Laat dit nog eens een paar minuten pruttelen en breng dan op smaak met zout, peper en eventueel kasuri methi en citroensap. Voeg eventueel meer water toe als je de saus dunner wilt hebben.

Bak ondertussen de paneer bruin in een koekenpan (hoewel je deze ook ongebakken kunt eten!) en voeg deze ook toe. Serveren met rijst, naan of pappadums.



25 augustus 2019

Chinese noedels met chiu chow



Dit was weer een gevalletje waarbij Meneer en ik zaten te smullen, maar de kinderen mopperden over de chili-olie. En daar hebben ze wel een punt. Je moet wel van pittig (of loeiheet) houden, maar ik raad je echt aan om een pot chiu chow aan te schaffen, want het is erg lekker spul - het is een Chinese chili-olie met knoflook, sojasaus en sesamolie. Op de foto zie je die van Lee Kum Kee en dat is mogelijk ook bij de gewone supermarkt te koop.




Het andere ongewone ingrediënt was sojabonensaus. Dat is een zoute saus met daarin gefermenteerde (hele) sojaboontjes. Ik kocht de pot hierboven bij de toko.



En tenslotte had ik er zelf rode snijbiet in, welke op het balkon groeit. Het is een mooie soort met de naam ‘rhubarb chard' (rabarber snijbiet). Maar je kunt ook wilde spinazie, normale spinazie, Chinese kool of paksoi gebruiken.

Chinese noedels
Recept voor 2 grote en 2 a 3 tegenstribbelende, kleine mensen

300 gr (brede) noedels (gewone mie is goed)
10 teentjes knoflook (dat mogen er ook minder zijn, maar je eet ze erbij als knapperige knoflook), gesnipperd
1 middelgrote ui, in slanke ‘partjes’
6 stengels lente-ui, in ringetjes
250 gr snijbiet, paksoi of (wilde) spinazie, gesneden (meer kan ook hoor!)
4 el neutrale olie

Saus:
1 el Chinese zwarte rijstazijn (desnoods te vervangen met gewone azijn)
4 el sojasaus van het type Kikkoman (eentje met minder zout kan geen kwaad)
1 el chili-olie (chiu chow – zie boven)
2 el sojabonensaus – zie boven
2 el sesamolie

eventueel nog wat sesamzaadjes

We beginnen met de gebakken knoflook. Denk aan de bekende gefruite uitjes die je kant-en-klaar koopt en dat gaan we dus maken, maar dan met knoflook. Snipper de knoflook en verhit de 4 eetlepels olie in een kleine pan. Wanneer de olie heet is, doe je de knoflook in de pan. Blijf hier vooral even bijstaan. De knoflook verbrandt snel en dat is dus niet de bedoeling. Wacht tot de stukjes bruin beginnen te worden en haal dan de pan van het vuur. Ze bruinen verder in de hete olie. Als ze mooi goudbruin zijn, schep je ze uit de pan en houd het apart. De olie kan je nu verder gebruiken voor de rest van het recept!

Verhit wat van de olie in een grote hapjespan en roerbak hierin op hoog vuur de lente-ui en gewone ui. Wanneer de ui zacht genoeg is, voeg je de gesneden snijbiet toe en laat dat slinken.

Ondertussen de noedels gaarkoken. Maak de saus door alles door elkaar te roeren.

Tenslotte voeg je de noedels en saus toe aan de groente en schep dit door. Serveren met de gebakken knoflook er overheen en voor wie het aandurft ook nog een theelepeltje chiu chow.



4 augustus 2019

Chinese noedels uit Xi’an (met tahin!)



Feitelijk gewoon noedels met groente en een woksaus, maar in die saus zit opvallend genoeg tahin (sesampasta). En dat is niet het eerste waar ik aan denk bij de Chinese keuken. Maar het is gemakkelijk te verklaren. Xi’an was tijdens de Tangdynastie (dat waren de jaren 618-907) de hoofdstad van China. Het was in die tijd de eerste stad ter wereld die meer dan 1 miljoen inwoners had en die waren bij lange na niet allemaal Chinees. Xi’an lag langs de zijderoute en stond zo in verbinding met Europa en vele Centraal-Aziatische gebieden. Er woonden destijds duizenden buitenlandse kooplieden in de stad en die namen natuurlijk hun gewoontes mee. Tegenwoordig kennen we de stad vooral van het beroemde terracottaleger.

Wanneer er een eetlepel Chinese zwarte rijstazijn nodig is wil ik nog wel eens voorstellen om deze te vervangen met gewone (balsamico)azijn. Maar het is hier zo’n belangrijk ingrediënt dat je er niet onderuit komt. Je koopt het bij de toko:


Noedels uit Xi’an
veganistisch recept voor 2 grote en 2 a 3 kleine mensen

Voor de saus meng je de volgende ingrediënten door elkaar:

2 opgehoopte el tahinpasta (sesampasta – Ik gebruikte die van Al’fez, die vrij uitgesproken van smaak is)
2 el sojasaus (zoals Kikkoman)
4 kleine tenen knoflook, gesnipperd
2 el bruine suiker
6 el (ongezoete) Chinese, zwarte rijstazijn (zie boven)
1 el chiliolie (desnoods te vervangen met iets anders heets)


Voor de specerijen meng je het volgende door elkaar en verhit dit in een droge koekenpan tot het geurig is. Roer het dan door de saus:

een snuf chilivlokken
1 el 5 spices (of gelijke delen (alles gemalen) Szechuanpeper, venkelzaad, kaneel, steranijs en kruidnagel)
1 tl gemalen komijn
2 tl sesamzaadjes

Verder nodig:
350 gr noedels (mie)
ongeveer 750 gr broccoli, in kleine (gehalveerde) roosjes en de stronk kan best geschild worden en dan in kleine blokjes gesneden! Trouwens, andere groente kan natuurlijk ook. Het origineel ging zelfs uit van vlees.
wat olie om te bakken

Goed, staat de saus met daarin de specerijen klaar? Begin dan met de broccoli; kook die even in water bijna gaar (paar minuten – maak het niet te zacht!) Verhit een wok of hapjespan, giet de broccoli af en bak het op hoog vuur even op in wat olie in de wok of hapjespan.

Ondertussen de noedels gaar koken en dan toevoegen aan de broccoli. Aan het einde voeg je ook de saus toe, schep door en serveer. Laat het niet meer bakken, want anders verbrandt de suiker in de saus.



2 juni 2019

Rendangballetjes van gehakt (kan ook vegetarisch!)



Dus. Ik heb ruim 800 recepten op dit blog gezet, maar draadjesvlees is een dingetje hier. Dat wordt nooit iets anders dan schoenzool… Jawel, ik weet heus wel hoe het moet, u hoeft níet hieronder te reageren, en ik volg heus alle regels op, maar ergens gaat er iets mis. Ik weet het ook niet. Mijn enige troost is dat wij hier grotendeels vegetarisch eten, dus mijn onkunde valt niet erg op. Toch hebben wij nog een zwak voor gehaktballetjes. Die komen soms nog op tafel. En laten we nou ook een zwak hebben voor rendang. En voilà, om met Cas Spijkers te spreken, dan krijg je dus dit.

Kleine noot voor de vegetarier: ik maak dit dus ook wel eens vegetarisch, waarbij ik kant-en-klare balletjes (bv de Vegetarische Balletjes van de Lidl) in de saus serveer. Ik gebruik dan 400 gram balletjes en houd wat meer saus over voor de rijst die ik erbij eet. Ook lekker bijvoorbeeld met gewokte paksoi met wat ketjap manis en sambal erdoor!

Rendangballetjes van gehakt
Voor zo’n 36 ‘pingpongballetjes’

Tip: verse laos bewaar ik in de diepvries. Ik koop een verse laoswortel, snijd dat in plakjes van een centimeter en leg dat in een bakje in de vriezer. Je kunt zo gemakkelijk verse laos op voorraad houden.

Voor de balletjes:
1 kg (runder)gehakt
1 groot ei (L)
handvol paneermeel
2 tl kerrie
2 tl komijn
1 tl gember
2 tl zout en voldoende peper
likje sambal
wat olie of boter om in te bakken

Voor de boemboe:
1 grote ui, gesnipperd
1 teen knoflook, gesnipperd
2 tl sambal oelek
1 tl laospoeder of een stukje vers (bv uit de diepvries, zie boven)
1 tl kurkuma
1 el verse gember

Verder nodig:
1 stengel citroengras of een paar verse (of diepvries) limoenblaadjes
1 a 2 el geconcentreerde tomatenpuree
100 gr santen
350 ml bouillon (1/2 blokje groente- of kippenbouillon)
eventueel een beetje maïzena
Zout

Maak het gehakt aan met de rest van de ingrediënten. Maak er balletjes van en bak ze gaar en bruin in wat olie of boter en houd ze daarna apart.

Stamp voor de boemboe alles samen in een vijzel.

Haal het meeste vet uit de pan en voeg de boemboe toe aan de lege pan (of voor de vega optie: verhit wat olie in de pan). Fruit de boemboe enkele minuten en voeg dan de tomatenpuree toe. Bak deze eventjes mee en doe dan ook de stengel citroengras, santen en bouillon erbij. Voeg tenslotte de balletjes ook weer toe. Laat de saus nu wat verder inkoken tot de gewenste dikte. Rendang is eigenlijk vrij droog, maar ik wil graag nog wat saus overhouden. Waar nodig kan je de saus wat sneller dikker laten worden door er wat met water aangemaakte maïzena aan te voegen. Proef ook of het nog wat zout nodig heeft.


5 mei 2019

Gebakken zalm met gemberhoning en kokosrijst



Het grootste succes deze week was zonder twijfel de zak norivlokjes van Saitaku, welke je over rijst en dergelijke kan strooien. Het gaat om krokant geroosterd zeewier gemengd met sesamolie en sesamzaad. Nogal prijzig (3,49 bij de AH voor een zakje dat de familie hier zo leeg schudt bij het avondeten), maar erg lekker. Ik had het al eerder gebruikt op de zelf gepopte popcorn en later die dag ook op gebakken zalm, bestreken met gemberhoning, en met kokosrijst erbij. Nou jongens, dat was smullen en ik kan het aanraden.



De norivlokken in kwestie



De popcorn met nori

De zalm werd bestreken met de gemberhoning van Melvita (in ieder geval nu verkrijgbaar bij de Jumbo). Het is een vrij stevige honing met een duidelijk gembersmaak, die ik zelf erg kan waarderen. Je kunt ook gewone honing gebruiken en een theelepel fijngehakte gember toevoegen.
Daarbij kwam basmatirijst van Tilda, welke een mooie stevige, kleine korrel heeft. Deze werd gekookt in een mengsel van kokosmelk (altijd van Go Tan – mijn favoriet van de supermarktmerken) en gewoon water. Nou, en daarbij dan wat gewone broccoli en je feestmaal is klaar.

Gebakken zalm met gemberhoning en kokosrijst
recept voor 2 grote en 2 a 3 kleine mensen

voor de zalm:
4 (of 5) stukken zalmfilet, zonder huid, samen ongeveer 500 gram (diepvries is prima)
75 gr Melvita gemberhoning (of gewone honing met een theelepel heel fijn gehakte, verse gember)
40 ml sojasaus, zoals Kikkoman (geen ketjap manis)
1 grote teen knoflook, gesnipperd
eventueel om er extra overheen te strooien: ringetjes lente-ui, sesamzaad en/of dus die nori sprinkles

voor de rijst:
200 gr witte basmatirijst, zoals Tilda (geen snelkookvarianten!)
250 ml kokosmelk (=1 tetrapakje van Go tan)
225 ml water
zout

verder nodig:
2 stronkjes broccoli, in roosjes

Begin met de zalm: marineer de stukken (ontdooide!) zalm in het mengsel van honing, sojasaus en knoflook. Als je de marinade iets verwarmt in de magnetron is deze makkelijk door elkaar te roeren. Laat de zalm en marinade in ieder geval 15 minuten in de koelkast staan, maar liever langer.

Verhit de oven op 200 graden (180 graden hetelucht). Leg bakpapier op een bakplaat en daarop de zalm. Bestrijk elk stuk zalm met een eetlepel van de marinade en bak ze dan 10 tot 15 minuten afhankelijk van de dikte. In de laatste paar minuten kan je nog een eetlepel marinade erover lepelen, maar laat het dan nog wel even bakken.

Ondertussen de rijst maken: schenk de kokosmelk met het water in een pan, samen met de rijst en breng dit af en toe roerend aan de kook. Kook de rijst in een pan met deksel op laag vuur in ongeveer 10 minuten (ligt ook aan de soort rijst!) gaar. Controleer wel aan het einde of het niet te droog kookt. Laat desnoods zonder deksel het resterende vocht verdampen tot het een smeuig geheel is.

En ondertussen kook (of stoom) je ook de broccoli gaar in water. Serveren met de nori sprinkles of sesamzaad.



17 februari 2019

Aloo Palak



Drie jaar geleden blogde ik al over de Saag Aloo van Jamie Oliver, maar dat recept was dankzij een ellenlange waslijst aan ingredienten wel wat ontmoedigend. Nu kwam dat trouwens vooral door de currypasta die je zelf kon maken, want de rest van het recept hieronder komt grotendeels overeen met die van Jamie. Toch is dit recept zo simpel en doordeweeks dat ik het toch weer blog.

Aloo Palak of Saag Aloo – het komt op hetzelfde neer. Aloo betekent aardappel, Saag slaat op groene bladgroente, en Palak is simpelweg spinazie.

Oh ja, en die koriander haal je dus bij een Turkse winkel ofzo, he? Niet bij de Appie! Dan ben je namelijk 7 euro verder in plaats van 50 cent. Je hebt echt een flinke bos nodig. Ik ga uit van zo’n 100 gram. Daar haal ik alleen de dikste steeltjes uit, de rest gebruik ik.


Aloo Palak
Vegetarisch of veganistisch (met olie ipv ghee) recept voor 2 grote en 2 a 3 kleine mensen
nb. Ik gebruik maatlepeltjes waarbij 1 tl = 5 ml – dat zijn grote theelepels

1 grote bos verse koriander (100 gr)
1 grote groene chili, gehakt
3 teentjes knoflook, gehakt
goede scheut (olijf)olie of ghee
1 tl mosterdzaad
2 tl komijnzaad (hele zaadjes, geen poeder)
1 tl kurkuma
2 middelgrote uien, gesnipperd
zout naar smaak
1 blik gepelde tomaten (a 400 gr)
1 tl chilipoeder (ach, of iets anders heets – kijk maar)
2 tl korianderpoeder
1 kg vastkokende aardappels, geschild en in dobbelsteentjes
ongeveer 500 gr verse spinazie, desnoods even grof gehakt
2 tl garam masala

Verder nodig: een grote hapjespan of grote braadpan met deksel. Maar ik heb ook wel gewoon een grote kookpan gebruikt.

Snijd van de koriander de dikste steeltjes eraf en gebruik de rest: doe dit in een kom, samen met de gehakte chili en knoflook. Pureer het met een staafmixer tot een soort pesto. Daar mag een scheutje water bij om het vloeibaar genoeg te maken om te kunnen pureren.

Verhit de olie in een pan waar straks een deksel op past en voeg het mosterdzaad en komijnzaad toe. Verhit dit even kort tot het mosterdzaad goed heet is en voeg dan de kurkuma toe, samen met de uien en bak dit gedurende 5 minuten.

Voeg de tomaten toe, druk die stuk, en voeg de korianderpasta toe, samen met de chilipoeder en korianderpoeder. Leg de deksel erop en laat het 8 minuten zachtjes pruttelen.
Voeg de aardappelblokjes toe. Als het goed is, is de ‘saus’ nog nat genoeg, een beetje papperig. Verhit het weer en draai dan het vuur redelijk laag, maar het moet wel goed doorpruttelen, en kook het nu gedurende 12 minuten. Af en toe omscheppen. De aardappelstukjes zijn na 12 minuten hopelijk zacht, maar nog niet helemaal gaar. Je kunt ze wel makkelijk doorbijten bijvoorbeeld. Als dat niet zo is, kook je ze nog even verder.
Dan voeg je de spinazie toe en laat deze slinken met het deksel erop (nog eens 15 minuten). De spinazie laat ook vocht los, zodat de aardappels verder kunnen garen. Ook weer af en toe omscheppen, zeker als je een gewone kookpan gebruikt! Proef de aardappels tenslotte. Wanneer deze goed gaar zijn, is het klaar. Voeg nu nog wel de garam masala toe en serveer direct.

Lekker met rijst of naanbrood en een klodder dikke yoghurt kan ook geen kwaad. Ik koop er trouwens ook wel eens van dat platte Libanese platbrood bij, waarmee je de aardappel met de hand kunt eten.



11 februari 2019

Sambal Goreng Tempeh


Tja, wat zal ik zeggen... Het recept hieronder komt uit Sergio Hermans nieuwe boek Just Cook It, maar ik heb wat dingen aangepast. En terwijl ik dat in een blog probeerde uit te leggen, zat ik opeens middenin een recensie van het boek. Ik heb namelijk wel wat commentaar.

Ik mag eigenlijk van mezelf geen kookboeken meer kopen, tenzij er eentje is die mij echt inspireert en laat watertanden. Nou vooruit, dat deed dit boek in de boekhandel wel. Ik zag veel leuke recepten, ze waren inspirerend, en er was weliswaar nagenoeg niets vegetarisch bij, maar ik kreeg wel meteen allerlei ideeën om ze vegetarisch te maken. Daar kon ik dus wel mee aan de slag.
Maar eenmaal in de keuken zag ik toch ook de wat lummelige receptuur, met gaten waar de onervaren kok niets mee kan. De ingemaakte citroenen bijvoorbeeld, waarbij niet wordt gezegd dat je de pot eerst een maand moet wegzetten voordat je het kan eten. Kon dat er nou niet even bij worden vermeld? Of dan de tempeh uit het recept hieronder, die niet meer werd genoemd in het boek nadat het is bereid en apart gezet. Bij de opmaak komt hij niet meer terug. Dat vind ik slordig. Zo wordt er in dit recept ook gesproken over ‘2 el ketjap’, wat ik lees als ketjap manis, en die ‘1 el soja’ (nee, niet sojasaus, maar gewoon 'soja') zal wel de ongezoete sojasaus zoals Kikkoman zijn, maar helemaal zeker ben ik daar niet van. En dan die augurken? Zijn die rauw, zoetzuur of zuur? Voor een chef die wel onderscheid maakt tussen Cabernet Sauvignon-azijn, Chardonnay azijn en gewone wijnazijn, dan wel rood of wit, lijkt me dat verschil wel aanzienlijk? En in een ander recept moet de rijst ‘lekker nissig’ worden gemaakt met bouillon. Nissig is Zeeuws voor ‘vochtig’ en hoewel ik wel kon raden wat hij wilde, lijkt Zeeuws dialect in een Nederlands kookboek me niet zo handig. Net zoals een 'bokaal' alleen in België op een weckpot slaat. Voor mij is een bokaal vooral een soort sierglas. Verwarrend...


En dan is het recept hieronder ook nog eens te complex gemaakt. In meerdere recepten in het boek gebruikt Sergio namelijk een basisrecept voor een ‘tomatencompote’, wat een soort ingekookte grove tomatensaus is. Nu stel ik mij zo voor dat hij zelf altijd een pannetje op het kleinste pitje heeft staan om daar naar gelieve een soeplepel uit te vissen, maar dat hebben wij hier niet en het is een beetje suf om voor 200 ml van deze saus een uur uit te trekken. Daar komt bij dat je nooit 200 ml maakt, maar altijd veel meer en de vraag is dan wat je met de rest doet. Weggooien? Invriezen? Of toch maar gewoon alles bij de rijst doen? Dat laatste werd het inderdaad en dat beviel prima. Ook heb ik de saus geïntegreerd in het recept in plaats van het apart erbij te maken. De Italiaanse kruiden in de saus zijn opvallend (oregano!), maar zeker niet storend, dus ik heb ze erin gehouden. Wie ben ik om te zeggen dat de chef geen oregano in zijn Indische rijst kan doen? We noemen het maar fusion. Tenzij het een foutje in het boek is? Oh ja, en ik heb het spek eruit gelaten. Sergio bakt er nog wat gerookt spek bij, maar voor de vega versie liet ik dat dus weg. Kortom, we fröbelen wel wat aan met dit recept en dit is mijn versie:
  
Sambal Goreng Tempeh
Vegetarisch recept of veganistisch zonder de eieren voor 2 grote en 2 a 3 kleine mensen
vrij naar een recept van Sergio Hermans uit zijn boek Just Cook It

voor de tempeh:
200 gram tempeh, in kleine reepjes
1 klein teentje knoflook, heel fijn gesnipperd of geraspt
2 el ketjap manis
1 el sojasaus (type Kikkoman)
de rasp van 1 limoen (het sap gebruik je in de salade!) – een kleine citroen mag van mij ook
1 el sushi-azijn (desnoods te vervangen met gewone blanke azijn en een snufje suiker, want meer is het niet)
1 ruime tl palmsuiker (gula djawa)

Voor de rijst:
1 verse rode chili, gesnipperd of een lik sambal oelek en eventueel meer naar smaak
3 tenen knoflook, gesnipperd
2 uien, gesnipperd
(olijf)olie om te bakken
1 tl tijm
1 tl oregano
25 ml witte wijnazijn
1 ruime tl palmsuiker (gula djawa)
1 blik tomaatstukjes (400 gr)
1 cm verse laos, geraspt of fijn gesnipperd (de rest van de wortel in stukjes van zo’n 2 cm snijden en invriezen! Dan pak je het er de volgende keer zo uit voor je volgende Indonesische recept)
300 gr rijst (wit of zilvervlies)
1 ruime tl tamarindepasta
zout naar smaak

Voor erop:
1 ei p.p.
1 flinke komkommer
1 rode ui, in fijne, halve ringen
2 zoetzure augurken, in plakjes
1 el koriander (maar basilicum is ook lekker!)
vinaigrette gemaakt van 1 el blanke azijn, een snuf tijm, een beetje fijngehakte basilicum (of nog wat koriander), 1 el sap van de limoen die je nog overhield, 2 el olijfolie en een snuf zout

Doe alle ingrediënten voor de tempeh in een koekenpan, meng het goed en verhit de pan. Laat het rustig iets inkoken totdat het nog alleen maar iets vochtig is en de saus aan de tempeh kleeft. Zet het daarna apart weg.

Ga verder met de rijst: fruit de chilipeper of sambal, uien en knoflook in een grote hapjespan of braadpan in een scheutje olie. Voeg het ingrediëntenlijstje tijm tot en met laos toe en laat dit zeker een half uur zonder deksel zachtjes pruttelen, zodat de saus wat indikt.
Ondertussen kook je de rijst gaar. Laat uitlekken en iets droog stomen en voeg deze na het halve uur pruttelen toe aan de tomatensaus. Breng op smaak met zout, tamarindepasta en sambal en laat even lekker doorwarmen.

Ondertussen de salade maken: snijd de komkommer in de lengte door en schraap er met een lepel de zaadlijst uit. Snijd hem dan in plakjes. Meng het dan met de augurk, ui, koriander en vinaigrette.
Bak de eieren in een pan. En dan op je bord: ik mengde de tempeh met de rijst, maar je zou hem er ook op kunnen serveren, samen met een gebakken ei. Lepel op het bord ook wat salade op de rijst; deze is vooral samen gegeten erg lekker. De rijst is van zichzelf niet bijzonder, maar de tempeh en salade tillen het duidelijk naar een hoger plan.



16 december 2018

Thaise curry met sperziebonen en visballetjes



Nou, die visballetjes van de vorige blogpost zijn een hit bij ons thuis. Ik heb ze nu al meerdere keren gemaakt in allerlei verschillende smaken. Rode pesto is lekker, met geraspte gember en chilipeper ook, en helemaal goed waren de balletjes hieronder, die in een Thais kokosbadje lagen met sperziebonen. De curry heeft een dunne saus, die je op of bij je rijst eet, met de balletjes uit de oven ernaast. Ik vond dit een erg geslaagd recept!

Het origineel gebruikt kokosroom wat dikker is als kokosmelk (het is de dikke melk die vaak bovenop drijft bij de betere blikken/pakken kokosmelk). Maar je kunt ook gewoon kokosmelk gebruiken. Ik heb beide geprobeerd en vond er niet een groot verschil in zitten. De saus wordt namelijk toch behoorlijk verdund met kippenbouillon.

En dan nog even over de verse limoenblaadjes. Dat koop je in een fatsoenlijk gesorteerde toko in de vriezer (hier zijn dat wel 100 blaadjes in een zak, maar je kunt het heel lang in je eigen vriezer bewaren). Ik denk niet dat je überhaupt de moeite hoeft te doen om uit te kijken naar stoffige, gedroogde blaadjes zonder smaak. Laat het hele recept dan maar zitten. Limoenblad is erg bepalend. Als je het gebruikt, weet je waarom – het heeft een sterke, frisse geur van citronella.

Citroengras mag tegenwoordig ook geen obstakel meer zijn. Zelfs de Lidl verkoopt ze in een zakje waar een paar stengels in zitten. Wat je niet gebruikt doe je gewoon (in hele stengels) in de vriezer en je kunt het de volgende keer zo vanuit de vriezer toevoegen aan een gerecht. Tenslotte hoef je de stengels in de meeste recepten alleen maar te kneuzen en dan maakt het niet zo veel uit of het uit de vriezer komt. 

Thaise curry met sperziebonen en visballetjes
Gebaseerd op een recept van Gourmet Traveller

800 ml kippenbouillon (van 1 tablet voor 500 ml)
250 ml kokosmelk (een pakje van GoTan)
ongeveer 6 limoenblaadjes
1 stengel citroengras, in 3 stukken
1 pakje Fairtrade Thaise Gele Currypasta van 70 gr (of een ander merk, maar ik ben erg tevreden over deze curry)
1 el tamarindepuree
2 el vissaus
2 el oestersaus
1 el suiker
500 – 600 gr sperziebonen, in stukjes van 3 cm (gebroken boontjes uit de diepvries zijn ook prima)
sap van twee mandarijnen
zout naar smaak
optioneel: een handvol gehakte Thais basilicum

verder nodig:
serveren met rijst en visballetjes, welke je maakt volgens dit recept. Ik gebruikte 600 gr koolvisfilet uit de vriezer en bracht het op smaak met 1 volle theelepel van de currypasta uit het curryrecept hierboven.

Maak eerst het deeg voor de visballetjes en zet dat koud weg.

Doe de bouillon, kokosmelk of –room, limoenblaadjes en citroengras in een grote kookpan (of een grote hapjespan) en breng dit aan de kook. Voeg de currypasta toe (ik haalde er iets vanaf voor de visballetjes en voegde de rest toe aan de curry), samen met de tamarindepuree, vissaus, oestersaus en suiker. Even roeren en dan ook de sperziebonen toevoegen. Breng weer aan de kook en laat het dan zonder deksel rustig koken tot de bonen gaar zijn (tien minuten voor diepvriesboontjes, wat langer voor verse boontjes.)
Breng het tenslotte op smaak met zout (ik vond het niet nodig – de sauzen bevatten ook al zout) en roer het mandarijnensap erdoor.

Ondertussen rijst koken en de visballetjes maken en bakken in de oven volgens het recept in de link als boven (de balletjes doen er 20 minuten over, dus wanneer je die de oven in schuift begin je direct met de curry en daarna de rijst). De saus blijft een soort dunne bouillon, dat is de bedoeling. Je schept het op of bij de rijst op je bord.