19 november 2016

Klassieke chipolatapudding


Van de klassieke puddingen is dit zeker wel een persoonlijke favoriet! Maar hij is niet voor kinderen bedoeld. Er zit namelijk een zeer stevig glas drank doorheen. Dat kan worden weggelaten, maar dan heb je geen echte chipolata. Als er toch kinderen mee eten kan je losse glaasjes maken en versies met en zonder drank maken. Of laat hun fruit weken in wat druiven- of appelsap.

De chipolata is een Nederlands begrip. Het woord komt uit het Frans, maar daar is het alleen bekend als worstje van varkensvlees (inmiddels is dat worstje verwarrend genoeg ook bij ons te koop). Het ontleent zijn naam aan zijn gelijkenis met een ragout met fijne stukjes erin, waarvoor de naam chipolata vroeger ook wel werd gebruikt.

De marasquin, een kersenlikeur met een smaak van amandel, koop je bij de slijter, die waarschijnlijk miniflesjes van meestal 100 ml verkoopt. Maar een goede marasquin is ook als glaasje erg lekker, dus een grotere fles mag ook geen probleem zijn.


Chipolatapudding
recept voor 4 (=royale porties) tot 6 personen

500 ml melk
1 vanillestokje
50 gr blanke rozijnen
80 ml marasquin (likeur)
100 gr bigarreaux (van die fel gekleurde gekonfijte kersjes – te vinden bij de bakproducten), in stukjes
3 eierdooiers
100 gr suiker
6 blaadjes witte gelatine
100 gr bitterkoekjes, in stukjes
250 ml slagroom

Voor een puddingvorm van 1 liter of 6 losse glaasjes

Doe de melk in een kookpan en verhit het. Snijd het vanillestokje in de lengte open en schraap het merg eruit. Doe het vanillestokje met merg bij de melk. Laat dit 20 minuten trekken op heel laag vuur.

Laat de rozijnen en gehakte bigarreaux weken in de marasquin. Week de gelatine in een bak koud water.

Klop de eierdooiers schuimig met de suiker. Haal het vanillestokje uit de melk.

Giet de hete melk nu in een zeer klein straaltje bij het eimengsel, terwijl je met een garde erin klopt. Niet teveel melk in een keer en ook blijven kloppen, anders zit je met roerei. Als de helft van de melk in de kom zit, kan je alles teruggieten in de pan en je laat dit op vrij laag vuur, al roerend, binden. Laat het absoluut niet koken! Als je een kookthermometer hebt, is een temperatuur van zo’n 70 tot 75 graden mooi. Het ei zal hierbij binden, maar je loopt niet het gevaar dat de massa gaat koken, waarbij het ei in stukjes zal stollen. Dit zal vijf tot tien minuten duren. Het wordt geen dikke vla met slechts 3 eierdooiers, maar wanneer je er een lepel in steekt en met je vinger over de bolle kant veegt en de lepel schuin houdt, dan moet de streep zich niet meer vullen.
Haal de gelatine uit het water en knijp het uit. Voeg het toe aan de vla en roer het er goed door. Je kunt de vla nu door een fijne zeef halen voor de zekerheid en laat het daarna afkoelen.

Wanneer de vla echt lobbig begint te worden (tegen die tijd kan je het ook in de koelkast verder koelen) breek je de bitterkoekjes in stukjes en voeg je ze toe aan de rozijnen en drank. Laat het nog even staan om te weken. Klop de slagroom stijf. De vla moet nu echt zodanig stevig zijn dat de vruchten niet naar de bodem zullen zakken. Doe dan een schepje vla bij de slagroom en spatel het erdoor om het aan elkaar te laten wennen. Voeg daarna pas de rest toe en spatel het door elkaar. Voeg ook de rozijnen met drank toe. Zachtjes mengen om er geen lucht uit te kloppen!

Spoel een vorm om met koud water en doe de chipolata in. Dek het af en zet het in ieder geval nog 3 a 4 uur in de koelkast om op te laten stijven. Stort de pudding daarna op een schaal en maak het eventueel op met slagroom, fruit en chocolade. Maar je kunt het ook goed een dag van tevoren maken. Als de pudding niet uit de vorm wil komen, kan je hem kort in een bak warm water zetten, zodat de buitenkant iets zachter wordt.

nb. Wie ander fruit in de chipolata wil gebruiken moet erop letten om in ieder geval geen ananas of kiwi te gebruiken. Dit fruit gaat slecht samen met gelatine en de pudding zal niet stijf worden.
  

Geen opmerkingen: