16 juni 2012

Kip met Marmite


Meneer Marsepein is dol op obscure ingrediënten. Je maakt hem oprecht blij met een vage toko vol onbekende pakjes en zakjes (zolang het maar niet van een dier is. Alhoewel, van gemalen visjes wordt hij wel blij) of Noorse bruine blokken waarvan je moet raden wat het überhaupt zou kunnen zijn (“zou het vis of kaas zijn? Of toch een toiletblok met karamelgeur?”)  

Hij kwam dus ook met Marmite thuis. Het is hier in Nederland niet onbekend, maar ondertussen heeft niemand die ik ken het ooit geproefd. Het staat bij de AH, maar koopt iemand dat ooit? Nou ja, een verdwaalde Brit of Australier waarschijnlijk, want je moet er mee zijn opgegroeid om het echt te kunnen waarderen.

Een crumpet zeer dun (ik zeg dus zeer dun) besmeerd met Marmite is niet eens zo slecht. Het lijkt nog het meeste op vloeibare bouillonblokjes, maar het is een gistextract, dat voor een sterke umami-smaak zorgt. Het rundvleesextract Bovril is ook zo’n traditioneel Brits goedje, terwijl Vegemite de vegetarische Australische variant is. Marmite bevat ook geen vlees. Ze zijn allemaal goed te gebruiken om gerechten mee op smaak te brengen, eigenlijk een beetje zoals je bouillonblokjes gebruikt.

Kip met Marmite
Recept voor 3 a 4 personen
600 gr kipfilet

Marinade:
1 flinke tl marmite
1 el honing
1 el ketjap manis
1 scheut droge sherry

Verder: olie om in te bakken en sesamzaad om erover te strooien
Voor de saus:  een beetje extra marmite en honing en misschien nog wat sherry

Kerf de kipfilets met een aantal snedes tot 2/3 in, zodat de marinade er goed in kan trekken, of snijd ze in blokjes. Roer de ingrediënten voor de marinade samen en marineer de kip hier minimaal 3 uur in (in de koelkast uiteraard).

Laat de kip uitlekken, en dep het wat droog. Bewaar de marinade.

Verhit de olie in een pan en bak de kip rondom bruin en gaar. Voeg dan de marinade toe en wentel de kip hierin. Laat het geheel wat inkoken. De rauwe kip heeft in de marinade gelegen, dus het moet sowieso even goed verhit worden. Breng op smaak met wat extra marmite en honing, en strooi er wat sesamzaad over.

Oordeel van het smaakpanel:  Woohooo!! Laat maar doorkomen!!






11 juni 2012

Knoflook monkeybread


Monkeybread is een Amerikaans brood dat bestaat uit kleine stukjes deeg die worden gewenteld in een mengsel van gesmolten boter, kaneel, bruine suiker en gehakte pecannoten. Eigenlijk horen het vrij kleine stukjes brood te zijn en het ziet er nogal rommelig uit. Dat is direct de reden waarom ik mooie bolletjes maakte. Gewoon, zodat het wat beter oogt. Google maar op afbeeldingen van monkeybread en je ziet direct wat eigenlijk de bedoeling is.

Dit is een hartige variant die wij bij de soep aten.

Knoflook Monkeybread


Brood:
500 gr broodmeel (geen normale bloem; of gebruik een pak broodmix, dat beter verkrijgbaar is. Maak het deeg dan volgens de verpakking en voeg er de knoflook aan toe)
10 gr boter
1 zakje gedroogde gist
300 ml lauw water
1 teen knoflook uit de pers
2 tl zout (niet te zuinig)

Botermengsel:
75 gr roomboter op kamertemperatuur
2 tenen knoflook uit de pers
ruim zout
peper
4 grote el verse gehakte kruiden (of een flinke hand): bv bieslook, peterselie, daslook, basilicum, etc./ of een combinatie van verse rozemarijn, tijm en salie

Verder een bakvorm of springvorm van 24 tot 26 cm

Meng alle ingrediënten voor het brood en laat dit even rusten. Maak ondertussen de boter door alles door elkaar te roeren. Breng het goed op smaak met zout, ook het brood trouwens. 

Vorm dan bolletjes van het brood ter grootte van een kleine pruim en smeer deze in met de boter. Wat mij betreft gaat dit het beste met je handen. Bekleed de vorm met wat bakpapier (of klem een vel bakpapier op de bodem van de springvorm vast) en leg de bolletjes er in. Geef ze wat ruimte om te rijzen. Dek het af met een theedoek en laat het op een warme plek rustig rijzen totdat de bodem van de vorm bedekt is met deeg.




Bak het brood gaar en bruin in een oven van 190 graden (170 graden hetelucht) in ongeveer 30-35 minuten. Als je een springvorm gebruikt, loopt de boter er waarschijnlijk een beetje uit, dus kijk uit bij het oppakken van de hete vorm.

Oordeel van het smaakpanel: de dames begrijpen het concept van brood dippen in soep volledig. Kleine chef heeft er liever ‘smeerkees’ op.




9 juni 2012

EK Gijpvogel-spiesjes met satesaus


De Gijpvogel verspreidt zich gedurende het EK met waanzinnige aantallen over Nederland, maar mogen wettelijk als gekloonde diersoort, na het EK, niet in het wild worden losgelaten. Ruimen is dan het enige middel om desastreuze gevolgen te voorkomen. Marsepein zou graag aandringen op wetgeving die dit soort noodslachtingen in de toekomst overbodig maakt. Maar gezien de huidige situatie adviseren wij van Marsepein om van de nood een deugd te maken. Het verstandigste is daarom om deze laboratoriumbeesten op te ruimen en te consumeren. Tenslotte mag ten tijde van oranje volksvreugde een smakelijk vogeltje met satésaus niet ontbreken.


Zorg voor magere Gijpvogels. Ze neigen snel naar vadsigheid en zijn dan niet meer lekker. Laat ze eventueel door de poelier alvast schoonmaken.



Verwijder allereerst alle ongerechtigheden en was de vogels grondig af.


Mensen die het prettig vinden om hun beesten onherkenbaar op hun bord te krijgen, kunnen ook de pootjes afhakken. Het is echter niet perse nodig en de oranje ledematen staan immers ook vrolijk en kunnen worden afgekloven.

 
Heeft u de spiesjes een half uurtje in water laten weken? Anders zouden ze kunnen verbranden bij het barbecueën of grillen! Gebruik eventueel een fles met water waar u de spiesjes in stopt; dit is handiger dan een enorme bak die op het aanrecht moet staan.

 
Zoek met het spiesje een weke plek in het achterwerk en duw de spies dan krachtig naar binnen. Houd de vogel stevig vast.

 
Mogelijk ondervindt u enige obstructie in het inwendige, maar zoek met de spies een weg daaromheen en druk het door tot de kop. In de kop aangekomen moet het vervolgens een simpel klusje zijn. Tenslotte heeft de Gijpvogel geen hersens en kunt u makkelijk de weg naar buiten weer vinden.


 
Maak nu een marinade van ketjap, honing, een scheut witte wijn of droge sherry en voeg daar een gesnipperde teen knoflook en een kleine ui aan toe. Een likje sambal is ook een fijne toevoeging. De vogels zijn vrij zuur van zichzelf, dus een opgehoopte eetlepel bruine suiker is zeker een aanrader!


Leg de vogels in de goed omgeroerde marinade en wentel ze rond.


 
Zet ze enkele uren afgedekt in de koelkast.

 
U bent nu klaar voor het grillen. Zet de bbq of grillpan klaar. Beiden moeten loeiheet zijn.


Bak de vogels aan beide zijden bruin en knapperig.
 
Voor de saus moet u niet te moeilijk doen; wij vinden zelf de vogels het lekkerste met een goedkope supermarktsatésaus uit een emmertje. U kunt wel duur doen met kokosroom, gehakte pinda’s en chilipepers, maar dit doet de Gijpvogel echt geen recht. Zelfs een restje opgewarmde saus van gisteren voldoet nog uitstekend. 





6 juni 2012

Pesto van geroosterde bloemkool


Soms heeft een recept zijn naam niet mee. Goed, pesto klinkt altijd goed, maar van bloemkool?? Nu is het toch fijn dat de familie Marsepein dit wel even voor u wilde testen. Zo zijn we. En we kunnen opgelucht en met droge ogen zeggen dat deze pesto de moeite waard is. Een nadeel is dat het hele huis naar bloemkool stinkt (volgens meneer een nogal zwaarwegend nadeel), maar als alle kleine snaveltjes hier opengaan voor meer, dan is de opzet weer geslaagd.

De bloemkool wordt geroosterd en daar werd al eerder over geblogd. De smaak wordt er zachter en wat nootachtig van. Bovendien raakt de groente wat vocht kwijt, zodat de pesto niet een soort slush puppy wordt, zoals je misschien zou verwachten.  De smaak van de bloemkool is zelfs niet eens zo sterk aanwezig door de sterkere smaken van knoflook en peterselie. Dit klinkt nog steeds alsof ik excuses aan het maken ben, maar feit is dat we dit zeker nog eens zullen maken. Er is gewoon niets mis met deze pesto!

Het is geen snel recept voor doordeweeks, maar de bloemkool kan wel de avond van tevoren worden geroosterd. Daarna is het een fluitje van een cent.


Pesto van geroosterde bloemkool
bron: gebaseerd op een recept van Stacey Snacks
recept is voldoende voor 500-600 gram pasta


1 kleine bloemkool
zout, peper en olijfolie
75 gr amandelen (met vlies kan)
1 grote teen knoflook, of 2 kleintjes
30 gr peterselie, alleen de blaadjes
2 el kappertjes
75 gr pecorino
Verwarm de oven op 175 graden (155 graden hetelucht).
Snijd de bloemkool in grote stukken of snijd hem gewoon als een brood in dikke plakken van 2 cm. Leg deze op een bakplaat (met bakpapier) in een enkele laag. Smeer ze aan alle kanten ruim in met olijfolie en bestrooi met zout en peper. Zet de bloemkool 1 uur lang in de oven.
Meng de bloemkool met de rest van de ingrediënten in een keukenmachine tot een pesto. Het hoeft niet helemaal glad te zijn. Voeg daarna olijfolie toe voor de smaak. Het is een te grote hoeveelheid pesto om met olie smeuig te maken (althans, het stuitte mij tegen de borst om zoveel olie toe te voegen, maar als u die bezwaren niet kent, dan heb ik niets gezegd), dus voeg wat toe voor de smaak en bewaar wat kookwater van de pasta om de saus iets dunner te maken.
Kook er pasta bij en serveer met extra pecorino of parmezaan.
Oordeel van het smaakpanel: onze kinderen houden wel van stevige smaken en zijn gek op rauwe knoflook. Deze houden we erin.




2 juni 2012

Coronation chicken en Groom's cake


Zestig jaar zit queen Elizabeth vandaag op haar troon. Voor wie de Britse media een beetje volgde de afgelopen maanden, was het onontkoombaar en men struikelde met enige regelmaat over jubelende, koningsgezinde onderdanen die deze happening aangrijpen voor een feest. Als nuchtere Hollander vraag ik me af hoeveel mensen dit nu daadwerkelijk gaan vieren, maar ik ben bang dat er meer dan een handjevol mensen Jubilee-parafernalia in huis hebben gehaald. Je zag het allemaal langskomen de afgelopen weken; jubilee cupcakes, jubilee theepotten, speciale marsepeinmixen om je Victoria sponge te bekleden als Britse vlag, Jubilee vlaggetjes, servetten en vooral veel recepten. Maar één recept steekt daar met kop en schouders boven uit; coronation chicken. De salade die zestig jaar geleden werd bedacht bij haar kroning en waar natuurlijk weer een mooi verhaal aan vast zit. Over wie het nu wel of niet heeft bedacht, dat het nu een retro-gerecht is, of dat het zo slim was samen gesteld uit produkten die net na de oorlog niet meer op rantsoen waren (pas in 1954 werd de laatste ban op vlees opgeheven). Enfin, wie er behoefte aan heeft, kan het even nalezen op de Wikipedia.


Het origineel, met rode wijn, zou in onze hedendaagse smaak wat vlak overkomen en de meeste varianten lijken niet veel meer op hun voorbeeld. Tegenwoordig heeft het overigens bijzonder veel weg van onze kipkerrie-salade. De Guardian heeft een aardig artikel aan de salade gewijd, inclusief het origineel, een slanke, snelle of chique variant. Maar zo zien de meeste recepten er nu uit:

Rappe Coronation Chicken a la Marsepein
Voldoende als beleg voor 4 broodjes

2 el mayonaise
2 el mango chutney
1 flinke tl kerriepoeder
1 el Griekse yoghurt
170 gram gegrilde of gekookte kip. Ik was zeer lui en kocht een gerookte kipfilet.
10 cm van een dun preitje (alleen het wit), in de lengte in vieren, en dan in reepjes
1 el geschaafde amandel (even kort getoast in een droge koekenpan)
1 el gehakte gedroogde abrikozen
een kneepje vers citroensap

Het recept is simpel eigenlijk: snijd de kip in stukjes. Meng alles voor de saus samen en voeg dan de rest toe. God save the queen...


En dan nog een koninklijk toetje. Al net zo simpel. Deze taart kennen wij in Nederland ook als arretjescake: gesmolten chocolade met boter, stukjes koek en gedroogd fruit. Toen prins William vorig jaar zijn Kate trouwde koos hij voor de Groom’s cake voor een lekkernij uit zijn jeugd. Men toog aan het werk om van 1700 biscuitjes en bijna twintig kilo chocolade een arretjescake van meerdere lagen te maken. Schattig toch? Alleen daarom zou je al van die jongen houden.


 
Groom’s cake
voldoende voor 24 bonbons, of 8 plakken
200 gr chocolade (puur of melk)
150 gr normale biscuitjes
45 gr roomboter
85 gr golden syrup, maar met vloeibare honing werkt het ook prima
8 bigarreaux (gekonfijte kersen), in stukjes
25 gr rozijnen
klein handje gehakte noten

Breek, sla of maal de koekjes klein tot behoorlijk kleine stukjes. Het lijkt alsof je vooral kruimels overhoudt, maar dat hoort zo. Voeg de kersen, rozijnen en noten toe.

Smelt de chocolade met de boter en honing of siroop in een waterbad (au bain marie). Giet de gesmolten chocolade bij de koekjes en meng het goed. Schep het in een kleine vorm (eerst bekleden met plastic folie helpt je bij het storten straks) en laat het minimaal twee uur opstijven in de koelkast. Snijd het daarna in plakken of blokjes.