11 februari 2015

Finse pulla of kaneel-vlechtbrood



Deeg vouwen is zulk dankbaar werk. Met een beetje gevoel voor origami en handenarbeid
maak je het mooiste brood. Hieronder vind je 1 recept, maar twee manieren van vouwen. Pulla bijvoorbeeld. Dat zijn Finse kaneelbroodjes, waarvan de onderkant breder is dan de bovenkant. Wanneer je dat laat rijzen, zullen de zijkanten zich als een bloem naar buiten vouwen.

Of zo’n vlecht, die er altijd veel moeilijker uitziet dan het eigenlijk is. Maar het is echt een fluitje van een cent.

Pulla en kaneel-vlechtbrood:
recept voor een bakplaat met broodjes of 1 vlechtbrood

250 ml lauwe melk
25 gr suiker
1 zakje gedroogde gist (7 gr) of 25 gr verse gist

450 gr wit broodmeel (geen bloem en ook geen pak broodmix) + extra voor het uitrollen (zeker 100 gr extra)
1 tl zout
50 gr zachte roomboter
1 ei
50 gr suiker
plus 1 ei om te bestrijken
eventueel een beetje kardemompoeder

vulling;
75 gr roomboter, zacht
75 gr suiker
een opgehoopte tl kaneelpoeder

Meng de lauwe melk, suiker en gist in een kom en laat het enkele minuten staan terwijl je de rest klaar zet.

Doe het broodmeel, zout, suiker en roomboter in een keukenmachine met het deegmes (of gebruik een mixer met deeghaken) en mix dit kort door elkaar of tot de boter in stukjes verdeeld is. Voeg dan het ei toe en het gistmengsel. Meng dit goed door elkaar. Het deeg zal slap en behoorlijk plakkerig zijn. Doe het over in een kom, dek af met een theedoek en zet het op een warme plek weg. Laat het deeg verdubbelen in grootte; daar zal het 1 tot 3 uur over doen, afhankelijk van de warmte. Geef het vooral de tijd, dat maakt het brood lekkerder.

Bestrooi een werkvlak met een ruime hand bloem en stort het deeg erop. Kneed het kort door met de bloem totdat het hanteerbaar is en niet meer plakkerig. Het mag wel een vrij slap deeg blijven.

Vorm het deeg: rol het deeg uit tot een grote rechthoekige lap van ongeveer een centimeter dik.
Maak de vulling door de boter glad te roeren met de suiker en het kaneelpoeder. Verwarm het een beetje in de magnetron; dat maakt het uitstrijken van de boter een stuk makkelijker. Smeer het dan uit over de lap in een egale laag en rol de lap deeg over de lange kant op.




Voor de kleine pulla broodjes doe je nu het volgende:

Snijd de rol in stukken, waarbij je om en om schuin snijdt: je moet smalle en brede boven- en onderkanten krijgen.


Zet de broodjes op een bakplaat met de smalle kant boven.

Voor het vlechtbrood, doe je het volgende:


Snijd de rol over de lengte voorzichtig door.


Leg de twee helften met de gesneden kant naar boven op een bakplaat en vouw/vlecht de helften losjes om elkaar heen. Vorm er een cirkel van.

Dan geldt voor beide soorten brood: leg er een theedoek overheen en laat het nog eens 1 tot 1,5 uur rijzen op een warme plek.

Verhit de oven op 200 graden (175 graden hetelucht). Klop het tweede ei los met een scheutje water en bestrijk de bolletjes/het brood hier voorzichtig mee met een kwastje.

Bak het brood in ongeveer 20 minuten gaar en bruin.





4 opmerkingen:

Anoniem zei

O, lekker, je brengt me op een idee: ik moet ze ook hoognodig weer eens bakken. Maar waarom gebruik je geen bloem?

Groet,
Lia

Eerst Koken zei

Omdat bloem niet bedoeld is om brood mee te bakken. Met bloem bak je cake. En koekjes. Er zitten niet genoeg gluten in onze standaardbloem en het resultaat wordt te 'brokkelig'. Ach, het zal best wel lukken, want er zit ook ei in het recept, maar met broodmeel wordt het gewoon veel elastischer en mooier.

Anoniem zei

Kan het brood tijdens de eerste keer rijzen ook langer dan 3 uur rijzen? Ik wil het graag de avond van tevoren maken en dan 's ochtends de laatste stappe volgen en bakken

Eerst Koken zei

Ja, dat kan, maar je kunt met veel minder gist toe. Kijk op dit blog eens naar het creuset-brood of de focaccia. Die laat ik allebei 12 uur in de koelkast rijzen.