31 augustus 2015

Cajunkip (of gehaktballetjes!) met chorizo, bonen en romige tomatensaus


Ik heb mijn foodmagazines opgeruimd… Er komt namelijk een moment dat mijn tweeling aparte kamers wil hebben (ze slapen nu nog samen) en dan moet er wel ruimte voor zijn. Daarom ben ik streng aan het hakken in mijn boekenkasten met culinaire inhoud. En geloof me, dat is ernstiger dan het nu misschien lijkt. Ik schat namelijk dat ik makkelijk aan de 200 tijdschriften kwam. Van de Tip Culinair tot aan vage Russische uitgaven waarvan ik slechts de plaatjes kan bekijken. En dan hebben we het nog alleen maar over de bladen, he? Want ik heb ook stapels (nee, STAPELS) met knipsels, EN enkele meters kookboeken. Zorgwekkend inderdaad… Alhoewel een mens een hobby moet hebben. Maar ja, de kinderen willen ook een eigen plekje hebben.

Ik ben dus alles bladzijde voor bladzijde aan het doorwerken en elk recept dat enigszins interessant lijkt fotografeer ik. Nu heb ik dus wel heel veel foto’s, maar die zijn iets makkelijker op te slaan. Maar ik ben lekker bezig 's avonds... Daar komt nog bij dat Meneer op pad was met die Noordpoolexpeditie die de afgelopen weken steeds zo leuk in het NOS journaal kwam, en daarbij was hij ook nog jarig op Spitsbergen, en dat was ook nog een speciale leeftijd die groots gevierd moest worden, dus of ik thuis in mijn uppie even een feest op poten wilde zetten. Tuurlijk... Ik had toch niets te doen. Vandaar dat er vandaag een blog verschijnt die al een tijdje klaar stond. Hij past niet bij een warme zomer, maar ik geloof dat we weer richting herfst gaan.

Dit recept komt uit een Zweeds magazine, maar de informatie over welke en wanneer is teloor gegaan in de papierstapel. Eigenlijk vind ik een hele kip ontzettend veel gedoe. Snijd dat maar eens netjes in porties met al die rode saus eromheen! Maar goed, het was wel erg lekker; goed vullend door de worst en bonen, sappig, romig (slagroom!) en pittig. We aten er stokbrood bij, waarmee je de tomatensaus goed kon oplepelen van het bord. Zeker in de herhaling dus, maar dan toch met alleen kippenbouten. Of misschien zelfs ontbeende kippendijen. En inmiddels heb ik het ook gemaakt met gehaktballetjes. Dat was eigenlijk nog lekkerder, dus dat recept zet ik er maar ook bij (zie onder):


Cajunkip met romige tomatensaus, chorizo en bonen

2 uien, gesnipperd
2 tenen knoflook, gesnipperd
2 el olie
2 blikken tomaatstukjes (van 400 ml)
1 klein blikje tomatenpuree (70 gr)
100 ml kippenbouillon
200 ml slagroom
2 tl chilivlokken of –poeder (of minder naar smaak; ik kan hier niet aankomen met zoveel chili)
2 tl oregano
1 tl komijnpoeder
zout
eventueel wat verse rode peper, gesnipperd
klein handje verse peterselie, gehakt
2 laurierblaadjes
200 gr chorizo, aan een stuk, en dan in plakjes/stukjes gesneden
1 blik bonen naar keuze (uitlekgewicht 250 gr). Ik gebruikte een blik gemengde bonen, maar allerlei soorten werken hier goed. Een grotere pot/blik kan je er overigens ook prima in kwijt, wanneer je de saus nog meer wilt vullen
1 kip (van ongeveer 1,5 kg)
3 el ketjap manis

of als je in plaats van kip toch voor de gehaktballen gaat, dan doe je eerst dit:
meng een kilo rundergehakt met 2 grote eieren, 100 gr verkruimeld/vermalen witbrood, een hand gehakte verse peterselie, 1 gesnipperde ui, 1 gesnipperde teen knoflook, 1 el komijnpoeder, 1 el oregano, eventueel chilipoeder naar smaak, zout, peper en een mini-blikje geconcentreerde tomatenpuree (70 gram). Rol daar ballen of balletjes van (ik maakte kloeke ballen van het formaat golfbal) en bak deze rondom aan in een koekenpan in olie of boter. Gaar hoeven ze niet te worden; bruin wel. Leg deze ballen bovenop de saus uit de rest van het recept en schuif het in de oven. 45 minuten in de oven is dan voldoende.

Maar goed, terug naar de kip...
Begin met de saus:
Fruit de ui rustig in wat olie. Voeg er in de laatste minuut de knoflook aan toe. Voeg dan alle ingrediënten tot en met de chorizo eraan toe. Roer het door en laat het even pruttelen.

Verwarm de oven voor 200 graden (175 graden hetelucht).

Wrijf de kip in met de ketjap. Doe de saus in een flinke ovenschaal en leg de kip er ook in.

Bak de kip ongeveer 60 - 70 minuten. Een kleinere kip of alleen kippenbouten kunnen uiteraard korter bakken.



27 augustus 2015

Ravioli met pistacheboter en mais, wortel en paprika


Die boter! Onthoud die even, want de rest van het recept is minder kritisch en daar kan je alle kanten mee uit. De pistacheboter is feitelijk een pesto op basis van pistachenoten en basilicum, maar dan niet met olijfolie, maar met roomboter. En dan krijg je dus iets wat ook niet zou misstaan op een stokbroodje. Maar het trekt een simpel bordje met pasta en groente ook op tot grote hoogte.   

Behalve ravioli kan je natuurlijk ook gewone pasta gebruiken, en in plaats van mais, wortel en paprika kan je net zo goed uitwijken naar courgette, asperges, broccoli, of wat dan ook...

Ravioli met pistacheboter en mais, wortel en paprika
recept voor 4 personen
bron: blog Half Baked Harvest


Voor de pistacheboter:
50 gr roomboter, op kamertemperatuur
handvol basilicumblaadjes (of de blaadjes van 5 takjes)
1 tl tijm
1 tl gedroogde oregano
50 gr gedopte pistachenoten
1 klein teentje knoflook
eventueel een kneepje vers citroensap
50 gr geraspte parmezaan
zout en peper naar smaak

verder:
500 gr verse (kaas)ravioli (uit de koeling) (of zo’n 300 gram gedroogde pasta)
beetje olie of boter om te bakken
300 gr wortel
300 gr maiskorrels (1 blik)
1 rode paprika
1 el balsamicoazijn


Maak eerst de boter door alles te vermalen in een keukenmachine. Ik vermaal eerst de noten en knoflook en voeg dan de rest toe om te mengen. Zet dit koud weg tot gebruik.

Snijd de groente in plakjes/stukjes en bak ze in wat olie of boter gaar en een beetje bruin. Let erop dat je de harde groente eerst bakt en daarna zachtere soorten toevoegt. Niet te dikke plakjes wortel kunnen wel samen met de paprika, maar de mais voeg je pas aan het einde toe. Voeg tenslotte een eetlepel balsamico toe.

Ondertussen de pasta gaar koken. Voeg daarna groente en pasta samen en schep de boter erdoor en laat het smelten. Niet laten bakken, alleen smelten!




23 augustus 2015

Baingan Bharta - het Indiase zusje van baba ganoush


Baba ganoush kent u misschien wel? De gepureerde auberginespread, die in de supermarkt naast de hummus staat? Nou, dit Indiase recept lijkt er wel wat op. Ze moeten het allebei heel erg hebben van een rooksmaakje, welke je verkrijgt door de aubergines te grillen en eigenlijk haast te blakeren. Dat doe je het liefste op een barbecue. Als je op een avond toch al klaar was met barbecuen en de kolen zijn nog wel even heet, leg er dan nog eens wat aubergines op voor de volgende dag. Rooster ze tot ze zacht zijn (je steekt er dan makkelijk een mes in) en de schil is dan waarschijnlijk zwart en gescheurd. Zonder barbecue kan je ze ook in de oven onder de grill leggen, totdat de schil net zo geblakerd is, maar je mist de rooksmaak dan wel grotendeels. Nog een andere optie is om een aubergine op de gasvlam op het fornuis te leggen. Je legt hem gewoon direct op de brander en je draait hem regelmatig met een tang. Je moet wel een beetje stevig in je schoenen staan, want na een paar minuten vat hij een beetje vlam. Dit is het moment om de aubergine nog heel even koelbloedig  boven de vlam te houden (laat de wasemkap uit – andere huisgenoten komen waarschijnlijk wel gealarmeerd kijken). Daarna hevel je hem over naar de grill van de oven om hem verder te garen. Rooksmaak is verzekerd.

Het fijngehakte vruchtvlees wordt vervolgens, zonder schil, gebakken met knoflook, ui , tomaat en koriander. Je eet het gerecht vervolgens warm bij rijst of naan, of als bijgerecht bij een Indiase curry, of je serveert het koud bij lekker Turks brood (even inkwasten met wat olijfolie en kort oppiepen in de oven voor een krokante korst). Ik vind hem koud trouwens het lekkerste.

O ja, nog even een belangrijke tip: voordat je de aubergine gaat grillen, prik hem dan even meerdere malen in met een mes. Als je dat niet doet, ontploft hij door het vocht dat niet weg kan, en ik kan u verzekeren dat een ontplofte aubergine echt heel erg naar is (erg heet en veel schoonmaakwerk).

Baingan Bharta
veganistisch recept
Indiaas bijgerecht voor 3 a 4 personen

2 gewone aubergines - zo’n 300 gram elk
1 grote ui, gesnipperd
olie om te bakken
5 tenen knoflook, gesnipperd
gehakte chilipeper of sambal oelek naar smaak 
2 a 3 grote tomaten (samen zo’n 300 gram), in kleine stukjes gehakt, met sap en zaadjes erbij. Je kunt ook uitstekend uitwijken naar tomaatblokjes uit blik.
zout naar smaak
een handje verse koriander, gehakt

Prik de aubergines in en gaar ze zoals hierboven al beschreven. Ze moeten zacht zijn en gemakkelijk in te prikken zijn. Laat ze daarna afkoelen en haal de schil eraf. De schil wordt weggegooid. Snijd ze doormidden en haal er eventueel een teveel aan zaadlijsten uit. Een beetje mag best, maar teveel zaadjes zijn niet mooi en bovendien zijn ze bitter. Hak het vruchtvlees met een groot mes fijn. Doe dit niet met een blender, want het hoeft nou ook weer niet babyvoer te worden.

Fruit de ui ondertussen in wat olie zonder te kleuren (tien minuten). Voeg er de knoflook en chilipeper aan toe. Laat dat nog een minuutje bakken op laag vuur en voeg daarna de tomaten toe. Bak dit enkele minuten totdat het wat droger wordt. Voeg dan de gehakte aubergine toe. Laat dit nog even bakken totdat het een dikke saus is. Breng op smaak met zout.

Meng er tenslotte de koriander door. Warm of koud serveren.




19 augustus 2015

Ardéchois (cake met kastanjecreme)


Wat heeft u deze zomer allemaal vanuit verre landen meegesleept naar huis? Zat er nog iets bruikbaars bij, of had u eenmaal thuis geen idee meer wat ermee gedaan moest worden? Zo'n blik met eendenpoten in hard vet wil op het eigen aanrecht nog wel eens vervelend detoneren met Hollandse kruidenierswaren. En in dat rijtje past ook die lekkere Duitse plakjes salami die Meneer 'varken gestanst in bloemvorm' noemde. Hij heeft niet zoveel met vleeswaren, maar ik daarna ook niet meer. En dan zijn er nog al die potjes fleur-de-sel, Oostenrijks zout met alpenkruiden en Hongaarse in stukjes geknipte pasta (tarhonya) die hier nu al jaren in de kast staan te verstoffen.

Maar goed, ik geef zelf dus regelmatig astronomische bedragen uit aan buitenlandse luxeproducten. Zo’n blikje kastanjecrème van Clement Faugier bijvoorbeeld. En het is gelukkig erg lang houdbaar, want het duurde inderdaad enkele jaren voordat ik mijzelf forceerde om het te gebruiken. In een cake. En vervolgens was dat zo’n succes, dat ik deze zomer zonder aarzelen een blik ongezoete kastanjepuree meepakte in Duitsland.



Kastanjes zijn erg veelzijdig en te gebruiken voor hartige en zoete bereidingen (en nog gratis ook, wanneer je de juiste bomen weet te vinden in de herfst): vers gepoft in de vuurton, gekonfijt, de puree vermengd met aardappelpuree bij een wildgerecht, of dus als gezoete crème met vanille. Met dat laatste kan je ook weer leuke dingen maken, zoals een tiramisu met laagjes mascarpone en kastanjepuree of het beroemde toetje Mont Blanc, waarvoor je gezoete kastanjepuree op slagroom stapelt. Het liefste ook nog met een meringue eronder.

Of een kastanje met amaretto roulade van de BBC Good Food. Het was erg simpel volgens de website… En het ging inderdaad goed totdat ik de cake moest oprollen. Eerst aan de verkeerde kant en daarna kwam het niet meer goed met de juiste kant. Gevalletje van ‘nailed it’:

Het origineel en mijn eigen, beroerde (maar -niet gelogen- lekkere) versie:
 

Nee, dan is deze cake een stuk simpeler. Hier kan je je geen buil aan vallen.

Ardéchois (cake met kastanjecreme)

2 eieren (L)
100 gr suiker
100 gr zachte roomboter
2 el vanille-extract of 2 zakjes vanillesuiker
snufje zout
200 gr kastanjecrème (crème de marrons – dat blikje is gezoet met suiker) OF 125 gr pure kastanjepuree uit blik en nog 75 gr suiker extra
125 gr zelfrijzend bakmeel

Klop of mix de eieren luchtig met de suiker. Voeg hier de boter, vanille en zout aan toe. Mix het goed door elkaar. Mix er daarna de kastanjepuree en eventueel de extra suiker door. Spatel er vervolgens het zelfrijzend bakmeel door.

Verwarm de oven voor op 160 graden (150 graden hetelucht).

Vet een springvorm van 20 cm in met boter en giet het beslag erin. Bak de cake 40 tot 45 minuten. Als je er een satéprikker insteekt, moet deze er weer schoon uitkomen.

Ps. Op de foto boven zie je een donkere laag bovenop de cake. Ik heb een restje puree (met wat suiker en met water verdund) over de cake heen gegoten.


Ik heb met hetzelfde recept ook een andere cake gebakken (foto boven). Ik gebruikte twee maal bovenstaand recept om een tulbandvorm te vullen. Deze bakte ik 70 minuten op 160 graden (150 graden hetelucht). Daarna maakte ik een witte ganache van 100 ml slagroom en 200 gram witte chocolade (chocolade in snippers hakken. Room verhitten en bij chocolade in een kom doen. Roeren tot de chocolade gesmolten is). Melkchocolade kan ook ( 100 ml room en 150 gram melkchocolade) en bij pure choco heb je nog minder nodig: 100 ml room en 100 gram chocolade. Laat de ganache afkoelen en wanneer het lobbig is, lepel je het over de cake. Bovenop drukte ik pecannoten in de ganache.




15 augustus 2015

Indonesische rempah balletjes (gehaktballetjes met kokos)


Ik heb deze Indonesische balletjes een aantal keer uitgeprobeerd, maar vind ze uiteindelijk het lekkerste zonder de scherpte van sambal of rode peper. Daarmee zijn ze misschien niet authentiek, maar toch snacken ze erg lekker weg bij de nasi of bami.

Indonesische rempah balletjes

150 gr geraspte, gedroogde kokos
500 gr rundergehakt
1 ei (L)
olie om te bakken

voor de specerijenmix:
1 kleine ui
2 tenen knoflook
2 tl korianderpoeder
1 tl komijnpoeder
2 tl zout

Stamp de ingrediënten voor de specerijenmix samen in een vijzel, eventueel met een scheutje water erbij. Fijnmalen in een keukenmachine kan ook.
Meng dan alle andere ingredienten erbij, samen met een flinke scheut water (anders wordt het met al die kokos erg droog) en vorm er kleine balletjes van. Bak ze bruin in olie. Je kunt er eventueel aan het einde nog wat ketjap bij doen om ze even in rond te wentelen in de pan.