2 juli 2013

Flensjes met broccoli-gorgonzolavulling


In de verte zou je hier nog een recept van Ottolenghi in kunnen herkennen. In zijn boek Plenty staat een recept voor een hartige taart met broccoli en gorgonzola, maar in de intro vertelt hij al hoeveel vet er in het baksel zit. Iemand had er commentaar op gehad en Ottolenghi vond dat je er niet over moest zeuren en gewoon lekker van moest genieten. Er zit inderdaad behalve de kaas en extra vette room ook nog eens een pond bladerdeeg in zijn recept. En dat gaat mij ook te ver. De vulling is dus geïnspireerd op zijn taart, maar flensjes leken mij een beter alternatief.

Flensjes met broccoli-gorgonzolavulling
voor 3 personen of 2 volwassenen met peuters erbij

Voor de flensjes kan je de halve hoeveelheid van dit flensjesrecept volgen. Ik maakte er 12 flensjes van (met een kleine koekenpan) en gebruikte er 10 voor een schaal van 20 bij 30 cm. Eventueel kan je wat verse kruiden zoals peterselie aan het beslag toevoegen.

Voor de vulling:

500 gr prei, schoongemaakt gewicht, in halve ringetjes gesneden
klontje roomboter
300 gr broccoli, schoongemaakt gewicht
250 ml crème fraiche (‘light’ gaat prima!)
1 opgehoopte el grove mosterd
150 gr gorgonzola dolce
handje gehakte bieslook
zout, peper
beetje olie om de ovenschaal in te vetten
handje geraspte kaas (bv Goudse)



Bereid eerst de flensjes volgens het andere recept en houd ze apart.

Voor de vulling:

smelt de boter in een pan en stoof de preiringetjes met een klein scheutje water en met het deksel op de pan in ongeveer 15 minuten zachtjes gaar. Kook ondertussen de broccoliroosjes in een andere pan in tien minuten beetgaar. Giet de broccoli af en druk de roosjes iets kapot, zodat de stukjes wat kleiner zijn. Te grote stukken zijn straks niet lekker in de vulling.

Voeg de crème fraiche, broccoli, mosterd en gorgonzola toe aan de prei en meng het totdat de kaas gesmolten is. Voeg de bieslook toe en breng op smaak met zout en peper. Haal van het vuur.

Verwarm de oven voor op 180 graden (160 graden hetelucht).

Leg in het midden van elk flensje een strook vulling en rol het flensje op. Leg het met de naad naar beneden in de ingevette ovenschaal. Bestrooi de flensjes met wat kaas en bak het nog eens 30 minuten. Ik had de vulling laten afkoelen, maar als je het heet verwerkt, kan je vast met minder oventijd toe. Het is vooral bedoeld om de kaas te laten smelten en het geheel door te warmen.

Oordeel van het smaakpanel: wow, het mag in de krant! Zelfs de notoire slechte eter Dochter Zo schept haar bord leeg! En wie zie ik de volgende dag het laatste gevulde flensje koud opeten? Is dat diezelfde dochter niet??


29 juni 2013

Zalm met avocado-mangosalsa



Hier moet je eigenlijk mensen voor uitnodigen, zo lekker is het.

Wij aten het met aardappels uit de oven en sla uit eigen tuin. Het liefste graag ook nog met een glas koele, witte wijn ernaast, en uiteraard zit je buiten, aan de tuintafel. Voor toe heb ik ook nog wel iets passends: een aardbeiendessert met Griekse yoghurt en gember.

Zalm met avocado-mangosalsa
Recept voor 4 personen

voor de salsa:
1 kleine, rijpe avocado (ongeveer 100-150 gram schoongemaakte avocado), in heel kleine blokjes
1 kleine mango (of ongeveer 200 gram schoongemaakte mango) , in heel kleine blokjes
1 klein rood uitje, zeer fijn gesnipperd
1 kleine tomaat, in heel kleine blokjes
2 el gehakte verse koriander
sap van ½ kleine citroen, of 1 limoen
een stukje rode peper, gesnipperd, maar een theelepel sambal oelek volstaat ook prima
zout naar smaak

verder:
4 stukken zalmfilet
olijfolie
zout



Wanneer alles voor de salsa in mooie kleine blokjes is gesneden, hoef je het alleen maar om te scheppen en het is klaar. Maak het niet te lang van tevoren, omdat de avocado bruin kan kleuren. Dek het in ieder geval af en bewaar het op kamertemperatuur (anders is het straks te koud bij de vis).

Bak de zalmfilets in wat olie gaar en iets bruin (ongeveer 4 á 5 minuten per kant).

Serveer de zalm met de salsa erbij. Garneer eventueel met iets koriander.

 

 

 

24 juni 2013

Aardappels uit de oven



Na een bakblog (oeps) kreeg ik deze maand een glutenvrij blog (ai…) toegewezen voor de foodblogswap (foodbloggers koken en publiceren recepten van een door hogere hand toegewezen blog). Het gaat erom dat je uit je comfort zone wordt gehaald en ik moet zeggen dat ze dat aardig lukt. Ik heb een aantal recepten overwogen van het blog Kook De Wereld Rond, maar wij leunen hier nogal op gluten, om niet te zeggen dat de Eerst Koken-keuken is gebouwd van gluten, dus het viel niet mee. Ik ben dus fijn in mijn comfort zone gebleven, en aangezien ik zelf ook wat wilde schrijven over het bruin bakken van aardappels, koos ik het recept voor “Roasties”.

Tja, beetje aardappels bruin bakken, denkt u nu, dat kan mijn dochter van tien, terwijl ze met haar Nintendo speelt, en facebookt met vijf vriendinnen, maar dat onderschat u nu toch eventjes. Achter een goed gebakken aardappel zit namelijk een hele wetenschap.

Om te beginnen de aardappel zelf: op onze zaterdagmarkt staat een kraam met alleen maar aardappels. En een beetje knoflook. Meer hebben ze niet, maar ik vind het briljant. Tegenwoordig staat er op de zak in de supermarkt vaak niet eens meer welke aardappel er precies in zit. Dat is toch raar? Maar deze marktmannen (het zijn ook heel fijn van die tja, echte boeren, met handen als kolenscheppen, waarmee ze ook duidelijk de hele dag een beetje door die bakken aardappels graaien) hebben verstand van zaken. Je kunt ze voorleggen wat je gaat koken en dat pakken ze er direct de juiste knol bij. Kortom, ik koester die lui. En wat zouden ze u nu verkopen voor die gebakken aardappels? Dat luistert dus erg nauw: je moet iets kruimige aardappels hebben. Geen afkokers uiteraard, want die vallen uit elkaar, maar zeker ook geen vaste aardappel, want die blijven zo glad als een babybilletje en daar heb je niets aan. De iets kruimige aardappel kun je een beetje oprullen aan de buitenkant, zodat hij allerlei randjes en deukjes krijgt waar vet een knapperig korstje aan kan bakken. Wie wel eens een vaste aardappel heeft geprobeerd bruin te bakken, begrijpt wat ik bedoel. Dat is vrij zinloos. Nieuwe aardappels moet je maar reserveren voor een salade, want ze zijn bedroevend slecht in andere kunstjes dan simpelweg koken.


Een mooie grootte voor de stukken aardappel is een brok van twee happen groot. En snijd liever grote aardappels in stukken dan kleine heel te laten. Snijden geeft randjes en randjes worden knapperig.

Was de aardappels na het schillen, maar bewaar ze niet in water. Schil ze gewoon direct voor je gaat koken. Van bewaren in water worden ze te nat.

Verder schijnt het zo te zijn dat als je de aardappels twee dagen in de koelkast legt, ze mooier bruin bakken. Van kou worden aardappels zoet en dat wil je normaliter vermijden, maar in dit geval zou het een mooier korstje opleveren. Ik heb het zelf nog niet geprobeerd. Bovendien ga ik aardig georganiseerd te werk, maar dit gaat mij wat ver.

Aardappels uit de oven
recept voor 4 personen

1200 gram geschilde iets kruimige aardappels
4 -5 el olie (olijf- , zonnebloem- of arachideolie bv), of nog beter, twee royaal opgehoopte el eenden- of ganzenvet
zout


Zet de oven aan op 200 graden (180 graden hetelucht). Neem een flinke ovenschaal (een stalen braadslee is ideaal) en doe hier de olie of het vet in. Zet dit direct in de oven, zodat de schaal en het vet straks gloeiendheet zijn.

Snijd de aardappels in stukken van zo’n twee happen groot. Breng een grote pan met ruim water aan de kook. Als het kookt voeg je wat zout en de aardappels toe. Kook ze precies 6 minuten. Giet ze goed af en zet de pan terug op laag vuur. Schud met het deksel erop de aardappels nu rustig heen en weer, zodat de buitenkant een beetje kapot gaat en oprult. Misschien breekt er een stukje af, maar dat is niet erg. Haal het deksel er dan af en laat ze heel even droog stomen, zodat er geen vocht meer in de pan zit. Haal de braadslee uit de oven en schep de aardappels voorzichtig in het vet. Schep het door, zodat ze bedekt zijn met olie, leg ze in een enkele laag, en zet dit direct terug in de oven.

In totaal moeten ze zeker een uur bakken, maar het zal eerder vijf kwartier zijn, of in ieder geval tot ze prachtig goudbruin zijn. Na 30 minuten schep je ze eens om, en op het eind ook nog eens. Schep ze dan over in een schaal en bestrooi nog eens met (grof) zout.

Overigens kan je ook kloeke stukken ui en hele tenen knoflook meebakken. Of schep wat tijm of rozemarijn om met het vet. Of zout de aardappels als ze de oven in gaan.


20 juni 2013

Duitse käsekuchen



Naast mijn bed ligt het boek Mijn keuken in Berlijn van Luisa Weiss, ook de schrijfster van het foodblog The Wednesday Chef. In het boek beschrijft ze haar liefde voor eten en hoe ze er toe kwam om te gaan bloggen, en dat allemaal in een raamwerkje van liefdesverdriet en haar grote liefde, die in Berlijn op haar bleek te wachten. Dat leek mij een fijne combinatie voor een boek. Veel vrouwen lezen graag over de liefde, en als dat ook nog kan worden gecombineerd met wat lyrische beschrijvingen van lekker eten, dat zit je al snel goed. Het is dan ook een onderhoudend boekje geworden, maar ik wil niet zeggen dat je nu ter plekke naar de boekhandel moet rennen. Ik doe er nu al een paar weken mee, dus een pageturner is het niet. Maar zo af en toe komt ze met een recept dat mij aanmoedigt om mijn schort weer om te knopen. En verder is het simpelweg een plezierig verhaaltje om voor het slapen gaan te lezen.

Er was één recept uit het boek dat direct bleef hangen en dat was de Duitse käsekuchen; een ver familielid van de New York Cheesecake, maar dan gemaakt van magere kwark. Met andere woorden: luchtiger, minder zwaar, veel minder calorieën, minder schuldgevoel en als supersnel dessert klop je het in een oogwenk samen en de rest wordt gedaan door de oven. Er zit ook nog eens geen korst of bodem bij, dus het is echt niet meer dan alles samen roeren en bakken. Een makkelijk dessert voor als je snel iets moet maken, en het er uit moet zien alsof je er veel langer voor in de keuken hebt gestaan.

Ik heb hem ook gemaakt met stukjes abrikoos door het beslag, maar de taart werd er wateriger, losser en zelfs korreliger van, ook al was het fruit echt goed droog gedept. Dus ik houd het bij dit basisrecept en de toegevoegde waarde moet komen van het fruit dat je erop schept.


Duitse käsekuchen
Voor een springvorm van 23 of 24 cm doorsnede. Desnoods kan een ovenvorm waar je het dessert aan tafel uitschept ook.

boter en bloem voor de vorm
900 gr Franse, magere kwark
140 gr suiker
1 el vanille-extract (of vanillesuiker)
4 grote eieren (L)
3 el maizena (niet afgestreken, niet met een kop erop, maar iets ertussenin)
100 gr roomboter, gesmolten
2 el bloem (ik doe er wel een kop op, 2 flinke lepels bloem dus)
2 tl bakpoeder
geraspte schil en sap van 1 schoongeboende citroen

Verwarm de oven voor op 190 graden (170 graden hetelucht). Vet een springvorm van 23 of 24 cm in met boter en bestuif daarna de bodem en randen met bloem.

Klop in een kom alle andere ingrediënten tot een glad beslag, en giet het in de springvorm.

Bak de taart 50 tot 60 minuten in de oven, tot de bovenkant bruine plekken begint te krijgen. Het midden kan nog wat bewegen, maar zal verder opstijven bij het afkoelen. Volgens het boek is de taart na 45 minuten klaar en heel erg bruin, maar op dat moment is het bij mij nog niet eens helemaal gaar! Houd hem dus in de gaten, want elke oven is anders.

Laat de taart volledig afkoelen, voordat je de springvorm eraf haalt en aansnijdt.  Je kan er fruit opscheppen, zoals frambozen of aardbeien.

Oordeel van het smaakpanel: gemengde gevoelens. Taart klinkt altijd wel goed, maar de kinderen stelden zich er toch iets anders bij voor. Met slagroom en chocolade, vermoed ik. Ik vind het zelf een goed zomers dessert, vooral ook omdat het lekker licht is.

17 juni 2013

Linzenkoekjes Tikka Masala


Weet je wat lekker is in een worteltaart? Garam masala. Het Indiase mengsel van onder andere kaneel, korianderpoeder, komijn, anijs, gember is kruidig en wordt in principe vooral gebruikt voor hartige recepten, maar probeer het ook eens als vervanging van kaneel, en wanneer het kruidig mag zijn. Snuffel wel even goed aan het poeder, want er zijn veel verschillende varianten en er zijn ‘zoetere’ en kruidigere soorten. Ik nam laatst een pot uit London mee, waar ik in de supermarkt kon kiezen uit meerdere soorten, zelfs binnen één merk dat mildere en hetere mengsels maakt.

Maar dan nu iets hartigs, daar is het tenslotte voor bedoeld. Deze vegetarische koekjes zijn verrassend stevig en vullend. De saus is geurig en romig en ik was er zeker mee in mijn nopjes. Er hadden misschien iets meer specerijen in gekund, maar dit is het originele recept. Ik nam een milde soort mee uit London, maar voor dit recept mag het wel wat pittiger zijn. De hoeveelheid saus heb ik wel aangepast, want ik was uiteraard benauwd dat er niet genoeg zou zijn, maar er was zat. Meer dan zat. Veel te veel eigenlijk. Ik heb toch de ruime hoeveelheid aangehouden, want te weinig saus is maar ellendig.

Linzenkoekjes Tikka Masala
recept voor 4 personen
bron: Food52 website

Voor de linzenkoekjes:
250 gr gedroogde linzen
½ ui, gesnipperd
1 el geraspte verse gember
1 el verse koriander, gehakt
2 tl garam masala
50 gr bloem
1 ei (L)
1 tl zout

Voor de saus:
1 ui, gesnipperd
400 ml passata (tomatensaus)
180 ml slagroom
180 ml yoghurt
1 tl kaneel, 1 tl kurkuma en 1 flinke el gehakt verse koriander
zonnebloem- of arachideolie


De koekjes:
Kook de linzen en uisnippers in ruim water en op laag vuur gaar (in ongeveer een half uur). Voeg aan het einde wat zout toe. Giet ze af en pureer ze in een keukenmachine als ze nog warm zijn. Ze zijn dan beter te verwerken.

Voeg de andere ingredienten voor de koekjes toe en meng het goed. Breng op smaak met zout en peper. Laat het dan enkele minuten staan zodat het meel vocht kan opnemen en probeer er dan balletjes van te draaien. Het is een vrij slap deeg, maar je moet er makkelijk balletjes van kunnen vormen. Voeg desnoods nog iets bloem toe. Maak 8 balletjes en druk ze plat tot dikke koekjes.

Bak de koekjes in olie in een koekepan bruin.

De saus:

Fruit de ui ondertussen in een hapjes- of braadpan tot het zacht is. Voeg alle andere saus-ingredienten toe,  meng het door en laat het zachtjes 10 minuten sudderen. Pureer het dan met een blender of staafmixer tot een gladde saus.

Serveer de koekjes met rijst en de saus.

Oordeel van het smaakpanel: de meningen zijn verdeeld en niet perse lyrisch. Het koekje vinden de kinderen wel okee, maar de saus wantrouwen ze. Ten onrechte. Die likte ik persoonlijk nog uit de pan.